FILM: Leviathan

Kokende diepte

Al jaren tekent vernieuwing in het genre documentaire zich af in de wijze waarop makers zich laten inspireren door de stijl van fictie. Daar komt nu verandering in – met Leviathan van de Franse filmmaker en antropoloog Véréna Paravel en Lucien Castaing-Taylor, hoogleraar antropologie en oprichter van het Sensory Ethnography Lab aan Harvard University.

Medium leviathan trailer 484x269

Door geijkte conventies te verwerpen onderzoeken Paravel en Castaing-Taylor de mogelijkheden van een soort cinema waarin alles erop gericht is de zintuigen van de kijker te prikkelen.

De setting is twee vissersboten op de Noord-Atlantische Oceaan in de omgeving van New England. De personages, de bemanning, blijven vrijwel onzichtbaar, behalve als schimmige figuren die op het dek de netten binnenhalen en de vangst verwerken. De betekenis is niet afhankelijk van handelingen of tekst, maar valt te distilleren uit de wijze waarop het lichaam van de kijker reageert. Wat we horen en zien, en het resultaat van de verwerking hiervan door onze hersenen – daar gaat het om. Zo bezien past Leviathan bij wat ‘cinema van de beleving’ zou kunnen heten, werken als Avatar van James Cameron of de laatste films van Terrence Malick waarin alle filmische elementen in dienst staan van het scheppen van een sensorische ervaring.

Hierbij speelt het filosofische of spirituele een sterke rol. Zou het toeval zijn dat zowel Malick in zijn meesterwerk The Tree of Life als de makers van Leviathan het bijbelse boek Job citeren? Malicks film begint met een citaat, het antwoord van God op de vraag van Job waarom hij zo moet lijden: ‘Toen ik de fundamenten voor de aarde legde, waar was je toen? Vertel het, als je er iets van af weet.’ Leviathan opent met tekst uit Job 41, onder meer de beschrijving van een zeemonster: ‘Zijn kern is zo hard als een stuk van de onderste molensteen… Het zwiepen van zijn staart doet de diepte koken als een ketel… Op aarde is geen een zijns gelijke, die zonder angst is gemaakt.’

Nog meer referenties vallen te ontdekken, onder meer aan Moby Dick van Herman Melville en Leviathan van de Engelse filosoof Thomas Hobbes. Dat laatste is relevant, omdat Hobbes’ visie op het belang van de tastbare werkelijkheid eigenlijk de basis van de film vormt. Leviathan ontkent symboliek of bedekte of verzonnen betekenis. Daarom is het een film die zich niet laat bekijken, maar een film die eist te worden ervaren. Op zee, waar er nauwelijks boven of onder is en de camera, de subjectieve blik, constant op en neer gaat in volmaakte synchronie met de zee en de zwaartekracht en onverwacht de lucht in schiet, nu het perspectief van een zeemeeuw, en dan weer naar beneden valt om samen met de zwerm onder de zee-oppervlakte te duiken en seconden later weer te voorschijn te komen en zwiepend naar boven te gaan. Zoiets. Een ervaring. Ook van het dobberende scheepsdek waar dikke, vieze kabels als krioelende slangen of als de tentakels van een monster of als de glibberende ingewanden van een roestig, mechanisch wezen constant in beweging zijn, onophoudelijk de netten binnenhalend waarin vissen rood en opgeblazen liggen te spartelen en naar lucht happen.

Leviathan is veelkoppig: een filosofisch traktaat over de nietige mens en de almachtige God, een sciencefictionfilm gesitueerd in een vreemde, gevaarlijke wereld, een blik op onze gruwelijke aanwezigheid in een omgeving waarvan we zo weinig weten en waarin wij zo moeilijk passen dat we net zo goed buitenaards zouden kunnen zijn. Wat deze film ook is, de wijze waarop hij gemaakt is en de effecten van dat productieproces op de kijker representeren iets volkomen nieuws.


Te zien op het Idfa Amsterdam, 14 t/m 25 november