Koninginnen

Met de benoeming van Carol Ann Duffy heeft het Verenigd Koninkrijk voor het eerst in 350 jaar een vrouw als Poet Laureate.

Jezelf een nieuwe gewoonte aanleren, vergt veel herhaling. Ook dit jaar ben ik nog niet aan het woord ‘Koningsdag’ gewend. Het zal nog wel een paar decennia duren, want imkers zijn koppige mensen. Bovendien is de term ‘Koninginnedag’ voor bijenhouders hardnekkig omdat het voor ons zo vanzelfsprekend is dat een vrouw aan het hoofd van een volk staat.

Emancipatie heeft tijd nodig. Soms heel veel, getuige de benoeming van de eerste vrouwelijke Poet Laureate in het Verenigd Koninkrijk – staat met de langst zittende vorstin. Op 1 mei 2009 werd Carol Ann Duffy voor een periode van tien jaar benoemd tot hofdichter. Onlangs was ze in Nederland en daarom besloot ik me in de traditie te verdiepen.

Het 350 jaar oude ambt is tot nu toe alleen door mannen vervuld. Grote dichters als Ted Hughes, John Betjeman, William Wordsworth en William Whitehead, maar toch; allemaal mannen. Vroeger moest de Poet Laureate gedichten schrijven bij koninklijke bruiloften, begrafenissen en geboorten. Tegenwoordig is de onderwerpkeuze vrij en reageren dichters vaak op de actualiteit, net als de Dichter des Vaderlands in Nederland. Naast het salaris krijgt de Poet Laureate een toelage in de vorm van 720 flessen sherry.

Hoewel Engeland veel goede vrouwelijke dichters kent, is Carol Ann Duffy een heel toepasselijke eerste koningin van de poëzie. Al in haar vroege werk gaf ze vrouwen die normaal gesproken ongehoord blijven een stem. Een befaamd gedicht is Standing Female Nude waarin we de gedachten lezen van het naaktmodel van een schilder, een typisch mannelijk genie, vermoedelijk gebaseerd op Georges Braque.

Belly nipple arse in the window light,
he drains the colour from me. Further to the right,
Madame. And do try to be still.
I shall be represented analytically and hung
in great museums. The bourgeoisie will coo
at such an image of a river-whore. They call it Art.

In Duffy’s bekendste bundel The World’s Wife (1999) spreken de vrouwen van bekende mannen uit onze wereldgeschiedenis en mythologie. We lezen gedichten over Mrs Sisyphus, Mrs Midas, Frau Freud, Pope Joan en Mrs Darwin.

7 April 1872

Went to the Zoo
I said to Him –
Something about that Chimpanzee over there

reminds me of you.

De afgelopen 350 jaar was de Poet Laureate een man. Carol Ann Duffy vindt gelukkig humor in elke pijnlijke, seksistische situatie. Dus deze titel draagt zij geheel in stijl, met de nodige ironie. Zo treedt ze regelmatig op met muzikant John Sampson, die ze tijdens haar optreden in Amsterdam introduceerde met de woorden: ‘This is John, the queen gave him to me.’

Bijenkoninginnen hebben ook lang op erkenning moeten wachten. Mede doordat Plinius de Oudste halverwege de eerste eeuw na Christus een encyclopedie publiceerde waarin hij schreef dat aan het hoofd van elk bijenvolk een koning stond. Hij kon zich niet voorstellen dat zulke intelligente dieren door vrouwen werden geleid en schreef in zijn Naturalis historia:

‘Er zijn twee soorten koningen: de goede zijn rood, de slechte zwart en bont. Alle koningen zijn altijd opvallend mooi en dubbel zo groot als de andere bijen, ze hebben kortere vleugels, rechte poten, lopen meer opgericht en hebben op hun voorhoofd een witte vlek die schittert als een diadeem.’

Carol Ann Duffy heeft veel over bijen geschreven, daarom hoop ik dat ze ooit nog een gedicht schrijft over Mrs Pliny. Ik stel me voor dat die door het keukenraam naar buiten kijkt, waar haar man midden op het grasveld staat en als een bezetene de hemel afspeurt. Hoofdschuddend vraagt ze zich af waarom iedereen hem zo serieus neemt; een man die denkt dat honing ’s nachts uit de hemel komt vallen. Hij noemt het ‘spuug van de sterren’.