Koppig naar de ondergang

‘ER IS EEN zenit in het leven van de mens Dat aangeeft waar de culminatie en de top Van al hun kracht, succes en zelfvertrouwen is

Bereikt. En als dat stadium voorbij is dan Verwijderen de sterren en planeten zich Van deze constellatie die zo gunstig was, Begint het tij te keren, heel onopgemerkt Voor elke mens die ooit de eerste van zijn soort Geweest is. Zo verdoemd en rot zijn wij van aard Dat nooit een mens die vroeger door de Sterren werd Begunstigd, inziet dat zijn kansen zijn gekeerd. Hij volgt halsstarrig, blindelings de koers Die leidt tot zijn vernietiging - hij ploetert rond In groeiende vertwijfeling en waanzin En haast zich koppig naar zijn ondergang.’
WIE HEEFT de tragiek van de overmoedige politicus beter beschreven dan Frits Bolkestein, van wie de hierboven geciteerde passage stamt? In zijn treurspel Floris, graaf van Holland eerder dit jaar verschenen bij uitgeverij Prometheus, twintig jaar na de originele publikatie in het Engels) toonde hij zich een uiterst gevoelig waarnemer van de gevaarlijke cocktail van hybris en politiek bedrijf. In de figuur van Floris de Vijfde, der Keerlen Gods, vond Bolkestein de ideale vertolker van dit dilemma. Ondanks alle wijze raadgevingen om meer acht te slaan op de onvrede die leefde onder de hem omringende edelmannen, volhardde de zich onkwetsbaar voelende Floris, aldus Bolkestein, in zijn autocratische lijn. Zijn mateloze populariteit onder boeren en buitenlui vergelijkbaar met het huidige electoraat van de VVD) ontsloeg hem van de plicht te luisteren naar zijn directe omgeving, zo meende de graaf, die zich de consequenties van deze overtuiging pas ten volle gerealiseerd moet hebben toen hij in het Muiderbergse zand crepeerde onder de zwaardslagen van zijn coalitiepartners. ‘Uw hoge sprongen zijn gedaan’, zouden die laatsten volgens de geschiedenisboekjes bij deze gelegenheid hebben gesproken.
Hoe heeft het in godsnaam kunnen gebeuren dat Frits Bolkestein met even grote blindheid als die tragische dertiende-eeuwse edelman in de politieke valkuil is gestapt waarvan hij de contouren zelf zo messcherp had geschetst? Het zeldzame staaltje van politieke zelfvernietiging dat Frits Bolkestein afgelopen zaterdag ten beste gaf op Schiphol, is eerder voer voor psychologen dan voor parlementair verslaggevers. Het was daarom van een hogere symboliek dat Fons de Poel, in korte tijd uitgegroeid tot Bolkesteins ergste kwelgeest, de uitzending van de actualiteitenrubriek Netwerk van afgelopen zondag - waarin wederom een publicitaire nekslag voor de VVD-fractieleider - besloot met het interviewen van een ex-CIA-psycholoog die belast was geweest met het freudiaans fileren van wereldleiders als Jeltsin, Saddam Hoessein en Netanyahu. Jammer alleen dat De Poel naliet deze expert te raadplegen over de diepere achtergronden van Bolkesteins farmaceutisch gestuurde kamikazevlucht van Cyprus naar Schiphol. Nu blijft het toch maar gissen.
IN BESLOTEN gezelschap merkte een jonge politiek analist met lichte PvdA-voorkeur onlangs op dat Bolkesteins zwakheid ligt in het weerwoord. Zolang Bolkestein ongestoord kan oreren, is hij volgens deze analist moeilijk te verslaan. Maar zodra hij in de rede wordt gevallen met een harde kritische noot, is de kans dat de grootste spreker die het liberale volksdeel sinds Harm van Riel heeft voortgebracht, begint te hakkelen als een niet-tekstvaste toneelspeler die zijn souffleur zojuist uit zijn hokje zag wegsprinten - stijl-Enneüs Heerma zullen we maar zeggen - zeker niet ondenkbeeldig.
Afgelopen zaterdag werd die duistere profetie ten volle bewaarheid. Bolkesteins persconferentie liep al bijna ten einde en het leek er sterk op dat hij er zonder noemenswaardige kleerscheuren doorheen was gekomen. Voorafgaande aan Bolkesteins verklaring hadden Koot en Bie de stemming er nog danig in gekregen bij het als sardientjes opgepakte persvolk in het piepkleine perscentrum van de luchthaven. Hun sketch over mega-belangenverstrengeling, met De Bie als 'de verschrikkelijke Bolk’ en Van Kooten al even overtuigend als ex-Brinkman-voorlichter en huidig RTL-verslaggever Frits Wester, beloofde het beste voor wat komen ging. Eindelijk had de Nederlandse politiek dan een eigen affaire van formaat te pakken. Weliswaar draaide alle consternatie om zoiets rustieks als bloedrukverlagende pillen, maar toch.
Feit was dat de onoverwinnelijk geachte Bolkestein, de eerste fractieleider sinds Romme die zijn regering in een wurgende greep leek te hebben, in een week tijd op ongekende wijze gezichtsverlies had geleden. Alle parlementaire commentatoren, van Lunshof in De Telegraaf tot J. van Tijn in Vrij Nederland, hadden zijn onbegrijpelijke stilzwijgen in Cyprus over de door Netwerk aangezwengelde MSD-affaire in de scherpste bewoordingen afgekeurd. Zowel Wallage als Wolffensperger hadden bevestigd dat het hier ging om een extraordinair geval van belangenverstrengeling. Wim Kok lachte in zijn vuistje. Met een sardonische glimlach rond de mondhoeken sprak de minister-president afgelopen vrijdag, een dag voor Bolkesteins terugkeer, over 'de grote medicijnman’.
Er kon kortom van alles gebeuren. Was Bolkestein niet de man van de 'Carrington-doctrine’: de met veel bravoure verkondigde stelling dat een politicus die de schijn tegen zich heeft, het beste het veld kan ruimen?
Gaandeweg de persconferentie zakte de stemming echter aanzienlijk in bij het perscorps. Met brede glimlach was Bolkestein blijven herhalen dat hij als commissaris van Merck, Sharp & Dohme - het machtige farmaceutische conglomeraat waarvan de laboratoria de wereld eerder hadden verblijd met bewustzijnsverruimende substanties als heroïne en ecstacy - immer 'zorgvuldig en terughoudend’ had opgetreden.
Zijn handelwijze ter promotie van de MSP-medicijnen Zocor en Cozaar was juist het schoolvoorbeeld van staatkundig zuiver handelen, hield Bolkestein zijn gehoor voor. Door zijn verzoek aan minister Borst van Volksgezondheid ten bate van MSD op schrift te stellen, had Bolkestein zich naar eigen zeggen meer dan voorbeeldig getoond. Altijd was duidelijk geweest dat hij de medicijnen aanprees in zijn hoedanigheid van commissaris, niet van politicus.
Hoeveel kamerleden schoten een bewindspersoon niet boven een bord biefstuk in het kamerrestaurant aan voor een of andere gunst? Dat was pas onzuiver, aldus nog steeds Bolkestein. Als hij als commissaris van MSD het bedrijfsbelang had bepleit bij politiek en ambtenarij, dan ging het telkens om eenmalige acties, formeel op schrift gesteld, en niet verder gevolgd door duw- en trekwerk achter de gordijnen.
Met groot dédain sprak Bolkestein over de buitenproportionele aandacht die de aanwezigen hadden besteed aan de onthulling van De Poel en zijn makkers. Het was in zijn ogen onbegrijpelijk dat de vaderlandse pers hem tijdens zijn werkvakantie op Cyprus als een roedel overspannen paparazzi had achtervolgd, terwijl de VVD-leider op dat moment druk in de weer was met stille diplomatie om het radeloos verscheurde Grieks-Turkse eiland van totale desintegratie naar Bosnisch model te behouden. 'Maar ja, men moet de zaken in proportie zien’, sneerde Bolkestein. Met het Brandpunt-team dat met de gewraakte Netwerk-uitzending was gekomen, wilde hij sowieso niets meer te maken hebben sinds hetzelfde team zijn verleden bij Shell had uitgespit en de Fiod had benaderd over het vermeende bestaan van een geheime bankrekening van Bolkestein in Zwitserland, een rekening die, zo verklaarde Bolkestein gebelgd, 'niet eens bestaat’. 'Deze lieden hebben mij zo onheus behandeld dat ik verder contact niet meer op prijs stel’, klonk het vastberaden.
Zo ging hij drie kwartier staccato door, hautain, zelfverzekerd en blakend van onschuld. Routineus handelde Bolkestein nog even de laatste interviews voor de televisie af. Ten behoeve van de kijkertjes van het Jeugdjournaal beklaagde hij zich nog eens over de malicieuze behandeling die hem ten deel was gevallen. Enkele verslaggevers dropen reeds teleurgesteld af toen een jonge verslaggever van de VPRO-radio op beleefde doch dwingende toon nog enig belet vroeg bij de al voor vertrek klaarzittende Bolkestein. Bolkestein, in winning mood, stemde in. Daarna werd in enkele minuten afgebroken wat hij in drie kwartier had opgebouwd.
DE VERSLAGGEVER herinnerde Bolkestein aan een gesprek dat hij als fractieleider had gehad met directeur-generaal Sangster van het ministerie van Volksgezondheid. Sangster had het gesprek, handelend over een de farmaceutische industrie onwelgevallige prijzenwet voor poeders en pillen, afgebroken toen Bolkestein omstandig de Zocor-pil begon aan te prijzen. De ambtenaar wenste niet te spreken over belangen van een enkel bedrijf. Sangster, inmiddels secretaris-af, verkeerde in de rotsvaste overtuiging dat Bolkestein sprak als politicus, niet als MSD-commissaris, zo vertelde de VPRO-journalist. Bolkestein verbleekte bij het aanhoren van dit relaas. 'Ik kan het allemaal niet volgen’, sprak hij geslagen. En daarna, met iets van hervonden felheid, maar nu over the top: 'Wat Sangster zegt laat mij Siberisch.’
Tot overmaat van ramp bleek VVD-senator Dick Dees, indertijd bij het gesprek tussen Bolkestein en Sangster aanwezig, ook gepolst door de VPRO-man. Ook Dees zei dat niets erop had gewezen dat Bolkestein bij die gebeurtenis in een andere hoedanigheid dan als fractievoorzitter aan het woord was. Pietluttigheden wellicht, maar wel pietluttigheden die ervoor zorgden dat het hele zo zorgvuldig geconstrueerde betoog van Bolkestein als een kaartenhuis in elkaar donderde. Plotseling stond de pers oog in oog met een bedremmelde Bolkestein, die naar woorden zocht en ze niet vond. Nog net voordat de deceptie geheel zichtbaar kon worden, werd Bolkestein afgevoerd door zijn mediaconsultants, die de zwartste dag van hun carrière beleefden.
In plaats van ze voor eeuwig in verachting te smoren, had Bolkesteins persconferentie de verdenkingen op zijn persoon alleen maar vergroot. Voor Fons de Poel, de volgende dag weer op het scherm in de ploegendienst van Netwerk, was het kat in het bakkie. Het enige wat hij hoefde te doen, was het uitzenden van Bolkesteins toegift op Schiphol, die fatale minuten waarin Frits Bolkestein steeds wanhopiger verstrikt raakte in zijn eigen hoogmoed.
Jan Marijnissen, fractieleider van de Socialistische Partij, zag de persconferentie op televisie met groeiende verbazing aan. 'Bolkestein maakte het alleen maar erger voor zichzelf’, zegt hij. 'Door een week lang niet te willen reageren op de eerste uitzending van Netwerk, dwong hij Wallage en Wolffensperger ertoe vergaande uitspraken te doen, uitspraken die weer haaks staan op wat Bolkestein zaterdag heeft verklaard. In plaats van toe te geven dat het stom van hem was geweest en dat hij het MSD-commissariaat zou opgeven, probeerde Bolkestein zaterdag zijn handel goed te praten, en dat ging dus niet.’
De voorstellen die Marijnissen belooft te doen in het kamerdebat over de pillencrisis van paars - bij het ter perse gaan van deze Groene moet dat debat nog beginnen - klinken alleszins redelijk. Marijnissen wil een 'aangescherpte gedragscode’ voor parlementariërs met betaalde nevenfuncties c.q. aandelenpakketten. Daarnaast wil hij dat minister Borst tot op de bodem uitzoekt welke lobby is uitgevoerd ten behoeve van de MSD-produkten Cozaar en Zocor, en ook welke rol Bolkestein daarbij heeft gespeeld. Marijnissen: 'De Haagse lobby van MSD, met name van hun directeur Steinert, was ongekend fel en intimiderend. Steinert heeft zelfs geprobeerd een hoge ambtenaar uit zijn functie te stoten. Bolkestein deed al even verwoed mee aan die lobby, die om miljoenen meer of minder winst voor MSD draaide. Alleen al voor Zocor blijkt Bolkestein tot drie keer toe in de weer te zijn geweest. Eerst bij Borst in het kamerrestaurant, vervolgens in een brief aan Borsts huisadres, en daarna nog eens een keer richting Sangster. Terwijl Bolkestein op zijn persconferentie nog volhield dat hij voor beide MSD-produkten eenmalige interventies had gepleegd, en dan slechts als commissaris. Bolkestein zegt dan dat hij handelde naar zijn plicht als commissaris. Maar als je het Burgerlijk Wetboek erop naslaat, lees je dat een commissaris van een onderneming helemaal niet verplicht is om het bedrijfsbelang extern te dienen. Dus ook die vlieger gaat niet op.’
Het ziet er kortom naar uit dat ook de culminatie van kracht en zelfvertrouwen van Frits Bolkestein zijn beste tijd heeft gehad. De alleenheerschappij van Wim Kok als paarse koning kan beginnen.