Hoe dan ook, UCK is akkoord met het plan, terwijl Milosevic nog steeds weigert zijn fiat te geven aan een akkoord dat de Servische soevereiniteit met voeten treedt. Het diplomatieke spel verkeert nu in een stadium dat lijkt op dat van twee weken terug. Toen dreigde Albright Milosevic met bombardementen wanneer hij het plan niet zou ondertekenen. De halsstarrige houding van UCK verpestte toen de Amerikaanse strafexpeditie. Nu is de bommendreiging weer terug. Milosevic heeft de tijd tot 15 maart. Wat zou UCK bewogen hebben tot instemming met het vredesplan? Het plan zegt immers niets over de door hen zo vurig gewenste onafhankelijkheid, en aan de eis tot ontwapening van de Albanese strijdgroepen moet nog steeds worden voldaan. De Amerikaanse bemiddelaar Hill had er zes uur voor nodig om de Albanezen om te praten. Wat had hij in de aanbieding? Waarschijnlijk bombardementen op Servische doelen. Bovendien weet Hill dat de UCK-leiders hun commandanten te velde niet in de hand hebben. Instemming met het akkoord zou voor UCK wel eens het voortzetten van de strijd in gunstiger omstandigheden kunnen betekenen. Maar Milosevic is niet gek. Zijn troepen zijn een offensief gestart aan de grens met Macedonië. Daardoor zijn de OVSE-waarnemers in Kosovo zo goed als gegijzeld. De evacuatiemacht van de Navo, gelegerd in Macedonië, moet nu dwars door Servische linies heen breken om de waarnemers te bereiken. Dat zou een daad van oorlog zijn. Het is nog lang geen vrede in Kosovo.