KUNST

Krankzinnigheid en dood

Munch en Van Dongen

Medium e 646

Twee veronachtzaamde kunstenaars krijgen het komende seizoen een solotentoonstelling in Rotterdam. De Kunsthal gaat werk laten zien van de grote Noor Edvard Munch (1863-1944), een overzicht van 150 stukken uit particuliere collecties. Munchs De schreeuw (1893) is zodanig beroemd dat niemand eigenlijk weet wat de schilder allemaal nog meer in zijn mars had, en dat is jammer, want zijn reikwijdte was groot en hij leefde in interessante tijden. ‘Ziekte, krankzinnigheid en dood waren de engelen die aan mijn wieg stonden, en zij hebben mij mijn hele leven achtervolgd’ - Munch was als een Strindberg-personage opgezadeld met zoveel jeugdleed en zoveel psychische complexen dat er wel vijf kunstenaarslevens mee gevuld hadden kunnen worden. Zijn artistieke ontwikkeling, eerst in de uithoek Noorwegen, daarna in Berlijn en Parijs, was een ziedende ketel van emoties, frustraties, plannen, succes, ruzies, drank en ambities, uitwaaierend van hard-naturalisme tot Fauve-achtige expressie, veel meer omvattend dan dat ene beeld van die ongelukkige man die op die weg langs de fjord 'de oneindige schreeuw van de natuur’ hoorde.

Aan de andere kant van het Museumpark komt Boijmans met een groot overzicht van Kees van Dongen, voor het eerst sinds 1967. Boijmans maakt met Olafur Eliasson, Thomas Demand en de Van Lieshout-expositie in de RDM-onderzeebootloods al een heel interessant jaar door, maar deze Van Dongen-presentatie belooft ook wat. Van Dongen (1877-1968) wordt nogal eens weggeparkeerd als een bijfiguur in het grote drama van Matisse en Picasso, als iemand die wel talent had maar zich misschien wat te veel thuis voelde in het societyleven. Dat doet de schilder onrecht. In 1905 hing Van Dongen op de Salon d'Automne in Parijs in dezelfde zaal als Matisse; hij was vooraanstaand lid van de Fauves, hij was een hoogst originele en avontuurlijke schilder. De Matisse-Malevich-tentoonstelling in de Hermitage, waar drie fenomenale schilderijen van Van Dongen te zien waren, was daarvan al een indicatie. Het zou wel eens zo'n tentoonstelling kunnen worden die een over het hoofd geziene kunstenaar voor een hele nieuwe generatie tot leven brengt.

Medium beeldmerk

Verder nog? Abstract USA 1958-1968 in Rijksmuseum Twenthe, abstracte schilderkunst uit de Verenigde Staten - wanneer zag u voor het laatst een fijne grote Frank Stella in het echt? - en Rietvelds Universum, Centraal Museum Utrecht, een ambitieus project waar Rietveld zich zal meten met Frank Lloyd Wright, Le Corbusier, Mies van der Rohe et al.

Ten slotte Illusie en werkelijkheid: Naturalistische schilderijen, foto’s en film, 1875-1918, Van Gogh Museum Amsterdam. De andere kant van de Munch-Matisse-Van Dongen-medaille: de dominante kunst uit Van Goghs tijd, het dagelijkse 'moderne’ leven van burgers, boeren en arbeiders, zo 'echt’ mogelijk getoond. Interessant lijkt mij de connectie van die schilderkunst met de vroege film, die het museum ook wil tonen.


De grote ogen van Kees van Dongen, vanaf 18 september in Museum Boijmans Van Beuningen. Diezelfde dag opent in De Kunsthal Rotterdam de Edvard Munch-tentoonstelling