Reportage Afghanistan

Kroniek van een aangekondigde verkiezingsfraude

Meer dan één stemkaart per persoon, inkt die uitwisbaar blijkt te zijn: de zegetocht van de democratie is niet zonder obstakels in Afghanistan, een land dat het nog zonder bevolkingsregister moet doen.

JABAL-AS-SIRAJ – Een kleine, iele man met een grote doek om zijn hoofd waarachter zijn gezicht grotendeels schuil gaat, komt uit het kieshokje. De vadsige toezichthouder van het stemlokaal schudt zijn hoofd en klakt met zijn tong. Hij pakt het grote, opengeslagen stemformulier uit de handen van de kleine man en bekijkt het grondig. Hij wijst naar een naam op de lijst. De kleine man knikt en gaat weer terug het hokje in. Hij rommelt wat, geeft zijn formulier opnieuw aan de toezichthouder. Die vouwt het dicht en geeft het terug. De kleine man doet zijn hoofddoek wat opzij en lacht verlegen. Hij loopt het stemlokaal uit en stopt onderwijl het opgevouwen formulier in zijn zak. Functionarissen en medekiezers beginnen te roepen, de toezichthouder maakt een loeiend geluid en zwaait met zijn armen. Geschrokken loopt het mannetje terug. Streng wijst de toezichthouder hem de stembus. Met grote ogen kijkt de kleine man hem aan terwijl hij zijn stemformulier door de gleuf propt. «Nu mag je weg», zegt de toezichthouder. Op welke presidentskandidaat iemand stemt is geheim, maar de dikke toezichthouder, als alle stembureaumedewerkers een Afghaan gehuld in een blauw vest met daarop het embleem van de Verenigde Naties, beent alweer naar het stemhokje waar de volgende kiezer worstelt met het stemformulier.

Afgelopen zaterdag was een historische dag in Afghanistan. Voor het eerst in de geschiedenis van het land vonden verkiezingen plaats volgens de normen der democratie. Tweehonderd miljoen euro stak de internationale gemeenschap in de voorbereidingen. Die waren niet mals in een land waar geen bevolkingsregister bestaat en meer dan dertig jaar geleden de laatste poging in het werk werd gesteld een serieuze volkstelling te houden. De Verenigde Naties, geholpen door giften en experts uit talloze landen, speelden een grote rol in de registratie van kiezers en op de verkiezingsdag zelf.

In het bergstadje Jabal-as-Siraj, zo’n honderd kilometer ten noorden van de Afghaanse hoofdstad Kaboel, leek de democratie om acht uur ’s ochtends bezig aan een zegetocht. Een uur eerder waren de verkiezingen van start gegaan. Op meer dan vijfduizend locaties openden stembureaus hun deuren. Militairen, politie en manschappen van vroegere moedjahidien-commandanten bewaakten wegen en bruggen, en vormden escortes voor de wagens met volle stembussen. Voor het vervoer van de stemmen uit sommige moeilijk bereikbare dorpen hadden de VN zelfs helikopters gereserveerd. Een enorme sprong voorwaarts voor een land dat de afgelopen 25 jaar onafgebroken geteisterd werd door oorlog en waar drie jaar geleden nog de islamitisch fundamentalistische Taliban het voor het zeggen hadden. Met hun vrouwenonderdrukking, standrechtelijke executies en de afwijzing van al het moderne probeerden zij het land terug te duwen naar de Middeleeuwen. Hoe kon Afghanistan grondiger afrekenen met dat verleden dan naar de stembussen te trekken om in vrede een eigen president te kiezen?

Maar halverwege de dag kondigden veertien van de vijftien presidentskandidaten die het opnamen tegen favoriet Hamid Karzai, de huidige interim-president (gekozen per Loya Yirga, een vergadering van stamoudsten en andere prominenten) aan dat ze zich uit de verkiezingen terugtrokken. Zij eisten dat het stemmen ogenblikkelijk werd gestaakt en dat de tot dan toe uitgebrachte stemmen ongeldig werden verklaard. De reden: talloze onregelmatigheden, waaronder het «begeleiden» van onzekere kiezers. Maar het waren met name problemen met de onuitwisbaarheid van de inkt die de woede van de kandidaten hebben gewekt. De kiezers kregen die op hun duim gesmeerd om te voorkomen dat ze meer dan één keer hun stem zouden uitbrengen.

Om kwart voor negen ’s ochtends hebben in Jabal-as-Siraj meer dan zeshonderd mensen gestemd. Het stembureau is amper twee uur open. In het schoolgebouw waar de mannen stemmen staan lange rijen. Veel trotse, serieuze gezichten, veel blijdschap ook. Op het schoolplein kijkt een groepje mannen echter zorgelijk. Ontstemd wrijven ze over hun duimen. Die hebben ze in de zwarte inkt moeten dopen om te voorkomen dat ze nogmaals hun stem zouden uitbrengen. Maar met een beetje boenen verdwijnt de inkt volledig. «De inkt is vals», zegt een politieagent die onrustig heen en weer loopt om de aanzwellende stroom kiezers in te dammen. Hij kijkt wanhopig, steeds meer mannen komen bij hem klagen. «Wij weten niet wat we moeten doen», zegt hij. «Er zijn te veel mensen om nu het bureau te sluiten. Dat zullen ze niet pikken.»

Bij de vrouwenschool hoort de directrice van het stembureau van het valse-inktverhaal. Vrouwen in burka’s verdwijnen in het stemhokje. Als ze stemmen, moeten ze hun gezicht tonen. «De zwarte inkt is om bij afgifte van het stemformulier een stempel te zetten op de achterkant. De paarse, onuitwisbare inkt is om je duim in te dopen», vertelt de directrice. Ze heeft de inkt op haar eigen vingers uitgeprobeerd en laat het zien: de zwarte verdwijnt inderdaad moeiteloos, de paarse lijkt schrobvast. Een zenuwachtige Indische jongen van de VN komt uitleg geven: «We hebben geoefend met zwarte inkt op onze duim. Dus de mannen dachten dat ze ook de zwarte moesten hebben.» Inmiddels zijn echter mannen naar ons toegekomen die laten zien dat ook de paarse «onuitwisbare» inkt volledig verdwijnt als je maar genoeg je best doet. Hun duimen zijn brandschoon. Daarop heeft de VN-medewerker geen antwoord. Later die middag komen drie dure terreinwagens voorrijden met VN-personeel dat rondkijkt en glimlachend weer vertrekt.

Voor dit scenario werd vorige maand gewaarschuwd door de gerespecteerde mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch (HRW). In het rapport Rule of the Gun concludeert HRW na uitvoerig onderzoek en talloze gesprekken met betrokkenen dat op verscheidene plaatsen in het land gefraudeerd werd met de verkiezingsregistratie. Het lukte mensen om meerdere stemkaarten te verkrijgen, zodat ze verschillende keren hun stem konden uitbrengen. De motieven daartoe liepen uiteen. Er waren vrouwen die dachten dat stemkaarten recht gaven op rantsoenen, maar er was ook sprake van georganiseerde fraude door mensen die hun stemmen wilden verkopen.

De organisatie stelde bovendien vast dat er veel te weinig betrouwbare monitors waren om de eerlijkheid van de verkiezingen op de verkiezingsdag te bewaken. Een omineuze passage uit het rapport: «Het is niet duidelijk hoe groot de vlucht zal zijn die het meervoudig stemmen op de verkiezingsdag zal nemen. De registratie van kiezers is een van de maatregelen tegen bedrog en de verkiezingskaart is daartoe het instrument. Nu echter is de enige maatregel tegen fraude die over is het markeren van de handen van kiezers met onuitwisbare inkt als ze hun stem uitbrengen. Helaas zijn er waarschijnlijk manieren om ook deze veiligheidsmaatregel te omzeilen: van het omkopen van beambten om mensen met gemerkte handen nogmaals te laten stemmen tot verschillende methoden die volgens sommigen bestaan om de inkt op de verkiezingsdag zelf van de handen te verwijderen.»

Dat het personeel in de stembureaus twee soorten inkt door elkaar zou gebruiken én dat de onuitwisbare inkt ondeugdelijk bleek, was zelfs voor HRW een scenario dat het voorstellingsvermogen ontsteeg.

In het perscentrum te Kaboel is de heer Karim één brok cynisme. Hij monitorde de verkiezingen voor Ahmad Shah Ahmadzai, kandidaat voor de partij van de fundamentalistische en uiterst wrede oud-moedjahidien-commandant Rashul Sayyaf. «Dit was een farce», zegt hij. «Op een van de stembureaus werd me verteld dat iemand er vijftien keer zijn stem had uitgebracht.» Maar zaterdagavond verkondigt zowel Hamid Karzai als ambassadeur Robert Barry van de Organisatie van Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) dat het ongeldig verklaren van deze verkiezingen een klap in het gezicht zou zijn van de kiezers. Onregelmatigheden, zegt Barry, moeten eerst worden onderzocht. Ook de Europese Unie vindt dat er geen reden is om de verkiezingen over te doen.

Dat is opmerkelijk. In juli waarschuwde de OVSE dat «de huidige omstandigheden in Afghanistan significant onder het minimum liggen dat volgens de OVSE noodzakelijk is voor een geloofwaardige verkiezingsobservatie». De OVSE vond de voorbereidingen van de verkiezingen en daarmee de garanties voor een eerlijk verloop zo beneden peil dat ze besloot geen waarnemers te sturen die een gezaghebbend «eerlijk of oneerlijk» kunnen uitspreken. In plaats daarvan werd een team gezonden van experts die de boel in de gaten moesten houden en aanbevelingen doen over hoe het beter zou kunnen in april 2005, als de nog veel belangrijker parlementsverkiezingen worden gehouden. De OVSE concludeerde dat serieuze fouten aan het licht zouden komen en dat de verkiezingen «het publieke en internationale vertrouwen in het proces» ter discussie zouden stellen. Het sturen van officiële OVSE-waar nemers zou niet «fair, behulpzaam of constructief» zijn.

Ook veel internationale media reageren fel op de boycot van de oppositiekandidaten. Die zou slechts zijn ingegeven door machtspolitieke factoren. Zij zouden tóch geen kans maken tegen de favoriet Hamid Karzai, heet het, en dus willen ze het land in chaos storten om het de aankomende president zo moeilijk mogelijk te maken en zoveel mogelijk concessies van hem los te kunnen peuteren voor hun aanhang. De «onregelmatigheden» worden gebagatelliseerd. Niemand heeft het over het Human Rights Watch-rapport, niemand herinnert zich de eerdere kritiek van de OVSE.

Maar als de camera’s van de networks zich eens buiten de stembureaus hadden begeven, zouden ze een andere werkelijkheid hebben aangetroffen. In een buitenwijk van Kaboel vertelt een jongeman van 27: «Ik heb zelf twee stemkaarten. Ik sprak iemand die zei er twaalf te hebben en een vriend van me heeft acht keer zijn stem uitgebracht.» Hij wil zijn naam niet zeggen en er mogen geen foto’s worden gemaakt. Meervoudig stemmen is in Afghanistans kersverse wetgeving een misdaad. «Tijdens het registratieproces lieten we ons meerdere keren inschrijven. Dat was ontzettend makkelijk», vertelt hij. «Die mensen van de VN waren niet erg slim. Je hoefde niet te bewijzen wie je was. Soms werd gevraagd naar je identiteitskaart, maar als je zei dat je er geen had kreeg je toch een stemkaart. Alles wat ze nodig hadden was een pasfoto.» Om hem heen verzamelt zich een groep jongemannen. Een van hen, gestoken in een camouflagejack, diept twee stemkaarten op uit zijn zak. Ze staan op dezelfde naam en zijn voorzien van zijn foto. In beide kaarten is een gaatje geponst ten teken dat er gestemd is. Deze jongen stemde dus twee keer. Hij wil niet zeggen op wie en maakt zich uit de voeten. «We willen dat de leider van onze eigen groep president wordt, daarom hebben we meerdere keren gestemd», vertelt een ander. Hij laat door schemeren dat Karzai zijn man is.

En zo blijkt het rapport van Human Rights Watch een kroniek van een aangekondigde fraude. In de rapportage concludeert de organisatie dat de kans groot is dat Karzai wint, maar dat zijn overwinning «hol» zal zijn. Toch zal de internationale gemeenschap waarschijnlijk weigeren de verkiezingen ongeldig te verklaren. President Bush heeft het «succes» van de Afghaanse verkiezingen al deels opgeëist. Die waren slechts mogelijk omdat «de VS geloven dat vrijheid de almachtige Gods gift aan elke man en vrouw ter wereld is», zei hij in een emotionele rede. Er is te veel geïnvesteerd, de verwachtingen waren te hoog gespannen – de verkiezingen moeten slagen.

Maar hoe ongeloofwaardiger de uitslag, hoe moeilijker het wordt de opstandige bevolkingsgroepen als de Pashtun, waaruit de Taliban voortkwamen, te verzoenen met enig centraal gezag uit Kaboel. In Afghanistan worden machtsconflicten al sinds mensenheugenis gewapenderhand opgelost. Menige presidentskandidaat heeft hier zijn eigen gewapende militie. Niemand durft te voorspellen wat er de komende weken, als de stemmen worden geteld, gaat gebeuren.

Door de incomplete voorbereiding van deze presidentsverkiezingen ligt het geweld weer op de loer.