FILM

Kroniek van het lijden

Misterios de Lisboa

In Misterios de Lisboa van de van oorsprong Chileense regisseur Raoul Ruiz wordt behoorlijk wat flauwgevallen. Ik telde ten minste vierenhalve bezwijmingen. Mannen en vrouwen, het maakt niet uit: zodra het echt spannend wordt, gaat men tegen de grond. Hoe melodramatisch. Maar het klopt wel: in het Portugal van de vroege negentiende eeuw zijn de flauwvallers inderdaad net ‘figuren in een roman van Ann Radcliffe’, zoals een personage in het verhaal opmerkt. Een ander becommentarieert de verwikkeling met de cynische opmerking: 'Het eindigt allemaal natuurlijk als een in vuig bourgeoisdrama.’ Juist.
Opmerkelijk is dat deze momenten eigenlijk uit de toon vallen, want de personages zijn verder zo overdreven tragisch met zichzelf en hun lotgevallen bezig dat ze nauwelijks in staat zijn even buiten de grenzen van het verhaal te treden. Vergelijkbaar zou zijn als Angelique, heldin van de kasteelromans van Serge en Anne Colon, ergens tijdens een avontuur zou pauzeren om haar rol als fictief personage in deze historical romances te overpeinzen. Dat gebeurt niet. In Misterios de Lisboa wel. Maar het vreemde is: ook al treedt regisseur Ruiz de regels van het film maken met voeten door die bevreemdende mix van melodrama en zelfbewustzijn, het klopt allemaal uiteindelijk wel. Misterios de Lisboa, in première in Eye te Amsterdam, duurt vier uur en twintig minuten, en er is blijkbaar ook nog een versie van zes uur. Dat is ook goed, want je verveelt je geen moment.

Het werk, gebaseerd op de roman Os Misterios de Lisboa (1854) van de Portugese schrijver Camilo Castelo Branco (1825-1890), gaat over de seksuele intriges en andere emotionele lotgevallen van de Portugese aristocratie. Centraal staat de weesjongen Pedro da Silva (Joao Luiz Arrais) die dankzij de tussenkomst van pater Dinis (Adriano Luz) erachter komt dat de hertogin van Santa Barbara (Maria Joao Bastos) zijn moeder is. Zij leeft als een gevangene in haar eigen huis, in doodsangst voor de sadistische hertog (Albano Jeronimo). Dan blijkt dat de hertog niet Pedro’s vader is. Enzovoort. Het verhaal bevat de bekende ingrediënten van de Romantiek, waarvan de geciteerde Ann Radcliffe, auteur van The Mysteries of Udolpho (1794), een leidend figuur was. Geheimen, verhalen binnen verhalen, duistere figuren in het zwart, zwaardgevechten, ze keren allemaal terug in een tekst die als een motto aan het begin van de film op het scherm verschijnt: 'Dit is geen fictie, maar een kroniek van het lijden.’
In de vormgeving speelt Ruiz op intelligente wijze met het idee van afstand tussen kijker en verhaal. Veel scènes spelen zich af terwijl iemand, een bediende of een hoofdpersonage (waarvan er zeker meer dan tien zijn), stiekem toekijkt. Doordat de kijker zich op deze momenten identificeert met diegene die kijkt verschuift het accent van 'binnen’ het verhaal naar 'buiten’, naar het verhaal-als-kunstwerk. Dit effect wordt versterkt doordat Ruiz ook het episodische karakter van de film benadrukt. Dat doet hij met een systeem van 'punctuatie’ in de vorm van een pop-upboek bestaande uit papieren figuren die naar voorbeeld van de filmpersonages scènes tegen een getekende achtergrond naspelen. Deze stijlfiguur sluit mooi aan bij de schitterende fotografie. Zowel de woeste landschappen als de verstikkende salons van de adel krijgen door de vormgeving een thematisch gemotiveerd element van doodsheid, of kilte.
Misterios de Lisboa gaat over destructieve emoties geassocieerd met verbeelding en liefde en haat in een maatschappij, een lang verloren wereld, waarin klasse en afkomst alles zijn. En over het melodrama dat onlosmakelijk verbonden is aan een echt grote, fatale liefde. En over personages die niet 'gewoon’ bedriegen of haten of liefhebben, maar ook nog groots gebarend dingen zeggen als: 'Mijn hart is… dood!’ En, een verteller: 'Ze had een relikwieënkist van verloren liefde in haar hart.’ Wat een film. Om van flauw te vallen zo mooi.

Te zien vanaf 19 mei