Kundera werkt aan zijn stamboom

De testamenten die Milan Kundera in zijn nieuwe essaybundel verraden noemt, zijn verschillend van aard. Het testament van de Roman, de Europese kunst bij uitstek, wordt in De duivelsverzen door de theocratie bedreigd en Europa is niet in staat de roman te verdedigen en uit te leggen. De compositie is zelf een creatie, is de eenvoudige waarheid van het testament van Beethovens sonates, ‘bestemd voor alle kunsten en alle kunstenaars’.

De componist Janacek liet in zijn testament geld na voor een onderzoek op het gebied van de spreektaal. Kafka liet ons de begrippen ‘rechtbank’ en 'proces’ na, opdat we ze gebruiken voor een beter begrip van de moderne wereld. Zijn andere testament werd verraden door zijn vriend Max Brod die weigerde Kafka’s werk te verbranden, niet alleen de (ongepubliceerde) romans en verhalen maar ook de brieven en dagboeken - niet alleen een verraad van de esthetische wil van de kunstenaar, maar ook van het recht op intimiteit. Janacek en Kafka werd door bevoogdende executeurs-testamentair een plaats in een grote, internationale context ontzegd op het moment dat hun kunst werd teruggebracht tot hun biografie en geografische begrenzing. Voor belangrijke kunst is een internationale en historische context onontbeerlijk, zeker als het om werk van een kunstenaar in een kleine natie of beperkt taalgebied gaat, stelt Kundera terecht.
Het merkwaardige is nu dat dezelfde man die zich fel keert tegen reducerende interpretaties, een ware meester is in het vereenvoudigen en schematiseren, in het goochelen met abstracte begrippen en het weglaten van wat niet in zijn grote schema’s past. Hij is in theoretisch opzicht ook nauwelijks tegen te spreken, want binnen zijn begrippenkader heeft hij gelijk - alleen zijn z'n vooronderstellingen en begrippen vaak nogal aanvechtbaar of gewoon willekeurig. Zo maakt hij in de geschiedenis van de roman en de muziek een indeling in twee 'speelhelften’: een periode van vrijheid werd in de achttiende-negentiende eeuw gevolgd door classicisme en realisme, om in onze eeuw nog slechts een naspel te krijgen wanneer sommige schrijvers en componisten de vrijheid van de vroegere roman en muziek herontdekken. Aan die parallellie tussen muziek en roman zitten te veel haken en ogen om hier zelfs maar op te noemen. De twee speelhelften bestaan alleen voor een beschouwing in vogelvlucht, en de stelling dat de moderne kunst haar tijd heeft gehad, is natuurlijk pure speculatie, vooral als Kundera voor de laatste halve eeuw geen enkele componist meer noemt en wat de literatuur betreft alle moderne romans en in het voorbijgaan ook nog maar even de hele literaire kritiek bij het vuilnis zet, met uitzondering van vier auteurs: Rushdie, Sollers, Fuentes en een zekere Kundera.
Kundera behoort tot de auteurs wier werk je alleen maar integraal kunt waarderen als je daartoe bij voorbaat bereid bent. Dan kun je van dit boek zeggen: ja, dat is allemaal behoorlijk speculatief en subjectief, maar je moet het zien als een verantwoording van zijn eigen werk. Maar als iemand voor het planten, stekken en modelleren van zijn eigen stamboom de hele boomgaard moet snoeien of rooien, wordt het begrip pro domo wel erg expansief. Kundera is helemaal geen theoreticus of filosoof, zijn redeneringen zijn vrijwel altijd bewijzen achteraf, van conclusies die in de vorm van begrippen al bij voorbaat vaststaan. Beperkte hij zich maar tot wat zijn kracht is: als schrijver ligt die in de observatie van houdingen en gedragingen, in scenes, zoals hij met zijn debuutroman De grap bewees; als lezer ligt die in de verdediging van het lezen wat er staat - in dit boek van Kafka, Hemingway, Thomas Mann - tegen de verkitschende interpretatie. Maar nee, behalve testamentair van de roman, wil Kundera ook nog eens de grote scheidsrechter van het echt nieuwe zijn - op wel tien plaatsen is er sprake van iemand die als eerste dit of dat heeft gedaan, waarna voor het eerst dit of dat definitief niet meer kon. Zo was de arme Kafka de eerste die het komische van de seksualiteit, van de droefheid post coitum beschreef; en Kundera is de eerste die dat heeft ontdekt.