Kunst

Kunstenaar als manager van eigen zaken

Beeldende kunst: Cees Krijnen en zijn moeder in ‹Galleryplay›

In een korte rode sjamberloek, een groen gordijnkoord om zijn middel gebonden, en daaronder niets dan een witte slip, loopt hij geagiteerd rond op zwarte hooggehakte schoenen met een vetertje, als hij tenminste niet onder de zonnebank ligt die midden op het podium staat. Zijn telefoon gaat onophoudelijk. Het zijn vooral journalisten en galeriemedewerkers, all over the world, want hij moet zijn netwerk onderhouden. Cees Krijnen (1969) heeft het druk en maakte daar een toneelstuk over. De tekst is geschreven door Willem de Wolf, Gerardjan Rijnders gaf adviezen. Het stuk belicht de kunstenaar als manager van zijn eigen zaken, de kunstwereld als een spel tussen critici, museum directeuren, galeristen en verzamelaars. Krijnen is zich bewust van dit (rollen)spel, lacht om het systeem, en doet er ondertussen zelf aan mee.

Ook speelt er in deze als komedie bedoelde performance een oude slepende kwestie. Al sinds 1999 thematiseert de kunstenaar de slopende scheiding van zijn ouders. Voor zijn moeder, Greta Blok, ontwierp hij een P.P.P.S., een powder puff painkiller system, om de pijn van de scheiding wat te verzachten. Hij liet een ingenieus buizensysteem ontwikkelen dat hij door haar huis leidde, waardoor het verlichtende medicijn de afzonderlijke ruimtes in werd gespoten. Al snel ontstond ook de «portable» versie van het systeem, de P.P.P.P.S.. Vanaf dat moment zijn hij en zijn moeder «on tour». Haar rol werd gedurende de jaren ondervraagd, binnenstebuiten gekeerd door Krijnen en weer aangekleed. Zo onderzocht hij de echtscheidingsprocedures in andere landen en ging hij met haar raadsvrouwe op excursie. Uiteindelijk kreeg ze vechtkledij — een gouden catsuit — en werd er, speciaal voor haar, een parfum ontwikkeld, La Femme Divorcée, een chocoladelijn, een sieraad, en er kwam zelfs een persoonlijke kledingsponsor, en ga zo maar door.

Van een aan haar lot overgelaten vrouw en slachtoffer groeide Greta Blok uit tot een strijder. Overal verscheen zij, samen met Krijnen, en haar handtas. Totdat Krijnen besloot dat dan ook die handtas, in ’s hemelsnaam, maar moest worden tentoongesteld. Greta was een diva nu, personality, een icoon met haar persoonlijke iconografie. Wat was écht, wat niet? En waar was Krijnen zelf? Wie had wie nu eigenlijk in scène gezet?

Als Blok die avond het toneel op komt en begint te praten, krijgt het publiek eindelijk de kans haar in het «echt» te aanschouwen en haar stem te horen. Ze is leuker nog dan op de foto’s. En wat oogt ze jong! Naast Krijnen zelf is zij een van de protagonisten van het stuk. Willem de Wolf speelt galeriehouder «Willem», Hans Kemna is verzamelaar «Hans». Als zwijgend toeschouwer zit de fiberglass double van Greta op het toneel.

Inmiddels is de echtscheidingsprocedure afgerond en de inboedel verdeeld. Maar het lijkt allemaal van geen belang meer. Door Blok naar voren te schuiven, maar ook door de samenwerkingsverbanden die Krijnen in de loop der jaren is aangegaan bij de uitvoering van zijn projecten, zoals hier met De Wolf en Rijnders, heeft hij, bewust of onbewust, de constructie laten prevaleren. Alle eerdere juridische, maatschappelijke, technische en commerciële systemen worden hier, in deze performance, binnen zijn werk zichtbaar: als systeem, getuige de sprakeloze dubbelganger. Daarnaast blijft Krijnen je doen denken aan de ijdele Andy Warhol, wiens leven en werk ook tot een onontwarbare kluwen waren verworden. Bij hem bleek het door hemzelf gecreëerde netwerk soms sterker dan hij aankon. Krijnen laat dit zien. «Cees» kruipt nog maar eens onder de zonnebank. «I like Talkers better than Beauties», zei Warhol ooit. Ondertussen praat Krijnen onverminderd door.

Galleryplay

Willem de Wolf & Cees Krijnen

14, 15, 16 juni en 14 t/m 18 september in Frascati, Amsterdam