Kunst-Etienne fouchet

Kwarkbeton

De beeldhouwer Etienne Fouchet (1981) was onderdeel van de eindpresentatie van De Ateliers in Amsterdam dit jaar, maar die duurde maar een dag of wat en het was er stampvol. Dezelfde werken staan nu de hele zomer in Maison Descartes. Altijd goed om er nog een keer heen te gaan, dat zou je vaker moeten doen, twee keer kijken; voerde Mahler zijn vierde symfonie in het Concertgebouw ook niet twee keer uit, één keer voor en één keer na de pauze?
Fouchet maakt grote dingen van hout (bouwplaat), gips en blauwgroene kunsthars. Het zijn echte 3D-objecten, op sokkels, die veel van de ruimte vragen. Je hebt onmiddellijk door: het gaat hier om het materiaal en om hoe de min of meer toevallige werking daarvan vormen oplevert. Denk bijvoorbeeld aan hoe een onhandige doe-het-zelver zijn keukenmuur verkloot met veel te dik stucwerk, hoe een onkundig gemetseld venstertje in elkaar zijgt of hoe een kunstig geconcipieerde kwarktaart bij het te voorschijn halen uit de ijskast uit zijn papieren vorm dondert en op de keukenvloer tot rust komt. De materie is nog steeds hetzelfde, stuc, baksteen, kwark, maar ze wil zich bevrijden.
Bij alle werken van Fouchet komt de vraag naar boven over binnen en buiten, over per ongeluk en opzettelijk en over ‘wat er eerst was’ en 'wat daarna kwam’, origineel, vorm of afgietsel; bruto, netto of tarra. Het beste is dat uit te leggen bij Spine Column, een drie meter hoge halve kolom van gips, een open buis onderbroken door horizontale plankjes bouwplaat. Het is een wel heel schematisch model van een ruggengraat; het ziet er meer uit alsof het om iets anders heen heeft gezeten, zoals gips dat om een gebroken been zat, na vier weken werd opengeknipt en dan nog even op zichzelf, beroofd van zijn kern, is blijven staan. Organisch, en ook weer niet. Een buitenkant zonder binnenkant.
Het krachtigste stuk is Force Attractive #3. Het staat op een eenvoudige sokkel. Een gietvorm van bouwplaatplankjes, hoekig in elkaar geschroefd, bevatte een grote teil gips, maar die is er als het ware uit gegleden en gestold in vormen die nog wel iets met die bedoelde vorm te maken hebben, maar een eigen leven zijn begonnen. Aan de andere kant: een holte. Het hele geval staat op zijn kant, waardoor het lijkt of de materie zich opwaarts beweegt als een enorme kubistische buste of de grote kop van de Balzac van Rodin.
Het is een grappig toeval dat dat allemaal in de kalme zalen van Maison Descartes staat, terwijl pal daarbuiten op de Vijzelgracht Fouchets geestverwanten al sinds mensenheugenis bezig zijn met de metroaanleg. Daar ligt overal hetzelfde dienstbare bouwplaat, klaar om volgestort te worden met het kwarkbeton dat het bouwproces zo onbestendig heeft gemaakt. Het lijkt alsof de krampachtige balkenstructuur die de zeventiende-eeuwse huizen naast Descartes overeind moet houden aan Fouchets brein is ontsproten, als van een artistieke ingenieur die met de toevalligheden van vloeibaar bouwmateriaal en ondeugdelijke bekisting heeft leren omgaan.
Er is een risico om zulk soort werk te bestempelen als niet al te vooruitstrevend: de methode en de kennelijke zelfbeheersing van de maker om op zijn intuïtie te vertrouwen en iets te 'laten’ gebeuren zijn vooral heel persoonlijk en misschien niet erg op zoek naar een uitspraak over de rest van de wereld. Dat stempel zou onterecht zijn: het is zeer goed werk. Waar het naartoe gaat - het is als de Noord/Zuidlijn, wie zal ’t zeggen?

Extensions. Beelden van Etienne Fouchet, Maison Descartes Amsterdam, t/m 4 september, ma-vrij. NB: fermeture annuelle van 2 tot 15 augustus. www.maisondescartes.com