Laat ze maar lekker ravotten in hun kooi

In 1345 meldde zich aan het Haagse Hof een Brabander. Hij bood zich aan als menselijke kop van Jut. Tegen een beloning mocht een ieder hem op het hoofd slaan. Dat zorgde voor een hoop jolijt onder de aanwezige ridders en de man werd per slag uitbetaald.

Bij de gemeente Emmen meldde zich zondag een nieuw soort van kop van Jut: de eerste Ultimate Fight op Hollandse bodem. Het ging om een zogenaamd ‘kooigevecht’ waarbij twee medeburgers, niet gehinderd door veel regels, in staat werden gesteld elkaar de hersenen in te timmeren.
Politici en journalisten uitten hun afschuw over deze aanslag op moraal, menselijke waardigheid en beschaving. De Volkskrant kroop zelfs in de rol van Vadertje Staat en verkondigde dat er moet worden ingegrepen: 'De overheid moet een vuist maken tegen de verloedering- ’ De VVD'er Rijpstra vroeg om een verbod van de sport die in zijn ogen geen sport meer was. Staatssecretaris Terpstra van Welzijn en Sport reageerde met het instellen van een commissie die na gedegen onderzoek een scherpe lijn zal trekken tussen vechtsport en vechtpartij.
De politie van Emmen heeft het gevecht goedgekeurd nadat de organisatoren verklaarden dat de normale regels van de vechtsport zouden gelden. Het liet voor het publiek de belofte onverlet van een ware slachtpartij, waarbij botten zouden worden gebroken en het bloed in stromen zou vloeien. Dat viel in de praktijk wat tegen, want in werkelijkheid gaat het om twee mannen die in een soort van boksring elkaar met behulp van alle vechtsporten tegelijk bevechten, wat niet per se tot moord en doodslag hoeft te leiden.
De Ultimate Fighter mag niet krabben, niet bijten, de tegenstander niet in zijn mannelijkheid bezeren en hij mag hem niet op de keel slaan (direct levensgevaar). De Fighter kan aftikken, zijn begeleiders kunnen een handdoek in de ring gooien en de scheidsrechters kunnen beslissen dat doorvechten onverantwoord is. De verslagen van de Ultimate Fight-toernooien in de Verenigde Staten tonen aan dat er zeker niet gevreesd hoeft te worden voor méér blessures dan in de gemiddelde Hollandse voetbalwedstrijd.
De onbeteugelde geweldsdrang van het individu wordt al eeuwen als iets ongeciviliseerds gezien. Het bestrijden respectievelijk reguleren van het dierlijke in de mens vormt de kern van het civilisatieproces. Niet de verdringing maar de kanalisering van geweld stond aan de bron van het beschavingsoffensief.
Ons beeld van de middeleeuwen wordt gedomineerd door zwaarbewapende ridders die elkander zonder veel scrupules het hoofd van de romp sloegen. Maar de gewelddadigheden waren strak georganiseerd. Niet alleen in oorlogen, ook in stadse geschillen als caféruzies werd keurig afgesproken wie wraak mocht nemen en waar en hoe er gevochten zou worden- Ridders beslechtten hun geschillen door elkaar keurig om de beurt een zwaardslag toe te brengen. Winnaar was hij die dat het langst volhield. De verliezer werd gevangen genomen en moest worden vrijgekocht. Viel er eens een dode, dan was dat eigenlijk per ongeluk.
Geweld bestaat nog steeds. Maar inmiddels heeft de Westeuropese beschaving gewelddadigheden teruggedrongen tot aan de rand van de samenleving: in verre landen, in oorlogen, in boeken en in films. En wordt er eens van regeringswege geknuppeld, dan gebeurt dat met een masker voor. Het geweldsmonopolie ligt kortom bij de staat, die het geweld controleert, en wanneer zij haar personeel gewelddadig laat optreden, doet zij dat anoniem.
In zijn nieuwe boek De angstmachine schetst René Boomkens het gevaar van het streven naar een geweldsarme, geweldsvijandige samenleving. Hij houdt een pleidooi voor de acceptatie van het gewelddadige karakter van de beschaafde liberale cultuur. Juist de neutraliserende verbanning van het geweld, zegt hij, zou wel eens een van de oorzaken kunnen zijn dat geweld een steeds grotere rol gaat spelen.
Zo is het. De ogen sluiten voor de gewelddadige kanten van individuen betekent dat er niets wordt opgelost. Gordijnen dicht en maar hopen dat de anonieme uitvoerende macht afrekent met raddraaiers.
De Ultimate Fights zouden wel eens beschavender kunnen werken dan men denkt. Het geweld moet immers van de straat gehaaId. Toeschouwers en deelnemers aan het georganiseerde gevecht krijgen de kans hun driften in en rond de kooi te sublimeren. Net porno.
Een maatschappij die niet in staat is om het bestaan van geweld onder ogen te zien omdat haar idee van menselijke waardigheid dat niet toestaat, zou weleens ernstig onder de druk van de frustraties kunnen komen te staan die verbod en onderdrukking onvermijdelijk met zich meebrengen. Geweld bestaat.
Een verbod van de Ultimate Fights zou tamelijk hypocriet zijn. De Ultimate Fight is immers de optelsom van alle vechtsporten, sporten die al jaren ongestoord op de diverse sportscholen worden onderwezen. Eindelijk kunnen de jongens in praktijk brengen waarvoor ze jaren trainen. De meesten hebben al titels behaald in hun eigen vechtdisciplines. Hij of zij die roept dat het bij bijvoorbeeld boksen gaat om het netjes en gereglementeerd halen van punten, vergeet gemakshalve dat die punten een waardering zijn van de poging de tegenstander hersenletsel toe te brengen. Boksen, Full Contact Karate, kickboksen, Tae Kwan Do, allemaal draait het om één ding. En de sport die verraadt dat het in werkelijkheid om een gewoon gevecht van-man-tot-man gaat, zou verboden moeten worden?
De overheid late de Ultimate Fighters met rust. Zij hoeft niet bang te zijn dat hier een kwalijk voorbeeld wordt gegeven. De eerste de beste Amsterdamse taxichauffeur zal direct verklaren dat het om een stelletje lijpo’s gaat. Laat ze maar lekker ravotten.