Laf en lui

Afgelopen zaterdag werd in vierhonderd Europese steden gedemonstreerd tegen het vrijhandelsverdrag dat de EU wil sluiten met de VS, het zogenoemde trans-Atlantische handels- en investeringsverdrag, of op z’n Twitters: #TTIP.

Ook al suggereert de naam dat het om het wegnemen van handelsbelemmeringen gaat, in werkelijkheid zijn de handelstarieven tussen de EU en de VS al zo laag dat het doel van het verdrag een ander is, namelijk marktharmonisatie.

De economische, sociale en ecologische regels voor de toegang tot consumptie- en productiemarkten in de VS en de EU moeten gelijkgetrokken worden. Oftewel, de interne markt die sinds 1993 met veel pijn en moeite in Europa is opgezet, moet ook de VS gaan omvatten.

Je snapt meteen dat dit grote gevolgen gaat hebben voor voedselveiligheid, arbeidsomstandigheden, concurrentie en dus economische groei en werkgelegenheid. Worden het Amerikaanse standaarden waar bedrijven aan moeten voldoen of Europese? En belangrijker nog: hoe voorkomen we dat schaalvergroting tot oligopolisering en kneveling van de democratie door oppermachtige multinationals leidt? De crisis heeft aangetoond dat wat goed is voor het grootbedrijf niet automatisch goed is voor burgers. Gegronde redenen voor politieke bezorgdheid dus. En de arrogante wijze waarop de Europese onderhandelaars deze zorgen bagatelliseren, burgers hebben uitgesloten van de onderhandelingen terwijl het grootbedrijf vrijelijk mag aanschuiven, heeft het wantrouwen van kiezers alleen maar gevoed.

In haar veelgeroemde bespiegeling op de Grote Financiële Crisis, Fool’s Gold, heeft de Britse antropologe en redacteur van The Financial Times, Gillian Tett, gewezen op de ‘sociale stilte’ die er vóór de crisis rond banken en financiële markten heerste. Die stelde bankiers in staat ongemerkt een financiële noodlotsmachine te bouwen die in 2008 plotseling in het gezicht van de burgerij ontplofte. Tett laat er geen twijfel over bestaan dat naast hogere buffers constante democratische controle, geïnformeerd door een kritische pers, cruciaal is om zo’n zelfde kladderedatsj in de toekomst te voorkomen.

Terwijl de demonstratie in Londen ruim duizend demonstranten trok, stonden er op het Beursplein in Amsterdam minder dan vijftig. Toegegeven, het regende pijpenstelen en dan is demonstreren een stuk minder leuk dan met een strakblauwe hemel. Maar er is meer aan de hand. Zoals Joris Luyendijk een dag later vanuit Londen tweette: ‘Als NL werd gedomineerd door linkse kerk, zouden media nu vol staan met TTIP. Feit is: totale stilte. Want neoliberalism rules.’

Wat goed is voor het groot­bedrijf is niet vanzelf goed voor burgers

Luyendijk heeft gelijk: in Nederland reikt de Tea Party met haar nadruk op marktwerking en begrotingsconsolidatie van de PVV aan de rechterkant tot de PvdA in het midden. De sprekerslijst van zaterdag sprak boekdelen: vier vertegenwoordigers van ngo’s, een academicus en vier vertegenwoordigers uit de politiek: Jasper van Dijk van de SP, Bas Eickhout van GroenLinks, Anja Hazekamp van de Partij voor de Dieren en Matthijs Pontier van de Piratenpartij. Het politieke midden schitterde door afwezigheid. Bezorgdheid over dit verdrag is volgens het midden kennelijk een linkse vergissing.

Tetts ‘sociale stilte’ indachtig ligt een deel van de verantwoordelijkheid voor de geringe opkomst bij het Nederlandse journaille. Ook die liet het zaterdag afweten: Volkskrant, NRC, FD, Parool – niemand liet zich zien. Dus stond er maandag niets in de krant.

Zes jaar crisis heeft de gevolgen van een kwart eeuw identity politics niet kunnen wegvagen. In Nederland wordt het publieke debat sinds Bolkesteins aanval op het multiculturalisme gedomineerd door zwarte piet, moslimfundamentalisme en vrijheid van meningsuiting. Daarvan kennen journaille en publiek alle danspasjes en dus liggen de redactionele prioriteiten vast. Als een hoofdredacteur moet kiezen tussen een debat over TTIP of de mogelijke vervolging van Wilders kiest hij blind voor het laatste. Te technisch is het argument. Journalistieke lafheid en luiheid zijn de eigenlijke redenen.

Kwalijker is het gesteld met de economieredacties. Illustratief is de blog afgelopen zondag van _FD-_journalist Marcel de Boer, waarin hij badinerend de draak stak met het krachteloze protest in Washington ter gelegenheid van de jaarvergadering van het IMF. De Boer verhaalt hoe hij lacherig met NRC-_redacteur Maarten Schinkel langs een ‘clubje jong bejaarden’ liep ‘dat opkwam voor de mensenrechten, het milieu en voor de gelijke behandeling van homo’s’. Het tekent een slippendragerige vereenzelviging van de kant van wat ooit de ‘vierde macht’ heette met gezagsdragers, hotemetoten, bobo’s en _the great and good van de financiële wereld. Erbij zijn, erbij horen, one of the guys zijn, dezelfde taal spreken, is belangrijker dan de achterkant van hun ongelijk aantonen.

Als niemand machthebbers meer de waarheid durft te zeggen, duurt de ‘sociale stilte’ onverminderd voort en komen elites met alles weg.


Lees ook: ‘Bloembollen naar Texas’ over het transatlantisch vrijhandelsverdrag TTIP