Wachtkamer Syrië

Lang genoeg in angst geleefd

Vooral sjiïtische Iraakse vluchtelingen zitten net over de grens in buurland Syrië te wachten tot Saddam eindelijk is verslagen en verdwenen.

DAMASCUS — In Seida Zeinab, een buitenwijk van Damascus, komen dagelijks honderden sjiieten uit Irak aan. Weg van de Iraakse veiligheidsdiensten durven ze in Syrië uit te spreken dat ze niet kunnen wachten totdat ze van Hoessein verlost zullen zijn. Ze maken zich zorgen over de achterblijvers, maar zeggen te hopen dat Bush voltooit wat hij heeft beloofd.

«Alles is bijna in orde, nog een paar dagen en we zijn van hem af», roept de bejaarde Ali opgewekt in een restaurantje in Seida Zeinab. «Dan kan ik eindelijk terug naar Kerbala en dan ga ik een restaurantje beginnen. Deze oorlog is de prijs die we moeten betalen. Het is treurig maar waar. Ik zie geen andere manier om van onze leider af te komen.»

De sjiïeten, die ruim zestig procent van de Iraakse bevolking uitmaken, hebben altijd gevoeld dat ze niet genoeg invloed hebben gehad onder het overwegend soennitische regime van Saddam Hoessein. Ze willen graag vertellen hoe ze over de situatie denken, zoals de veertigjarige Abbas uit Al-Koet, die met zijn vrouw en vier kinderen zijn intrek heeft genomen in een gehuurd kamertje. Abbas: «Buitenstaanders begrijpen niets van Irak. Ze hebben nooit met eigen ogen gezien wat daar allemaal gebeurt. Meer dan dertig jaar leven we nu onder het brute regime van Saddam dat ons alleen maar problemen heeft bezorgd. Eerst de oorlog met Iran, toen de oorlog met Koeweit en nu dit. Duizenden mensen zijn vermoord door onze leider. Hij is een echte dictator.»

De Irakezen in Seida Zeinab maken zich toch ook een beetje zorgen. Voornamelijk over de mogelijkheid dat Bush junior niet zal afmaken wat hij heeft beloofd, maakt Ali duidelijk. «In 1991 hoopten we ook al dat we van Saddam af zouden zijn. Velen van ons kwamen in opstand tegen het regime, maar we werden gewelddadig onderdrukt door de Republikeinse Garde. Ik hoop niet dat Bush ons net zo laat zitten als de vorige keer want dat heeft ons vreselijk teleurgesteld. Als Bush inderdaad gaat doen wat hij zegt, vinden we hem fantastisch. Als het maar niet een herhaling wordt van wat er toen gebeurde. We hebben al zó lang moeten wachten, we kunnen niet meer.»

Volgens Ali zijn er veel soennieten in Irak die ook niet tevreden zijn met Saddam. Hij denkt dat een klein groepje hem zal blijven steunen. «Iedereen die er beter van wordt wil natuurlijk van Saddam af en dat geldt ook voor veel soennieten. De soennieten hebben het makkelijk gehad de afgelopen jaren, vergeleken met de Iraakse Koerden en de sjiïeten», zegt hij. «De soennieten zijn bang voor de wraak van de sjiïeten, maar ik denk dat dat niet nodig is. Wij Irakezen kunnen goed met elkaar overweg. We hebben geen problemen met elkaar.»

Hoewel er Arabieren (vooral Palestijnen) zijn die Saddam Hoessein zien als een goede, sterke, pan-Arabische leider, denken sjiïeten daar anders over. «Het is misschien beter voor de Arabische regimes als Saddam blijft, maar voor ons niet», zegt Ahmed uit Saddam City, een arme wijk van Bagdad. «Ze weten niet waar ze het over hebben. Saddam geeft duizenden dollars aan de families van Palestijnse zelfmoordcommando’s terwijl wij niet eens geld hebben om rond te komen. Het enige wat we van Saddam hebben gekregen is dood, oorlog en misère. Hij is geen goede leider voor zijn volk.»

Het zijn voornamelijk de arme mensen die naar Seida Zeinab zijn gekomen, de rijkere zijn naar Damascus of andere steden gegaan. Het leven is er niet gemakkelijk, want het Iraakse geld is niets waard en er is geen werk te vinden. Er zijn families met zeven kinderen die moeten rondkomen van het baantje als sigarettenverkoper van één van hen. «Men doet alles om aan geld te komen», zegt Abbas. Er wordt gestolen, er wordt gebedeld en er zijn steeds meer jonge meisjes die zich als prostitué aanbieden, het is een ramp. «De kinderen kunnen hier niet naar school, er zijn geen medicijnen. We proberen elkaar een beetje te helpen. ’s Avonds wordt rijst en vlees uitgedeeld aan de allerarmsten.»

Niemand is van plan lang in Seida Zeinab te blijven, maar het zou weleens een paar maanden kunnen gaan duren voordat het veilig genoeg is om terug te gaan. «Natuurlijk willen we zo snel mogelijk terug naar Irak», zegt Abbas. «We voelen ons hier niet thuis. Maar ik denk dat het lang kan gaan duren.»

Hoe een toekomstig Irak eruit zal zien is voor velen nog onduidelijk. Het lijkt de sjiïeten niet eens veel uit te maken, zolang ze maar van Saddam af zijn. «We willen geen militaire bezetting. Daar hebben we nu wel genoeg van.»