Langs de lijn in boedapest

BOEDAPEST - Hopelijk leert Hongarije meer dan voetballen van het bezoek van Ajax. Het team oogstte alom lof van de Hongaarse pers voor hun hemelse voetbal. Van Gaal legde op de persconferentie echter de nadruk op wat er op de tribunes had plaatsgevonden en ontmoette louter verontwaardiging van dezelfde journalisten over zijn ‘arrogante verdachtmakingen’.

De oerwoudgeluiden - en was het daar trouwens maar bij gebleven - waarmee delen van het Hongaarse publiek Ajax’ gekleurde spelers begroetten, kwamen niet uit de lucht vallen. Hongarije heeft sinds vorig voorjaar weliswaar geen nationalistische regering meer en extreem- rechts haalde de kiesdrempel niet, maar gewoon rechts groeit weer en wordt langzaam rechtser. Rechts-extremisme is in Hongarije klein maar levend. Bijvoorbeeld in voetbalstadions. Thuiswedstrijden van de vanouds joodse club MTK zijn buitengewoon gezellig (rabbi en leraar Hebreeuws altijd op de tribune, de fans zitten door de week op het Anna Frank gymnasium), maar ‘uit’ is doorgaans minder leuk. De club Ferencvaros is geenszins de enige club met een kaalkoppige aanhang en eredivisiewedstrijden waar geen spandoeken met ergens een misvormde S te zien zijn, zijn uitzonderlijk.
Over Ajax bestaat het idee dat de club minstens zo joods is als MTK en de bussen van de Ajax-aanhang werden ’s avonds bij het stadion dan ook verwelkomd met 'Sieg Heil’, Mussolini-liederen en de Hitler-groet. Allemaal streng verboden bij wet en soepel toegelaten in de praktijk.
Van Gaal kon niet weten hoever het wangedrag van sommige toeschouwers ging, maar de Hongaarse pers wel. Des te zorgwekkender is dan ook de verontwaardigde reactie op Van Gaal. Een Hongaarse krant schreef: 'Van Gaal meende dat hij de gevelde tegenstander nog even in zijn eergevoel moest raken. Hij liet weinig horen over het spel zelf en zette liever uiteen op wat voor barbaarse wijze Ajax’ gekleurde spelers uitgejouwd werden en hoe weinig dat aan zijn verfijnde Europese smaak voldeed. (…) Nu heeft de hele wereld het erover dat men in Hongarije zwarte spelers haat. Het interesseert de trotse Hollandse meester niet dat een van de populairste spelers van Ferencvaros toevallig zwart is.’ De krant meldde niet dat deze ook door enkele van zijn eigen supporters wordt uitgejoeld.
Gelukkig schreven niet alle journalisten wat ze dachten tijdens de persconferentie. De meeste kranten berichtten uitsluitend over de wedstrijd, gaven de uitspraken van Van Gaal droog weer of hadden een piepklein afkeurend zinnetje over het geloei. Alleen het sportdagblad had vrijdag eindelijk begrepen waar het om ging: 'We mogen blij zijn als de Uefa-waarnemer de vlaggen en symbolen niet heeft gezien en de oerwoudgeluiden niet heeft gehoord, maar ons aller schaamte dat in de herfst van 1995 in Hongarije een fascistisch symbool in een voetbalstadion kan wapperen, zal er niet kleiner van worden.’
Moge de schaamte eindelijk tot actie leiden en men ook buiten de lijnen iets opgestoken hebben. Want een mengeling van onwetendheid, onvermogen en onverschilligheid ten opzichte van rechts- extremisme is levensgevaarlijk.