Latte en figuurlak

Als ik zelf een boekhandel mocht opbouwen, zou het een exacte replica zijn van Edison in Florence. De winkel zelf is nog niet eens zo bijster spectaculair: drie verdiepingen, onderling verbonden met een brede wenteltrap. De locatie is prima - het Piazza Repubblica, niks mis mee, maar beslist niet het meest sfeervolle of mooiste plein van de stad. Nee, de magie zit ‘m in twee eenvoudige extra’s: de boekhandel is tot middernacht open (’s zondags tot tien uur) en er is een kleine koffiebar met tafeltjes en bankjes verstrooid over de eerste verdieping.

Het gevolg van die toegevoegde ingrediënten is dat Edison een levendige aanwezigheid in de stad is. Je pakt een boek, bestelt cappuccino en een croissant, en gaat lezen. Af en toe kijk je over de rand van je lectuur naar een van de verbluffend knappe studentes die in een andere hoek zitten te studeren (of nee, ze zitten er gedichten te schrijven!). Of je staart uit het raam, kijkt hoe de straten van de dag- naar nachtstand omschakelen, de eb en vloed van bevolking verduren, terwijl alle andere winkels sluiten.
Je zou zeggen dat zoiets in Nederland ook moet aanslaan, maar de Selexyz-boekhandels, die ook meer zijn gaan ‘inzetten’ op de ‘winkelbeleving’ maken duistere tijden door. Ze hebben nu eenmaal een lastige formule. Dat zei Jaap Boter, bijzonder hoogleraar boekhandels (daar is vooralsnog wel geld voor) in Trouw. ‘Bij een Ako of een Bruna, met alleen bestsellers, rendeert iedere meter boekenplank. Maar met een groot assortiment is er maar een klein stukje boekenplank dat goed loopt. Voor al die slecht renderende boeken is wel veel personeel nodig, dat bovendien ook nog hoog opgeleid moet zijn en dus relatief duur is, omdat de klant service verwacht.’
Is het werkelijk zo somber? Misschien. Zelfs bij Selexyz had ik al het idee dat ze vooral bestsellers wilden verkopen. (Ik merk dat ik al de verleden tijd gebruik). De helft van de boekwinkelbezoekers komt er om een geschenk aan te schaffen. Meer dan de helft weet bij binnenkomst nog niet met welk boek hij naar buiten zal komen. In de boekhandel kom je dus om te snuffelen, je te laten verrassen. Kan online ook, zeggen de barbaren. Ja, met previews en ‘liefhebbers van dit boek bestelden ook…’ En dan komt er weer een bestseller. En wie klikt die reclame aan? Ik doe dat nooit. Ik klik op geen enkele banner. Ik vaar over het web als Odysseus, vastgebonden aan z'n mast. Online winkelen gaat veel doelgerichter. Het is als iets bestellen in een bibliotheek met gesloten opstelling. Bij een open opstelling kijk je altijd even náást het boek dat je zoekt, en vindt op die manier precies wat je nodig hebt.
Maar de mensen wíllen het niet. Flikker op met je verrassingen, zeggen ze. Flikker op met je romans. Flikker op met je Piazza Repubblica. Laat je knappe studentes lekker de lepra krijgen.
Overdreef ik maar. In werkelijkheid is het misschien nog erger. De gevoeligheid voor cultuur is bij ons onthutsend gering, vergeleken met steden als Florence of Parijs. (Parijs! Kijk eens wat ze in de metro lezen! In elke stationskiosk koop je Flaubert of Balzac. Probeer bij ons eens Multatuli of Hermans op het station te krijgen.)
Toch blijf ik in mijn Edison-replica geloven. Tachtig procent van de Nederlanders is absoluut schorem, ploertig tuig. (Zoals u weet, of anders nog zult ondervinden.) Maar die overige twintig procent, dat zijn toch 3,5 miljoen mensen. Die passen lang niet in mijn Edisonnetje, maar staan er in potentie wel voor open.
Waarom krijgt Selexyz ze niet binnen? Misschien omdat ze Edisons geheime toevoegingen verkeerd doseren. Ze sluiten bijvoorbeeld als iedereen van z'n werk komt. De Haagse boekhandel Paagman is tegenwoordig elke avond open, wat aan lijkt te slaan, en dan zit die zaak nog niet eens in het centrum.
Ook de koffiebar met verspreide zithoekjes ontbreekt bij Selexyz. Er is één streng afgeperkt koffieterras, een Bagels and Beans-filiaal, wat betekent dat het voor tachtig procent vol zit met dochters en moeders volgehangen met klerentassen. Komen even uitpuffen van het shoppen. De overige twintig procent zijn truttenvriendinnetjes die boven hun avocadobagels over hun schoenen en vriendjes komen kleppen boven een ‘latte’. (Latte, dat is van de duivel, als u dat nog niet wist. Latte: het woord staat voor alles wat er fout gaat in onze wereld. Wie dat spul de boekwinkel binnenhaalt verdient het ook gewoon om te sterven). Ze raken geen boek aan, met hun gefiguurlakte nageltjes, maar jagen wel alle lezers en knappe studentes weg.
Avondopening en zithoekjes: de panacee tegen het failliet, ik geef hem haast voor niets. In ruil vraag ik slechts een Edison.