Handel in schuld

Leed vermarkt

Handel in schuld veroorzaakt grote schade in Nederland. Schuldkopers, officieuze verlengstukken van ING, ABN en andere grote bedrijven, teren op de verzorgingsstaat terwijl ze weigeren hun maatschappelijke verantwoordelijkheid te nemen. Bluf en intimidatie zijn hun verdienmodel.

‘Je treft me op het drukste moment in het jaar’, zegt schuldhulpverlener Joke de Kock. ‘Alleen al deze week is in Tilburg bij vier gezinnen de hele bankrekening leeggehaald. Schuldeisers weten dat nu het vakantiegeld gestort wordt. Het is oogsttijd.’

De wachtkamer van de gemeentelijke schuldhulpverlening in Tilburg zit vol. Een jonge man staart naar zijn schoenen. Een moeder komt binnen met een kind op haar arm en een ander jengelend aan haar hand. De Kock, tot voor kort voorzitter van de vereniging van schuldhulpverleners, probeert al jaren te zorgen dat schuldeisers, incassobureaus en deurwaarders op een meer menselijke wijze schulden innen. Die klus is al lastig genoeg bij gewone schuldeisers, maar wordt sinds een aantal jaar nog moeilijker gemaakt door bedrijven die bewust schulden kopen om er geld aan te verdienen. Partijen met onbekende namen als Vesting Finance, Hoist en Direct Pay kopen bij andere bedrijven openstaande schulden en daarmee het recht om de schulden op te eisen. De Kock is woest over hun handelwijze. ‘Ze zijn rücksichtslos. Schuldkopers hebben geen boodschap aan minnelijke oplossingen die wij voor onze cliënten proberen te treffen, ze banjeren er dwars doorheen. Ze hebben lak aan de schade die ze veroorzaken en pakken wat ze pakken kunnen.’

Medium schulden groot

Drie maanden geleden werd de rekening van Martine leeggehaald door Direct Pay. ‘Ik had van dat bedrijf nog nooit gehoord. Ik schrok me rot’, zegt ze. ‘Ineens had ik niets meer, nul. Ik kon de huur en zorgverzekering niet meer betalen, geen boodschappen doen. Gelukkig had ik nog wat eten in de vriezer.’ Pas nadat een schuldhulpverlener voor haar navraag deed, bleek dat Direct Pay een oude schuld heeft gekocht van energieleverancier Essent.

Martine, die niet met haar echte naam in de krant wil, werkte als serveerster. Twee jaar geleden werd ze ontslagen en kwam in de bijstand. Toen haar man kort daarna hetzelfde overkwam liepen hun schulden op. Samen moesten ze voor drie kinderen zorgen. ‘We kwamen toen gewoon niet rond. Onze kinderen hebben schoolboeken, eten en kleren nodig. Dan betaalde ik wel eens een rekening niet om de studie van mijn kind te kunnen betalen. Dat zijn keuzes die je moet maken. Ik heb er alles aan gedaan om de rekeningen te betalen. Ik heb m’n gouden sieraden, zelfs m’n trouwring, verkocht. Ik kocht een tondeuse zodat de kinderen niet meer naar de kapper hoefden.’ Haar zoon van achttien laat zien hoe zijn moeder met de tondeuse een hap uit zijn kapsel nam. ‘Ja, soms schiet ik uit’, lacht ze.

Ondanks alle moeite liepen de schulden alleen maar op. Uiteindelijk klopte ze aan bij de schuldhulpverlening. Die probeerde een regeling te treffen met haar schuldeisers, waaronder Essent, de woningcorporatie en de zorgverzekering. De regeling mislukte omdat Essent niet akkoord ging. Kort daarna verkocht Essent de schuld aan Direct Pay, die vrijwel direct haar bankrekening plunderde.

Direct Pay zegt in een reactie zich niet te herkennen in het verhaal en altijd meerdere ‘contactpogingen’ te ondernemen met de klant. Woordvoerder van Essent Ronald Sutmuller wil ook niet ingaan op het verhaal, maar benadrukt dat Essent ‘dankzij schuldverkoop de energierekening voor onze klanten laag kan houden’.

Het botweg leeghalen van iemands rekening lijkt een paardenmiddel, maar het is typerend voor de nieuwe manier waarop een aantal incassobureaus sinds kort te werk gaat in Nederland. Deze bedrijven kopen oude schulden en openstaande facturen van banken, energieleveranciers, kredietverstrekkers, postorderaars, telefoonbedrijven en webshops. Dat gaat gemakkelijk in ons land, waar soepele regels gelden voor de overdracht van schulden en er ruime mogelijkheden zijn om beslag te leggen op het loon, de bankrekening of de boedel. Voor een prikkie, soms slechts vijf procent van de totale boekwaarde, doen bedrijven hun schulden van de hand. Niet ieder jaarverslag is even transparant, daarom is het moeilijk te zeggen hoeveel mensen in handen zijn gekomen van schuldkopers. Maar bij die bedrijven waarvan data beschikbaar zijn zie je dat de gekochte schulden in hun portefeuille over de afgelopen vijf jaar sterk zijn toegenomen. In 2015 hadden Vesting Finance, Intrum Justitia en Direct Pay gezamenlijk meer dan honderd miljoen aan gekochte schulden in hun bezit.

Zelfs mensen met een doodnormale hypotheek of lening bij een Nederlandse grootbank kunnen bij een schuldkoper belanden. Tijdens de economische crisis verkochten ABN Amro en ing hun complete incassoafdelingen. Daarna maakten ze afspraken met hun zelfgeschapen vaste incassopartners om incasso-activiteiten voor een vaste groep klanten automatisch uit te besteden. Zo houden Nederlandse banken hun naam ‘goed’ terwijl ze het vuile werk laten opknappen door onbekende rauwdouwers. Daarmee trekken ze de precaire balans tussen debiteuren, schuldeisers en hulpverleners met één ruk onderuit – en ontnemen ze ook mensen die hun schulden onder ogen zijn gekomen het vooruitzicht op een financieel zekerder, schuldenvrij bestaan.

Platform voor onderzoeksjournalistiek Investico en Nieuwsuur *doken mede voor *De Groene Amsterdammer in de voor Nederland relatief nieuwe schuldenhandel, een sector die op Amerikaanse leest is geschoeid en in de nasleep van de financiële crisis via het Verenigd Koninkrijk en Scandinavië naar ons land kwam overwaaien. Er valt wat te halen op de Nederlandse markt: bijna één op de vijf Nederlandse huishoudens heeft een risicovolle schuld. Van hen klopt slechts een deel aan bij de schuldhulpverlening. Maar dat aantal steeg de afgelopen jaren snel: van 34.000 in 2003 tot 89.000 in 2016 (zie kader onderaan). De incassobranche had al niet de reputatie zachtzinnig te zijn, maar iedereen die we spraken, van schuldhulpverleners tot advocaten en toezichthouders tot de beroepsorganisatie van deurwaarders, is het erover eens: de woekerboeren gaan op een nieuwe, ongekend harde wijze tekeer.

Ingeklemd tussen snelwegen en een sportpark staat in een uithoek van bedrijventerrein Amsterdam Sloterdijk een doodnormaal kantoor. Op de gevel geen logo. Niets doet hier denken aan de glimmende glazen torens van de Zuidas. Boven een van de lege bureaus – het is lunchtijd – zijn wat slingers in het systeemplafond gestoken, op de kast staat een vissenkom naast een teddybeer.

Hier huist incassobureau Vesting Finance. Het bedrijf bezat vorig jaar zo’n 26 miljoen euro gekochte schulden van Nederlandse consumenten en ondernemers. In de vergaderzaal zitten Erwin de Boer en Marnix Uhl, beiden met pak en das en de haren strak achterover gekamd. Over de hele wand in de vergaderruimte prijkt de skyline van New York. De oud-bankiers vertellen hoe Vesting Finance elf jaar geleden begon met het kopen van schulden, een praktijk die een heuse industrie werd in de Amerika. ‘De eerste portefeuille die wij kochten was van een telefoonmaatschappij. Daarna is het hard gegaan. Nu werken we samen met bijna alle Nederlandse banken’, vertelt De Boer. Van ing kocht Vesting zelfs de complete incassoafdeling. Tientallen medewerkers van de ‘ziekenboeg van de bank’ en nog veel meer klanten gingen aan het begin van de economische crisis plotsklaps over naar het incassobedrijf.

Ook ABN Amro verkocht in 2012 zijn gehele bijzonder-beheerafdeling. Op het hoogtepunt van de crisis, toen een recordaantal mkb’ers failliet ging, besloot abn om zo’n 150 medewerkers en 1,5 miljard aan leningen over te dragen aan Lindorff, een tot dan toe onbekend incassobedrijf uit Noorwegen. Na de nationalisatie kreeg de bank van de staat de opdracht om te krimpen en personeel te ontslaan. Het incassowerk, daar wilde abn best vanaf.

En zo maakten ing en abn hun eigen afvoer voor de zelfgeschapen erfenis van slechte leningen van voor de crisis. Sindsdien dragen ze hun lastige of oude schulden standaard over. Af en toe verkopen de grootbanken zelfs hele pakketten schuld om hun kwartaalcijfers wat op te fleuren.

ing, de oud-werkgever van De Boer, is nog steeds de belangrijkste opdrachtgever voor Vesting Finance. Hoewel juridisch een ander bedrijf, ‘zijn we eigenlijk een afdeling van ing,’ vertelt De Boer monter. ‘We zijn hun back-office, hun serviceapparaat.’ ing kan een klant met één briefje overdragen aan Vesting Finance. Het incassobedrijf probeert voor ing nog een beetje geld te kloppen uit de laatste restjes schuld waarop ing z’n verlies al heeft genomen. Daarmee beschermen deze incassobureaus de ‘goede naam en klantrelatie’ van hun opdrachtgevers, zoals koeltjes op de website van Vesting Finance staat vermeld. Ook Lindorff zegt op een manier te werken die ‘positief zal zijn voor uw reputatie en het vertrouwen’.

Het botweg leeghalen van iemands rekening is typerend voor de nieuwe manier waarop een aantal incasso­bureaus te werk gaat

abn en ing zijn daar bijzonder blij mee. ‘Wij gaan zorgvuldig om met onze klanten. Vesting is een partij die deze zorgvuldigheid net zo serieus neemt als wij’, zegt Arjen Boukema, woordvoerder van ing. Op de website van ABN Amro is zelfs een aparte pagina waar abn de diensten van Lindorff aanprijst. De Boer en Uhl zien ook alleen maar voordelen aan dit systeem, zowel voor zichzelf als voor de bank. ‘Wij zijn de flexibele schil van de bank’, zegt Uhl. ‘Vanwege de banken-CAO zijn de salarissen bij ons twintig procent lager dan bij ing, dus het is vanuit kostenefficiency handig om ons in te schakelen’, rekent hij voor. ‘Wij hebben bovendien veel meer contact met de klant. Bij de bank was het geen core business meer. Wij leggen weer contact, omdat we willen dat hij gaat betalen,’ vult De Boer aan.

Contact met de klant klinkt misschien vriendelijk, maar dat is niet hoe Jeffrey Toorop het ervaart. Hij zit al sinds 1983 bij ing. Voor de crisis liepen zijn sportscholen op rolletjes. ing riep zijn Elegance Health Centre zelfs uit tot beste startup van het jaar 2002. Maar door een opeenstapeling van pech en crisis ging het vanaf 2008 steeds slechter met zijn onderneming. Hij moest noodgedwongen een sportschool verkopen en bleef achter met een flinke restschuld. In plaats van zijn trouwe klant te steunen, plaatste ing hem over naar Vesting.

‘Eind 2015 krijg ik ineens een brief van Vesting Finance dat mijn dossier naar hen is overgedragen. ing had me niets verteld. Aanvankelijk dacht ik nog dat Vesting een afdeling was van ing, maar dat bleek niet zo te zijn’, zegt hij. Meteen nadat hij bij Vesting terechtkomt wordt zijn bankrekening bevroren. ‘Ik kon nergens meer bij. Mijn rekeningen voor gas, water, licht en telefoon kon ik niet meer betalen. Meteen liepen de schulden op, en snel ook’, zegt hij. Vesting kon nog wél bij de rekening en schreef drieduizend euro incassokosten af. Na overleg kan hij een regeling treffen met Vesting. Maar ing bleef rente bijtellen.

Medium ekster huis

Vervolgens werd Toorop ‘meerdere keren aangeschreven door Vesting Finance. Ze vroegen me steeds opnieuw om documenten die ing al had: jaarrekeningen, klantenlijsten, nieuwe taxaties van woning en bedrijfspand. Dat moest ik zelf betalen. Ik raakte daar gestrest van, ze waren zó dwingend en intimiderend’, zegt hij. ‘Bij ing was het geen pretje. Maar ing staat tenminste nog onder bankentoezicht, Vesting niet.’ In een reactie laten Vesting en ing weten niet te willen reageren op een specifieke casus.

Toorop is niet de enige die zich slecht behandeld voelt door Vesting Finance. De afgelopen vijf jaar waren Vesting en Lindorff de bedrijven waarover klachteninstituut voor incassobedrijven Kigid de meeste klachten ontving (zie kader). Uit meerdere zaken blijkt dat Vesting pas na lang aandringen inzicht geeft in de onderbouwing van een schuld. Vesting ‘reageerde nergens fatsoenlijk op’, meldt een debiteur aan de klachtencommissie. Een andere klant kreeg van Vesting geen duidelijkheid of zijn betaling daadwerkelijk werd gebruikt om de oorspronkelijke schuld bij ing af te lossen.

‘Ik zou niet graag met zulke bedrijven te maken hebben. In elk geval niet als ik ze niet kende.’ Hoogleraar privaatrecht Eric Tjong Tjin Tai is een van de experts op het gebied van de zorgplicht van banken. Een bank moet, nog meer dan gewone bedrijven, zorg dragen voor zijn klant. ‘Door de verkoop ontstaat een lacune in de zorgplicht van de bank. Die hele zorgplicht lijkt te verdwijnen op het moment dat je terechtkomt bij een koper. Dat is niet in het voordeel van de klant.’

De Autoriteit Financiële Markten (afm) heeft praktisch geen mandaat om toezicht te houden op schuldkopers, maar heeft er wel degelijk grote bedenkingen bij. ‘Een bank die een lening uitgeeft zou verantwoordelijkheid moeten blijven nemen voor de klant, ook als er problemen ontstaan’, zegt afm-woordvoerder Nicole Reijnen. ‘Het is echt schadelijk als een klant opnieuw allerlei gevoelige informatie moet aanleveren aan het incassobureau of opnieuw taxaties moet laten doen.’

Toch heeft klachtencommissie Kigid geen bezwaar tegen de overdracht van onvolledige dossiers. Zij meent dat een debiteur, die bijvoorbeeld vanuit een bank terechtkomt bij een incassobureau, zelf maar moet controleren of het dossier wel klopt. De eis dat incassobureaus over volledige informatie zouden moeten beschikken voordat ze beginnen te innen, vindt het Kigid ‘een te grote belasting voor de incassopraktijk in het algemeen en voor incassopraktijken waarbij sprake is van gekochte vorderingen in het bijzonder’.

Pas wanneer je je mannetje staat blijken de schuldkopers een stuk minder zeker van hun zaak dan hun harde brieven en eisen doen vermoeden. Schuldhulpverlener Joke de Kock vertelt hoe een van de schuldkopers 2400 euro eiste van een cliënt van haar. ‘Wij belden om te vragen hoe groot de totale schuld was. “Achttienduizend euro”, zeiden ze. Dat was raar. Wat was het nou? 2400 of achttienduizend? Dus we vroegen om een specificatie. Die kregen we niet, ze zeiden alleen: “Geef maar vijfhonderd euro, dan is het goed.”’ Daar moest De Kock niets van hebben: ‘Je krijgt niks, je bent gewoon een oplichter’, liet ze het bedrijf weten. Ze hebben niets betaald en nooit meer wat van ze gehoord.

‘Ik ben ontslagen. Studenten en computers doen nu mijn werk’, vertelt een oud-medewerker van Lindorff. De specialist, die jaren schulden inde bij ABN Amro totdat hij met al zijn collega’s overging naar Lindorff, geeft een kijkje in de machinekamer van de schuldkoper. Op voorwaarde van anonimiteit, dat wel. Eigenlijk voelt hij zich nog steeds vooral een abn’er, hij heeft niet veel op met het Noorse incassobedrijf.

‘Bij abn had ik zo’n 250 klanten’, zegt hij. ‘Toen we overgingen naar Lindorff verdubbelde dat bijna. In het begin stapelde het werk zich op. Mijn manager zei dat ik nóg harder moest werken. Daardoor wordt de incasso alleen maar harder. Bij ABN Amro kon ik onderzoek doen, ik wist hoe de schuld was ontstaan en wat die persoon kon aflossen. Ik zorgde dat mensen niet eindeloos in de schulden bleven zitten. Dat was goed voor de klant en voor de bank. Nu ga je aan je computer zitten, krijg je een vordering voor je neus, en je gaat bellen. Mijn ex-collega’s hebben vaak geen idee met wie ze spreken. Ze zijn vooral bezig met geld innen. Samen een oplossing zoeken, dat is er niet meer bij. Oudere werknemers worden vervangen door jonge mensen, voor het merendeel studenten, tegen een veel lager salaris.’

Lindorff heeft een kwaliteitskeurmerk van de branchevereniging, zegt het bedrijf in een reactie. Bovendien, zo stelt de woordvoerder, heeft Lindorff ‘business practice principles opgesteld waarin onder andere de ethische waarden van Lindorff zijn vastgesteld’. abn ontkent in een reactie dat Lindorff de afgelopen jaren harder is gaan incasseren.

De praktijk waarbij bedrijven jarenlang schulden blijven innen zonder te werken aan een oplossing is de afm een doorn in het oog. ‘Hierdoor komen mensen in een uitzichtloze situatie. Met computers kun je wel simpel blijven uitwinnen, maar dat is moreel onjuist. Bedrijven moeten met de klant naar een uitweg zoeken. En daar heb je gekwalificeerd personeel voor nodig’, zegt afm-voorlichter Nicole Reijnen.

Schuldkoper Hoist eist 44.000 euro van een mevrouw met een Wajong-uitkering en het verstand van een vier- tot vijfjarige

De kans is klein dat schuldkopers zich daar veel van zullen aantrekken. In elk geval niet als het aan de directeur van het digitaliseringsprogramma bij Lindorff ligt. ‘Big data, social media en robotics zijn allemaal naadloos geïntegreerde oplossingen waar wij als Lindorff in mee moeten. Wij streven ernaar om standaard digitaal te werk te gaan’, schrijft ze op de website.

Consumentenfora op internet staan vol met klachten over schuldkopers. ‘Ik kreeg een brief van Kluijvert deurwaarders met het verzoek om even 17 duizend euro’s over te maken. Uiteraard even gebeld aangezien de vordering van een zekere Hoist kwam. Geen idee wie of wat dat was. De dame aan de telefoon wist me te vertellen dat het ging om een krediet dat ik in 1991 heb afgesloten en dat nog gedeeltelijk open stond.’

‘Ook ik ben sinds een week bekend met Hoist. 12 jaar geleden ben ik vanwege het verbreken van een relatie in de financiële problemen gekomen. Hier ben ik langzaam uitgekomen in 3 jaar. De afgelopen 7 jaar heb ik nooit meer enig financieel probleem gehad. Tot ik vorige week een brief kreeg. Een vordering uit 2004… 11 jaar oud. Of ik binnen 5 dagen wilde betalen.’

Hoist noemt zich een ‘pan-Europese financiële groep’, is opgetuigd met durfkapitaal uit Zweden en officieel gevestigd op het eiland Jersey. Bij tientallen tegelijk koopt het consumentenschulden van banken als Crédit Agricole en Santander, die in Nederland autoleningen en doorlopende kredieten verstrekken. Uit één overeenkomst tussen Crédit Agricole en Hoist blijkt dat de schuldkoper voor minder dan een derde van de boekwaarde grote stapels Nederlandse schuldpapieren overneemt.

Een dossier uit 2015 laat zien hoe Hoist erin slaagt het schuldbedrag daarna omhoog te jagen. Een openstaande schuld van 53.000 euro komt vermeerderd met rente binnen als een ‘hoofdsom’ van ruim 60.000 euro. Hoist telt daar nog ruim 13.000 euro aan rente en kosten bij op. Uiteindelijk staan ze met een bedrag van bijna 74.000 euro bij de schuldenaar voor de deur. Hoist haalt onder meer door beslag te leggen op zijn bezittingen 12.000 op. De ruim 61.000 euro die daarna blijft openstaan is nog steeds ruim meer dan de oorspronkelijke schuld. Tegen de tijd dat er weer wat te halen valt is de rente natuurlijk weer opgelopen. Zo kun je met een beetje pech je hele leven aan een oude schuld blijven vastzitten.

Als mensen na eindeloze aanmaningen en kostenverhogingen nog altijd niet betalen, kan Hoist makkelijk naar de rechter stappen. Het crediteurvriendelijke Nederlandse rechtssysteem is schuldkopers gunstig gezind. Uit een rechtspraakanalyse die we maakten blijkt dat het bedrijf de afgelopen jaren tientallen keren voor de Nederlandse rechter te vinden was, om een schuld af te dwingen of om een betalingsregeling tegen te houden.

Zo doet de rechtbank Rotterdam eind 2015 uitspraak in een zaak over een vordering van zeventigduizend euro die Hoist twee jaar eerder had overgenomen. Zonder enige dienst aan de debiteur te hebben verleend mag de opkoper van de Rotterdamse rechter meer dan vijfduizend euro rente rekenen, die dus boven op de oorspronkelijke schuldsom komt. De advocaat van de debiteur, die zijn betalingsachterstand had opgelopen tijdens een echtscheiding, is boos: ‘Op de zitting weigerde Hoist mee te werken aan een betalingsregeling. Terwijl mijn cliënt gewoon weer een stabiel salaris had. Hij had 36 maanden lang vierhonderd euro per maand kunnen aflossen. Maar Hoist wilde er niets van weten.’

Een maand later mag de rechtbank Rotterdam weer aan het werk. Hoist eist 44.000 euro van een mevrouw met een Wajong-uitkering en het verstand van een vier- tot vijfjarige. Dit gaat de rechter te ver, hij wijst de vordering af.

Een zaak uit april 2016 schijnt nog meer licht op de strategie van Hoist. Een jongeman die net een driejarige betalingsregeling met zijn schuldeisers achter de rug heeft, klaagt Hoist aan. Op het moment dat de man denkt van zijn schulden verlost te zijn legt het bedrijf beslag op zijn loon. Hoist verdedigt zich – als enige van de schuldeisers – met het argument dat de man te weinig geld heeft afgedragen. Om technische redenen wijst de rechtbank het protest van de man af. Hij is de verkeerde procedure gestart.

Wanneer wij Hoist om een interview vragen, wijst hun medewerker het af: ‘Daar hebben we weinig mee te winnen.’ Op de individuele rechtszaken wil Hoist niet ingaan.

‘Schuldkopers instrueren de deurwaarders om maximale druk uit te oefenen. Zij nemen niet alleen je inboedel mee, maar ook de auto waarmee je naar je werk moet, of zelfs je rashond.’ Nadja Jungmann, lector schulden & incasso aan de Hogeschool Utrecht, legt uit hoe schuldkopers door deze harde opstelling ook andere bedrijven duperen. ‘Als je moet kiezen tussen je schuld betalen of je inboedel kwijtraken, kies je toch voor behoud van je spullen en ga je betalen. Maar vaak héb je dat geld helemaal niet. Hierdoor betaal je de energierekening, de zorgverzekering en de huur niet meer’, legt ze uit. ‘De opkopers duwen zo partijen opzij die tot dan toe altijd braaf betaald zijn en zorgen ervoor dat er nog meer schulden ontstaan.’ Schuldkopers maken hierbij handig gebruik van het verschil tussen loonbeslag, waar strenge wettelijke kaders voor zijn, en bankbeslag waar die kaders veel losser zijn. Volgens de regels mag een schuldeiser nooit iemands volledige loon innen, omdat die persoon nog geld moet overhouden om te leven. Maar wanneer dat loon op een bankrekening is gestort, mag de schuldeiser ineens alles pakken wat op de rekening staat en hoeft hij geen cent achter te laten.

Zelfs volgens de beroepsorganisatie van gerechtsdeurwaarders is bankbeslag leggen zonder rekening te houden met iemands bestaansminimum schadelijk en onrechtvaardig. De organisatie werkt nu dan ook aan een wetsvoorstel om de regels over het bankbeslag te verbeteren. ‘Dit is een probleem dat dringend handelen van de wetgever behoeft’, laat de jurist van de beroepsorganisatie weten.

Michel van Leeuwen, gerechtsdeurwaarder en oud-bestuurder van de organisatie, zegt dat hij weigert om op die manier met schuldkopers te werken. ‘Normaal gesproken doen wij van alles voordat we beslag leggen: we bellen, gaan langs, proberen een regeling te treffen. Sommige schuldkopers moeten daar niets van hebben en leggen het liefst meteen beslag. Zij kijken alleen naar rendement.’ Van Leeuwen pleit er dan ook voor om grenzen te stellen aan de doorverkoop van schulden. ‘Grote bedrijven hebben de mond vol van maatschappelijk verantwoord ondernemen, maar hebben geen oog voor de problemen die kunnen ontstaan bij het verkopen van vorderingen.’

De maatschappelijke kosten worden nog groter als je bedenkt waar het geld dat deze bedrijven in beslag nemen vandaan komt. Meer dan de helft van de mensen die aankloppen bij de schuldhulpverlening leeft van een uitkering. Juist deze mensen maken schulden om rond te komen. Als die schulden verkocht worden, leggen schuldkopers dikwijls beslag op de uitkeringen, kindertoeslag of zorgtoeslag. Grote sommen uitkeringsgeld verdwijnen zo vrijwel direct vanuit de staatskas in de zakken van de bedrijven. Wanneer schuldkopers de bankrekening leegtrekken moeten gemeenten regelmatig opdraven met geld uit een noodfonds om te zorgen dat mensen te eten hebben.

Wanneer wij Hoist om een interview vragen, wijst hun medewerker het af: ‘Daar hebben we weinig mee te winnen’

Terwijl ze volop teren op voorzieningen die de belastingbetaler opbrengt, doen schuldkopers opvallend veel moeite om zo min mogelijk belasting af te dragen. Zowel Hoist als Lindorff heeft brievenbussen op belastingparadijs Jersey. Omdat de winst van Hoist via Jersey naar Zweden gaat, betaalt het bedrijf er in Nederland geen belasting over.

Middels de brievenbus op Jersey probeert Hoist ook ongrijpbaar te worden voor het Nederlandse recht. Wanneer een schuldenaar Hoist via de rechter probeert te dwingen mee te werken aan een schuldregeling, beweert het bedrijf herhaaldelijk niet aan het Nederlandse recht gebonden te zijn. Een advocaat die betrokken was bij een zaak tegen Hoist heeft het in haar lange praktijk zelden zo bont gezien: ‘Ze líegen gewoon, dat vind ik nog het ergste. Er lagen toen al lang en breed uitspraken dat Hoist zich gewoon aan het Nederlandse recht moet houden.’

Medium haai huis2

Hoe meer crisis en financiële misère, hoe meer schulden er te koop zijn. Nu de economie weer aantrekt neemt het aanbod ‘verse’ schulden af. ‘Op een gegeven moment merkten wij dat de kwaliteit van onze vorderingen steeds slechter werd’, vertelt de oud-medewerker van Lindorff. ‘ABN Amro hield de mooie vorderingen voor zichzelf. Inmiddels is de instroom van leningen op mijn oude afdeling volledig opgedroogd.’

Maar dat betekent niet dat er voor de schuldkopers magere tijden aanbreken. Zij blijven rustig vijftien jaar lang bezig met een gekochte schuld. Lindorff incasseert nog steeds op ‘vintage’ schulden van voor 2000, die al vier tot vijf keer meer hebben opgeleverd dan Lindorff er ooit voor betaalde.

Nu de economie aantrekt gaan schuldkopers bovendien met de stofkam door de boeken van hun klanten, om oude vorderingen van tijdens of zelfs voor de economische crisis te kopen. Meer dan de helft van de gekochte schulden van Hoist zijn zogenoemde ‘garage claims’, incassojargon voor vorderingen die meer dan vijf jaar oud zijn. Een deel van deze schulden is volgens Hoist enkel een papieren archief dat nog niet is gedigitaliseerd. Van tijd tot tijd ‘herincasso’ plegen op een dossier is genoeg om verjaring te voorkomen. Een geautomatiseerde aanmaning sturen bijvoorbeeld, of een verzoek om contact op te nemen. Zo kon het gebeuren dat Hoist onlangs in de rechtbank stond om een schuld te innen die nog was uitgegeven in guldens.

Het ministerie van Sociale Zaken kreeg vorig jaar in een door haarzelf aangevraagd vooronderzoek nadrukkelijk advies om korte metten te maken met de schuldenhandel. ‘Verbod tot doorverkoop van vorderingen, met name aan “loan sharks”’, is volgens onderzoekers van de Universiteit Tilburg een randvoorwaarde om de schuldenproblematiek in Nederland op te lossen. Voorlopig doet het ministerie niets met deze aanbeveling. ‘Dit was een pre-advies. We willen eerst nog verder onderzoek doen.’ Wel verwijst Sociale Zaken naar het ministerie van Veiligheid en Justitie. ‘Zij werken samen met de vereniging van incassobureaus nvi aan een gedragscode voor de sector’, zegt de woordvoerder van het ministerie.

Terwijl de ministeries de hete aardappel doorschuiven, klinkt het meest kritische geluid bij de afm. De toezichthouder benadrukt weliswaar geen formele macht te hebben om de schuldenhandel aan banden te leggen, maar zegt dat ‘de overdracht van leningen economisch waarschijnlijk niet meer aantrekkelijk is als de bedrijven zich aan de afm-leidraad moeten houden’.

En hoewel de sector zijn werk graag presenteert als een vorm van rationele efficiency, gaat het in werkelijkheid niet zozeer om de unieke professionaliteit van de schuldkopers, maar om het feit dat ze de boel in bulk kunnen aankopen en verwerken. Alleen door enorme portefeuilles over te nemen en op harde en volautomatische wijze uit te winnen kan er nog een rode cent verdiend worden. Van één kale kip kun je misschien niet plukken, maar uit een megastal vol kale kippen is altijd wel iets te wringen.

Schulden in Nederland

Bijna een op de vijf Nederlandse huishoudens heeft een risicovolle schuld. Driekwart tot een miljoen mensen hebben zelfs te maken met een schuld waarbij de maandelijkse aflossing lager is dan de rente- en aflossingskosten. Slechts een deel van deze mensen klopt aan bij de schuldhulpverlening. De gemiddelde omvang van hun schuld nam sinds de crisis toe: van zo’n dertigduizend euro in 2007 tot veertigduizend euro in 2016.

Schulden ontstaan snel bij mensen met een laag inkomen. Uit onderzoek van het SCP uit 2016 blijkt dat iets meer dan de helft van de mensen met een laag inkomen geen onverwachte grote uitgave, bijvoorbeeld voor een kapotte wasmachine, kan doen zonder schulden te maken. Meer dan de helft van de mensen met een problematische schuld heeft last van stress, slapeloosheid, depressie of andere gezondheidsproblemen.

Het Kigid

Het Klachten Instituut voor Gecertificeerde Incasso Diensten is het kleine neefje van het bekendere Kifid, dat klachten over de financiële sector behandelt. Debiteuren kunnen er klachten indienen tegen de 25 incassobedrijven die zijn aangesloten bij de Nederlandse Vereniging van Incasso-Ondernemingen (NVI). Tussen 2010 en 2017 heeft de commissie in 77 zaken uitspraak gedaan.

Het Kigid beoordeelt het geschil niet juridisch, maar toetst of de aangesloten bedrijven hun klanten behandelen volgens de regels van het Incasso Keurmerk. Dit keurmerk is opgesteld door de NVI zelf, in overleg met overheid, consumentenorganisaties en werkgeversorganisatie VNO-NCW.

Het Kigid heeft geen van de klagers in de afgelopen vijf jaar de mogelijkheid gegeven om hun klacht over een schuldkoper mondeling toe te lichten. Dit terwijl het een van de basisvoorwaarden is voor een eerlijke procedure. Zelfs een naar haar oordeel ‘weinig specifieke’ klacht, achtte de commissie ‘voldoende schriftelijk toegelicht’.


Wij blijven schrijven over de handel in schuld. Heeft u tips over dit onderwerp? Kijk op platform-investico.nl om met ons in contact te komen. Dit onderzoek werd mede ondersteund door Fonds 1877

Inmiddels zijn er Kamervragen gesteld naar aanleiding van dit onderzoek. Deze zijn hier te lezen.


Rechtspraakdata geanalyseerd dankzij bijdrage van datagraver.