Lelijke luierkonten televisie

Tik Tak is Vlaamse televisie voor de allerkleinsten. Vorm, kleur, geluid, beweging. Vakkundig en met liefde gemaakt. Maar: moet dat wel, peutertelevisie? De vraag dringt zich opnieuw op sinds Teleac/NOT Pamperdragers vergast op Tinky-Winky, Dipsy, Po en Laa-Laa, de Teletubbies. Maar ze is tegelijk voorgoed theoretisch geworden: Tubbies are here to stay, zoals Sesam Straat, televisie überhaupt en McDonald’s.

Woensdagnamiddag komt onze kleindochter, zes maanden, op bezoek. Zij bijt op rammelaar en alles binnen handbereik, ze hijgt, proest en lacht, voert gevechten met ring en bel boven het wipstoeltje en tegen de slaap, maar de keer dat wij zo nodig iets moesten zien en zij van verre een glimp opving, bleef het koppie omgedraaid en doodstil op de buis gericht. Televisie heeft kennelijk een ongeëvenaarde aantrekkingskracht, want schilderij noch affiche heeft ze ooit meer dan een voorbijgaande blik gegund. Louter bewegend beeld is voldoende voor ademloze fascinatie. Teletubbies zou haar wellicht niet méér kluisteren dan elk ander programma, maar doet dat wel bij iets grotere kijkertjes die in Po een soortgenoot herkennen.
Eerst in Engeland en sinds vorige week ook hier, is Teletubbies bovenal slim gemaakt. Het beweegt. Het maakt geluiden die zowel verwant zijn aan die van de doelgroep als aan klanken die volwassenen tegen de jongsten maken. Zo barsten de Teletubbies regelmatig uit in ‘o, o’, de eerste 'o’ een kwint hoger dan de tweede, die tweede langer aangehouden - perfecte imitatie van wat ouders en crècheleidsters zeggen als er iets valt of misgaat, op een wijze die tegelijk uitdrukt: alles is goed. Precies wat vroeg of laat de kleine nadoet van papa, juf en nu Dipsy.
De vier hoofdpersonen zijn van alles tegelijk: peuter, kind, volwassene; pop, mens, stripfiguur; vrouw en man; op elkaar lijkend en toch verschillend. De locatie lijkt het meest op een prentenboektekening, maar er huppen heuse konijnen rond. De zon bestaat uit een gefilmd babygezicht, zo uit een Ster-spot geplukt, dat van verbaasd en afwachtend overgaat in een stralende lach. En geniaal van eenvoud is dat na menig 'avontuur’ het 'nog een keer, nog een keer’ klinkt dat elke liedjeszinger, 'damespaard-boerenpaardspeler’ en voorlezer eindeloos te horen krijgt. En ja hoor: instant-herhaling. Dat zou volgens criticasters debiliserend werken, maar waarom zou televisie dat effect hebben, waar herhaalde Nijntjes juist kennis en kritische geest stimuleren: probeer maar eens ongestraft een woord te veranderen.
In de filmpjes met echte kinderen (jongetje, varken, waggelend klein broertje en mama: Klokhuis voor de allerkleinsten) heerst aangename rust. Maar toch… Is 25 minuten niet te veel van het goede voor de doelgroep? De zonnebaby heeft het enge dat Roomse kitsch aankleeft. Het gekir is wel erg nadrukkelijk. De zonovergoten Tubbiesheuvel is paradijselijk bedoeld, maar heeft iets van het unheimische dat bij science-fiction hoort. Zoals opduikende praatpalen, andere technologische wonderen en bovenal de Teletubbies zelf, die regelrecht ontleend zijn aan alle clichés van het Marsmannetjes-universum. Hun motoriek en luierkonten mogen iets van die van de kijkers hebben, ze lijken ook op die Amerikaanse, als cartoonfiguur verklede typen die sportwedstrijden begeleiden en onpruimbaar maken.
Teletubbies vormen het Europese antwoord op Amerikaans cultuurimperialisme, maar met de wapens van de vijand. Ze springen met de borst tegen elkaar op zoals basketballers doen na een dunk, of wiegen met de heupen als de Lolita’s in Henny Huismans treurige playback-vertoning. En bovenal: waarom zijn ze zo godsgruwelijk lelijk?
Zaterdag in de boekwinkel stortte een amper tweejarige zich op een boekje ('Laa-Laa, Laa-Laa’), zelfs niet bereid het uit handen te geven voor de financiële afwikkeling. Na vier dagen Tubbies, de Spice Girls voor peuters. Economisch zit het dus gebeiteld. Geef mij maar Tik Tak.

  • Zebra. Tien delen drama over jonge reclasseringsambtenaren. Nog niet echt goed, maar wel nieuwsgierigmakend. NCRV, dinsdag, 21.05 uur, Nederland 1.