Leuke dingen

Misschien is de ware kunst datgene te zeggen wat iedereen snapt. Of wil horen.

Dat de mens maakbaar is. Gelukkig kan worden. Dat eerlijkheid het hoogste goed is. Dat zwijgen de dingen kapot maakt. Ik zwijg liever dan dat ik praat. Ik denk dat geluk een overschatte toestand is. Ik houd van moeilijk, dat wat niet direct te begrijpen is. Ik ga ervan uit dat iedereen liegt, al klinkt liegen te hard voor wat ik bedoel.

‘Hè? Wat zeg je?’

Mijn dochter ligt naast me op het strand. Of ik nog goeie voornemens heb, voor na de vakantie. Opzij van ons is een tentje opgezet waarin een baby ligt te slapen. De oudere broer en zus zijn in de branding een zandkasteel aan het bouwen. De moeder ziet eruit als Gwyneth Paltrow, achteloze bikini, glaasje rosé in de hand. De vader is Bono, en drinkt een biertje.

‘Hoezo? Heb jij die dan?’

Ja, ze is van plan meer leuke dingen te gaan doen. Nu is zij ongeveer de enige op aarde die het woord ‘leuk’ mag gebruiken, al was het maar om de manier waarop zij het uitspreekt. Verder verdenk ik haar ervan dat ze me wil provoceren. Omdat ze weet dat ik geneigd ben neer te kijken op leuke dingen. Ze vertelt me over haar uitstapje met vrienden naar Berlijn, waar ze clubs bezocht voorzover de doorbitch dat toeliet.

Doorbitch?

Als ik het goed begrijp is dit iemand die niet praat, maar slechts met een minieme hoofdbeweging het verschil duidelijk maakt tussen instemmend knikken en afwijzend schudden. Geslacht? Bitch lijkt vrouwelijk, maar kan in de seksueel fluïde omgeving waarin deze bitches functioneren geloof ik alles betekenen. Ze zijn dus poortwachter, misschien zou je ze in andere tijden aanduiden met ‘portier’. Maar met een portier ga je op de vuist, terwijl een doorbitch respect afdwingt. Zo moest ik het voor me zien: een ellenlange rij voor een gewilde club, wachttijd úren. Eindelijk aanbeland bij de doorbitch wordt je in acht van de tien gevallen met die minieme hoofdbeweging te verstaan gegeven: nee.

Terwijl ik dit schrijf bak ik een pruimentaart, misschien is dat iets

‘Levert dat geen problemen op?’ vraag ik, nadenkend over de leuke dingen in mijn leven. Terwijl ik dit schrijf bak ik een pruimentaart, misschien is dat iets. Ik heb door de jaren heen geleerd dat je deeg niet hard genoeg kunt kneden, vroeger was ik veel te soft, bleef ik zitten met een plakkerige hap.

Mijn dochter legt uit dat het gaat om een gevoel van exclusiviteit. Zoals bij alles is het hier ook maar net hoe je ernaar kijkt. Het perspectief ligt niet bij degenen die worden afgewezen, maar bij hen die worden toegelaten.

Ik moet er even op kauwen. Zoals zij het brengt, vind ik het ook wel weer een eyeopener. Waarom je niet verheugen in de mazzel van enkelen, in plaats van denken solidair te moeten zijn met de grauwe gemene deler? Wie is daar ooit iets mee opgeschoten?

Vlak voor de vakantie ervoer ik ook al een blikverschuiving bij de overzichtstentoonstelling van Helmut Newton in het Foam. Ooit leek hij het kwaad te vertegenwoordigen, met zijn té gladde en hoogbenige naakten. In die tijd werd, ook door mij, gedacht dat van zijn foto’s een onderdrukkend decreet uitging. Nu zag ik kracht, schoonheid, en de zorgvuldig geënsceneerde fantasieën van een tegen vrouwen op kijkende geest. In de begeleidende documentaire was de fotograaf in actie te zien, een goeiige, beetje vrouwelijke man. Een levenlang getrouwd met zijn June. Aan haar de vraag of zij zich nooit zorgen maakte om de obsessie van haar man met mooie vrouwen.

‘Ik maakte me pas zorgen toen hij bloemen ging fotograferen’, zei ze.

‘It’s crystal clear!’ schalt het vanuit zee.

De kinderen van Gwyneth en Bono proberen hun ouders te verleiden om ook in het water te komen. De baby is wakker geworden en kruipt rond op de badhanddoek. Als een dorstig kalfje, op vier mollige pootjes, krijgt het slokjes toegediend uit een fles mineraalwater door de vader. Deze praat zachtjes tegen hem, kiepert de fles met beleid. Of hij nog een slokje wil. En nog eentje.

Mijn dochter is weer verdiept in het boek waarover ze eerder opmerkte dat het zo triest was. Haar frons. Het is dezelfde frons waarmee ze als baby met zee en strand kennismaakte. Vaak zijn dingen achteraf pas leuk. Of ze hebben tijd nodig, om leuk gevonden te worden. Gwyneth is nergens meer te zien. Ik zou maar gauw terugkomen als ik haar was, in d’r achteloze bikini. Alles gebeurt nu.