Opheffer

Leve de schapenneukers

Ook ik lijd soms gelukkig aan politiek correct denken.

Zo was ik enige tijd geleden in Marokko. Na een dag rijden in het prachtige landschap stopten we de auto. We gingen ergens picknicken. Het gebied was totaal verlaten, onherbergzaam, zeg maar. Plots zagen wij een herder met allemaal schaapjes. De herder zag er echt uit als een herder. Een beetje vies, lappen om, rafelig hoedje op, een beetje suffig, een beetje inteelt. De schaapjes waren wat bang voor ons, maar de herder wist ze, met bepaalde geluiden (ik herkende schapengeluiden: oewèè, bàh-bàh, oewèè) zo van richting te veranderen dat ze om ons heen liepen.

De herder groette ons van een afstand. En ik dacht: wat voor een hond heeft de herder eigenlijk vast? U moet weten dat ik een hondenliefhebber ben. Maar ik dacht ook iets anders: moet die hond die schapen niet hoeden? Waarom heeft de herder hem dan vast? Naarmate de herder dichterbij kwam, zag ik dat hij wel een heel vreemde hond had aangelijnd, namelijk een schaap. Maar wat voor een schaap. Zij had oorbellen in, haar ogen waren opgemaakt, althans geschilderd, en ze had een soort truitje van eigen wol aan. Ze was erg mooi.

«Zie jij wat ik zie?» vroeg ik aan mijn vriend.

«Ja, een mooi schaap, gaat waarschijnlijk naar een feestmarkt of zo.»

«Nee, die is er voor de neuk», zei ik.

En toen zag mijn vriend het ook. Het schaap was opgemaakt als vrouw. Het was zelfs zo dat het kontje van het schaap was kaalgeschoren.

Ik was verbijsterd, moest lachen en schaamde me tegelijkertijd.

De rest van de vakantie hebben wij alleen maar de vreselijkste grappen gemaakt. We konden geen schaap zien of we zeiden: «Ik zie nog een leuke vrouw voor je.»

Maar moesten wij dit verhaal breeduit in Nederland vertellen? Moest ik hier een column over schrijven? Ik besloot het niet te doen. Tenslotte wist ik niet zeker of dat schaap voor een fijne vrijpartij zo lekker hoerig was opgemaakt. Misschien gingen schaap en herder wel naar het schapen-opmaak-kampioenschap. Ik dacht ook: als ik zo’n verhaal schrijf, dan is het toch van: zie je wel, hij doet ook mee met de mening: eigenlijk zijn het allemaal geitenneukers.

Dat ik het verhaal nu wél vertel, heeft de volgende oorzaak: in de korte spanne tijds dat ik herder en schaap zag, merkte ik dat de herder heel erg lief voor het schaap was. Hij haalde haar voortdurend aan en koesterde haar echt. Ze moest dicht hij hem lopen en zitten. Steeds aaitjes doen. Die herder was eigenlijk een schat.

Nu hoor ik dat in verschillende moskeeën imams zeggen dat je rustig je vrouw mag slaan. Maar pas op, je mag niet haar botten breken. Hier en daar een stomp of een klap in het gezicht kan echter geen kwaad. Nu wil ik weten: tolereert zo’n imam wel bestialiteiten? Ik vermoed van niet. En opeens zag ik toen dat het neuken van het schaap misschien wel het begin is van een emancipatoire beweging!

Ik zag dat in Marokko vaak niets is dan de islam. Geen boekwinkel, geen krant, niets, alleen een moskee. Zo’n herder haalt daar alles vandaan: zijn onderwijs, zijn levensbeschouwing, zijn vooruitzichten in de wereld. En dan neukt hij een schaap, wat denk ik niet mag. Hij relativeert daarmee de koran. Hij schoffeert de imam. Want die herder denkt: ja luister, ik heb een vrouw nodig en die heb ik niet. Dus neem ik een schaap, wat jij ook zegt, imam. Die herder wil eigenlijk heel lief voor vrouwen zijn, hij wil haar helemaal niet slaan, maar gewoon koesteren en aanhalen, en haar mooi opmaken en haar kontje scheren en met een riem naast hem laten lopen. Daar lijkt mij helemaal niks mis mee.

Leve de schapenneukers!