Leven en dood

Er leefde eens, in een ver land, een komiek die door zijn publiek op handen werd gedragen. Op een dag reed zijn zoon zich met zijn Harley Davidson te pletter. Diezelfde avond stond de komiek voor een halflege zaal, al was het spektakel, zoals gewoonlijk, al maandenlang uitverkocht.

Want de afwezigen waren ervan uitgegaan dat de voorstelling zou worden geannuleerd.
De komiek opende zijn conférence als volgt: ‘Dames en heren, dit is het zwaarste moment van mijn leven. Nog nooit heb ik voor een halfvolle zaal gestaan.’
Een maand later knoopte zijn vrouw zich op. Ook die betreffende avond liet de komiek geen verstek gaan. Hij gaf zelfs een toegift met de woorden: 'Er is op het ogenblik tóch niemand die thuis op me wacht.’
Nóg een tijdje later (eindelijk goed nieuws!) werd de komiek opa. Helaas stierf zijn dochter in het kraambed. Commentaar van de komiek: 'Als de appel niet ver van de stam valt, sterft de kleine vannacht de wiegedood.’
De voorspelling werd bewaarheid. Nu werd het de komiek eindelijk teveel. Zijn volgende show was geheel aan de dood gewijd. Voor de pauze overleed hij onder bulderend gelach aan kanker. Na de pauze zette hij zijn eigen begrafenis in scène. Iedereen huilde van het lachen, toen hij ten slotte uit zijn graf oprees en sprak: 'Iedere eerste keer is moeilijk. Ik kan u verzekeren: Dat geldt ook voor doodgaan.’