Leven in angst is geen leven

Geen stad is zo vaak vernietigd als New York. In City’s End: Two Centuries of Fantasies, Fears and Premonitions of New York’s Destruction (2008) catalogiseerde de Amerikaanse hoogleraar architectuur en geschiedenis Max Page de plagen waaraan de Empire City de afgelopen tweehonderd jaar zoal ten onder ging in kunst, film, en literatuur: aardbeving, brand, enorme gorilla, atoombom, wolven, komeet, buitenaardse wezens, virus, vloedgolf. Vooral de vloedgolf is een populaire troef, een die inmiddels al zo vaak is gebruikt dat de beelden van superstorm Sandy eind vorig jaar eerder aan filmstills deden denken dan aan journalistieke documenten.

Nathaniel Rich, The Odds Against Tomorrow, € 24,99

Medium nathaniel rich

Ook in Nathaniel Rich’s tweede roman The Odds Against Tomorrow lopen de straten van New York volledig onder water. Nadat aanhoudende droogte de grond onder de stad in perkamentpapier heeft veranderd, koerst orkaan Tammy recht op Manhattan af en doet de wateren schrikbarend rijzen. De meeste inwoners zijn de stad dan al ontvlucht, maar de eigenwijzen, de armen, en de mensen met nergens anders om naartoe te gaan blijven achter als getuigen van de Apocalyps.

Een van die achterblijvers is Mitchell Zukor, een neurotische analist uit Kansas, woonachtig in een spartaans, donker appartement in mid-town waarvan het enige raam uitzicht biedt op de opgang van de Queens Midtown Tunnel: ‘This was an unhappy apartment. It wasn’t just depressing – it was itself depressed.’ We ontmoeten Zukor nog voor de storm, wanneer hij carrière maakt bij FutureWorld, een firma die grote bedrijven adviseert over toekomstige risico’s. Zijn baas, een man met twee polshorloges en de rampzalige achternaam Charnoble, is in de futurologie gestapt omdat het, in de nabije toekomst waarin The Odds Against Tomorrow zich afspeelt, een lucratieve business is: dankzij een maas in de wet kunnen bedrijven niet aansprakelijk worden gesteld voor schade bij rampen zolang zij iemand inhuren die hen over die schade adviseert – en FutureWorld vervult die rol. De neurotische, angstige en sombere Zukor daarentegen is een rasechte toekomstspessimist die zich al zijn hele leven verdiept in rampscenario’s en voorspellingsmodellen; Charnoble huurt hem in omdat de angst in zijn ogen iedere cliënt onmiddellijk overtuigt van de ernst van zijn verhaal.

Behalve een angsthaas is Zukor ook een workaholic – twee eigenschappen die goed samengaan, want angst kan lange tijd de ultieme motivator zijn, terwijl een obsessieve focus op werk de angst juist weer onderdrukt: ‘As he worked his mind opened up and he plowed himself into it. Brain ate heart.’ Wanneer de storm komt blijft Zukor ondanks zijn eigen voorspellingen in de stad; samen met zijn knappe, opportunistische collega Jane schuilt hij in zijn appartement, en wanneer ze de volgende dag wakker worden is Manhattan veranderd in een postapocalyptisch Venetië.

Nathaniel Rich (32), telg uit een literair zwaargewichtgezin, groeide op in New York maar woont sinds 2010 in New Orleans. Naast romancier is hij journalist; voor New York Times Magazine maakte hij vorig jaar nog een indrukwekkende reportage over de lower ninth ward, de wijk die zeven jaar geleden het zwaarst werd getroffen door orkaan Katrina en waar nu een proces van wat Rich ‘omgekeerde kolonisatie’ noemt plaatsvindt: de natuur die de beschaving terug opeist. Dit is ook de toestand waarin New York zich post-Tammy bevindt: een conditie die Zukor en Jane waarnemen vanuit hun kano, op weg naar hoger, droger land. De natuur heeft de beschaving opgeëist, niet alleen door huizen om te kantelen en hele stukken land te verzuipen, maar ook door het beest in de mens naar boven te halen. Zukor en Jane zien hoe achterblijvers de winkels plunderen en vluchtelingenkampen binnen enkele dagen ontaarden in rampzalige oorden vol verkrachting, misbruik, en geweld. ‘Already they had become animals. Snarling, brutish hateful. Was it that easy, the transition into savagery? Was it also inside him?’

The Odds Against Tomorrow is, naast een roman die het 21ste-eeuwse bewustzijn over klimaatverandering en natuurrampen als uitgangspunt neemt, ook een kritiek op de wijze waarop het kapitalisme elke situatie weet uit te buiten. Het is een boek over zelfredzaamheid en een liefdesverhaal – én het verhaal van een spirituele transformatie. De plot van The Odds Against Tomorrow neemt een nieuwe wending wanneer Zukor, de enige die de vloedgolf van mijlenver zag aankomen, plotseling als een profeet wordt gezien. Jane wil hierop kapitaliseren door een nieuw toekomstvoorspellingsbedrijf op te richten, maar Zukor, wiens grootste nachtmerrie eindelijk is uitgekomen, betwijfelt of hij nog wel terug wil, en kán, naar zijn leven van angst en obsessie. De kentering in zijn gedachten en de handelingen die daaruit voortvloeien laten zich lezen als een lofzang op het niet-neurotische leven, een pleidooi voor irrationaliteit, gevoel en intuïtie in plaats van allesoverheersende controledrang. ‘Living in fear was no kind of life’, beseft Zukor – en het idee dat je alles in de hand kunt houden, niet meer dan een kwaadaardige fantasie: ‘Disorder always won in the end. Het idee dat de mens de wereld volgens zijn eigen plannen kon ordenen was het armzaligste sprookje dat ooit verteld was.’ Dit geldt voor de stad, maar ook voor het individu; en The Odds Against Tomorrow laat prachtig zien wat zo’n besef met een mens kan doen.

Medium the day after tomorrow

The Day After Tomorrow, film van Roland Emmerich over een onverwachte storm

Nathaniel Rich

The Odds Against Tomorrow

Farrar, Straus and Giroux, 306 blz., € 24,99


In november verschijnt bij uitgeverij Ambo/Anthos de Nederlandse vertaling onder de titel Kleine kans op morgen