Lezen, man!

Marlene van Niekerk
Triomf
Uit het Afrikaans (Triomf, 1994) vertaald door Riet de Jong-Goossens en Robert Dorsman
Querido, 479 blz., € 12,50

Triomf is de uiteraard ironische naam van een voorstad in Johannesburg, in 1955 gebouwd op de platgebulldozerde kafferwijk Sophiatown. Het was de triomf van het apartheidsregime, waarvan het gezin Benade hoeksteen en afvalproduct is. Het gezin: drie ouderen – twee broers, Pop en Treppie, en hun zus Mol – en hun zoon Lambert, een veertigjarige epileptische olifant. Wonend in een kaduke prefabwoning, levend van de reparatie van koelkasten en nog wat, racistisch tot in hun klieren hebben ze nauwelijks in de gaten dat ze overbodig uitschot zijn, hooguit geschikt als stemvee voor de NP.

Het verhaal speelt eind 1993, begin 1994 op de vooravond van de eerste verkiezingen. De ouderen bereiden zich voor op een nieuwe Trek, de zoon graaft een enorm gat voor het hamsteren van benzine. De politiek is alleen zijdelings in het spel als verkiezingspropaganda en voer voor gekanker, maar de roman is doordesemd van politiek – het boek verscheen in 1994 en is toen ook prompt uitgemaakt voor rioolliteratuur: nestbevuiling. Van Niekerk (1954) schreef het tien jaar voor haar fenomenale roman Agaat.

In zekere zin ben ik blij dat ik de vertaling, die eerder al in 2000 verscheen, nu pas heb gelezen. Ik zou er toen vooral een grove satire in hebben gezien, terwijl het ogenschijnlijk realistische verhaal mij nu een bijna mythische geschiedenis lijkt. In het echt gaat het om weerzinwekkende types, in het verhaal wordt de tragikomische vitaliteit van almaar rondjes draaiende wezens aandoenlijk: uit deze cirkel zullen deze vier nooit wegkomen. Zie Mol in haar eeuwige duster, zonder onderbroek en met drie mannen aan haar lijf. Zie Pop, zogenaamd haar echtgenoot, nog altijd de zoon van Oupop, bezig de geschiedenis te herhalen. Zie zijn jongere broer Treppie, die in elk geval nog woorden heeft om zich te ontlasten: een diarree van getreiter, gesar en kletsika; toch riekt zijn grootspraak soms naar waarheid. Van de duivelse Treppie komt het plan om Lambert op zijn veertigste verjaardag te trakteren op een hoer, zodat hij het eens met een ander dan zijn moeder kan proberen. Wanneer de onnozele hals vervolgens achter het familiegeheim komt, breekt de pleuris uit, in volle glorie. Die hele santenkraam houdt Van Niekerk meesterlijk in de hand. De mythische vertelling over vier overbodigen is niet alleen aandoenlijk maar bij vlagen ook heel geestig, en o wonder zonder een zweem van belering of zelfs parabel. Lezen, man!