Lichte lucht

Wind kan sluiks zijn, zwak of juist wonderlijk strak. Wind heeft volume, is onrustige lucht. Wind kun je ervaren – en je kunt hem schilderen – de wind, de wind, dat hemelse kind.

Afgelopen zomer, de Documenta in Kassel, het hoofdgebouw Fridericianum: twee strakke witte zalen daar, op ruime afstand van elkaar op de begane grond, leken eerst ogenschijnlijk leeg maar al snel als je binnen was, voelde je een koele wind waaien. Het was geen tocht van tegen elkaar openstaande ramen want die voelt sluikser aan en bovendien zou je dan ook geluiden van buiten horen. Deze wind was stevig en woei in vlagen. Natuurlijk werd hij mechanisch gemaakt, maar de gaten waar doorheen de luchtstroom naar binnen werd geblazen, waren niet zeer zichtbaar. Je moest ze zoeken. Het was de bedoeling dat ze niet zouden opvallen. De wisselvallig bewegende wind had een kracht die zich, rondom je lichaam, als nadrukkelijk manifesteerde. Ik bedoel: het was geen zomerse bries. Ondanks de beweeglijkheid ervan voelde deze wind wonderlijk strak aan. Dat is ook logisch want net als alle kunst is dit ook een bewuste vormgeving.

Dit stevige volume onrustige lucht is een mooi werk van Ryan Gander – een wonderlijke sculptuur van lucht waarvan de vorm vanwege de grillige luchtbewegingen permanent onvoorspelbaar blijft. In de abstracte kunst zijn kunstenaars, logischerwijze, uitgekomen bij het monochrome schilderij waarbij wij verzonken raken in het contempleren van bijvoorbeeld blauw. In dit werk van Ryan Gander onderga ik, anders dan wanneer ik bij storm buiten op het strand loop, een fysieke ervaring van wind die, in een museale ruimte vormgegeven en opgesloten, een abstracte vorm heeft. Daardoor is het ook een helder overzichtelijk werk.

Sinds conceptuele kunst haar intrede heeft gedaan, kun je van en met alles kunst maken. Ik herinner aan een ouder werk van Marinus Boezem, Zwakke wind, waarin hij gebruik maakt van de beroemde windschaal die de Engelse marine-officier Francis Beaufort in 1805 had opgesteld en die nog steeds gebruikt wordt. Om de sterkte van wind aan te duiden moest hij effecten beschrijven waaraan de sterkte zichtbaar werd. Hij observeerde natuurverschijnselen met dezelfde alerte precisie waarmee tijdgenoten als John Constable in zijn schilderijen en William Wordsworth in zijn poëzie naar de natuur keken. Bij zwakke wind (schaal 2) kun je de richting zien aan rookpluimen. Verder merk je het als bladeren beginnen te ritselen. Voor zijn werk maakte Boezem gebruik van de tekst van Beaufort in de officiële vertaling van het knmi. De prent heeft een slanke typografie en het klassieke formaat van een intiem landschapsschilderij van bijvoorbeeld Constable of Jan van Goyen. In die context kan het ook gezien worden. Hoewel deze beschrijving van Zwakke wind een objectieve toestand aanduidt, is ze tegelijkertijd op een romantische manier ook lyrisch. Gesuggereerd wordt een idyllisch landschap waarin je kunt wandelen door een dorp waar rook uit schoorstenen komt, met in je oor het zachte geritsel van bladeren. De compacte beschrijving van Beaufort is wetenschappelijk en dus realistisch. Zulke sporen van dat realisme blijven in de conceptuele vormgeving van Boezems werk een rol spelen bij de lezing ervan.

Dat is goed. De ruimte met samengepakte, onrustige lucht in de vormgeving van Ryan Gander daarentegen is niet natuurlijk van oorsprong maar een abstracte constructie – zoals eigenlijk ook het wonderlijke werk van Giulio Paolini dat L’opera autentica heet. Het bestaat uit een wit doek in het midden waarvan met potlood twee elkaar snijdende parallellogrammen zijn getekend, dat wil zeggen twee rechthoeken in perspectief. Vlak daarvoor hangt, aan een draad, een rechthoek van doorzichtig perspex waarvan de boven- en onderkant de parallellogrammen optisch precies op hun snijpunt snijden. De perspexplaat beweegt al door de minste luchtbeweging – als iemand voorbijkomt. Door dat lichte draaien ontstaan er nog meer schijngestalten voor en ook doorheen de getekende constructie van op zich al schijn­gestalten van twee rechthoeken. Het langzame verloop van deze fragiele abstractie wordt ook op gang gebracht door luchtbeweging die nu zo licht is als een ademtocht. Het ding heet authentiek, denk ik, omdat het vormen laat zien die er echt uitzien en tegelijkertijd een illusie zijn – en dat nog terwijl ze zo bedrieglijk om elkaar heen draaien.


PS Voor Ryan Gander kunt u terecht bij de Annet Gelink Gallery in Amsterdam. Voor Boezem, die laatst bij Upstream Gallery exposeerde, zie ook het dikke boek Boezem van Edna van Duyn en Frans Jozef Witteveen (verschenen bij uitgeverij Thoth)