Lift

We hadden afscheid genomen van een stervende vriend - en dat hadden we nogal keurig gedaan, vonden we. Zonder vergeefse tranen of emotionele uitbarstingen. Pas op de terugweg, in de auto, begonnen we te wankelen onder de last van de dag.

Omdat het ons onverstandig leek om huilend de snelweg op te rijden besloten we eerst tot bedaren te komen. We namen de toeristische route langs het bos en reden zwijgend een rondje. De lucht was diepblauw en vol zwaluwen. We snoten simultaan onze neus. ‘Zo’, zei mijn man tenslotte. 'Dan gaan we maar eens.’ Een paar minuten later, in de buurt van een tankstation, stuurde hij echter scherp naar rechts en zette de auto aan de kant. 'Een lifter’, zei hij. Ik keek achterom en zag een blonde jongen aan komen hollen, een rugzak over zijn schouder. Erg lang stond hij er nog niet, zei hij bij het instappen. We waren al zijn derde rit voor vandaag - een geluksdag. Hij streek zijn haar naar achteren. Het zonlicht maakte er gouden vonkjes in. 'Waar ga je heen?’ vroeg ik, terwijl we de weg op draaiden. 'Naar Brussel’, zei de jongen en hij lachte. Schitterende tanden, zag ik. 'Ik ben verliefd’, vulde hij aan.

Mijn man knikte goedkeurend in de achteruitkijkspiegel, alsof verliefd zijn een hele prestatie is. Ik lachte ook, maar vooral omdat ik zenuwachtig word van vreemden. De jongen deelde dropjes uit en vertelde over zijn eerdere ritten, over een zwijgende vrachtwagenchauffeur en een babbelzieke verpleegster. 'En hoe was jullie dag?’ informeerde hij, alsof we oude vrienden waren. Mijn man legde uit waar we vandaan kwamen. De lifter was verbaasd. 'En dan toch zin om iemand mee te nemen?’ vroeg hij. We knikten. 'Juist vandaag.’ De rest van de rit was het stil.

'Dit is de beste plek’, zei mijn man uiteindelijk. We stopten bij een groot parkeerterrein. De jongen greep zijn rugzak. 'Bedankt’, zei hij. 'En goede reis.’ Hij aarzelde. 'Ook voor jullie vriend.’ We schudden handen. De jongen stapte uit. 'Veel geluk’, riep ik hem na, 'met je liefde.’ Hij draaide zijn hoofd om en lachte even. Schitterende tanden.