Groen

Liguster

Een heg. Raar ding eigenlijk. Levende afscheiding tussen tuin en buitenwereld. Er gaat wel eens een heg dood, vooral coniferen hebben daar last van, en dan ben je de levende afscheiding tussen jezelf en de buitenwereld kwijt. Is dat eng? Of juist fijn? Op een verjaardagsfeest vroeg een vriendenstel mij om hegadvies. ‘Het waait altijd, keihard’, zeiden ze. ‘Veel dingen gaan dood in onze tuin.’ Ook zeiden ze dingen als: ‘Cornus mas’, waarmee ze verraadden dat ze elders al advies hadden ingewonnen, vooral omdat na die lastige Latijnse termen niet het woord ‘kornoelje’ viel. Kan, zei ik, al hebben we ook nog controversa en kousa en sanguinea. Waarom niet een liguster? Die kan wel wat wind hebben. Wat dat was, een liguster? Geinig vind ik dat, moeilijke Latijnse namen opdreunen en niet weten wat een ordinaire liguster is.
Daarna bleek dat ze een heg wilden die paste in het landschap. Wilg en meidoorn hadden ze al, daar onder aan de Friese IJsselmeerdijk. En dat de heg een meter of vier hoog moest worden. Ha, dat veranderde de zaak. ‘Els!’ riep ik. Wat dat dan weer was? Nou, legde ik uit, met omgekeerd eironde bladeren en elzenproppen. Jullie weten wel, elzenproppen en elzenkatjes? Ze keken blanco en begonnen een verhaal over de leuke hond van de boomkweker die ze bezocht hadden. Die wilde steeds met ze spelen, waardoor ze niet zo goed gekeken hadden naar de struiken en niet zo goed geluisterd naar de boomkweker. Mooie vent was dat, zeiden ze. Ook dat helpt niet als je goed om je heen wilt kijken.
De volgende keer als mensen mij vragen wat een liguster is, zal ik drie dichtregels opzeggen. Niet dat daardoor duidelijk wordt wat een liguster precies is, maar omdat het zulke mooie en dubbelzinnige regels zijn: ‘Voor mij heeft de romantiek een liguster gekweekt/ en laat mij voorgoed in het duister tasten/ naar de zin van deze plant.’ Toon Tellegen. Ik geloof dat hij daarmee maar wil zeggen dat hij het fijn vindt, en niet eng, als zijn ligusterheg eens mocht sterven.