Linke soep

Het geheim van de kip is dat zij vis was. In sommige restaurants valt dat te proeven. Linke soep. De kip zelf weet daar niets meer van, omdat zij kip is.

Wie een wel in de toekomstige herinnering voortlevende vissoep wil maken, zal dus moeten beginnen met de kip. Daarvan een bouillon te trekken. Natuurlijk niet de beste ooit getrokken bouillon, die is voor kippensoep zelf, maar een redelijke bouillon. Foelie nooit vergeten.
Het andere element is de vis. ‘Fausse limande’ voor de soep. Komt ervan, wanneer je genoegen neemt met zo'n naam. Dwaas, dat citroenachtige li- voor de amandelachtige rest. En dan 'fausse’. Ik heb er een zwak voor, al zeg ik ook graag tongschar.
In stevige brokken snijden. In een kom met dat wat langzamerhand marinade is gaan heten. Sommigen zijn daar in plaats van voorzichtig gek mee. Ik heb altijd volgehouden dat het iets met de zee te maken heeft. Zoals je ze hebt die hun geliefde altijd maar weer in de branding dompelen. Wel heb ik eens twee duiven in de karnemelk gegooid. De betweter had voorspeld dat ze daar als panklare paradijsvogels uit te voorschijn zouden komen. Het was toevallig een bibacieus, zeg maar vergeetachtig, weekje.
Op een weer enigszins herkenbare dag prikte ik in de karnemelk. Ook na zorgvuldig dreggen niet meer dan een enkele modderspat duif aan de oppervlakte. Gewoon weggemarineerd.
Brokken in een kom met peper en zout, sojasaus en een glas sherry, eetlepel tot lucifers gesneden verse gemberwortel en een halve eetlepel maïzena, en het wit van een ei. Roeren en twintig minuten laten staan.
Op dat moment pas twee eetlepels olie erdoor: één met zonnebloem- en één met sesamolie. Zeef de inmiddels toch wel op stoom zijnde kipbouillon. Breng weer licht aan de kook en werp vis en marinade erbij. Breng over naar passende kommen en strooi er kleingesneden bos(ch)uiengroen en korianderblad op.
Na het applaus zijn de gasten een goede herinnering rijker. Die als geng opgeslagen kan worden. Of onder Chinees.