De strategie van Job Cohen

Links en anti-rechts

De leiderswisseling bij de PvdA brengt bijna alle andere partijen in vertwijfeling. Maar in de toespraak waarin Job Cohen zijn kandidatuur voor het lijsttrekkerschap bekend maakte, profileerde hij zich vooral tegenover Geert Wilders.

Medium aukje 05392101

Het was de afgelopen week allemaal wel veel en snel in politiek Den Haag. Terwijl Emile Roemer zich op zijn nieuwe kamer nog aan het inwerken was als de leider van de sp besloot cda-kroonprins Camiel Eurlings het politieke bijltje er voorlopig bij neer te gooien en een gezin te gaan stichten. Eurlings wil niet op zijn vijftigste ontdekken een eenzaam man te zijn geworden die slechts kan bogen op een glanzende politieke carrière. Toen de pers nog aan het nadenken was of dit wel de ware reden was voor Eurlings’ vertrek en of toch niet ook de teleurstelling over het aanblijven van Jan Peter Balkenende als cda-lijsttrekker in zijn besluit een rol speelde, overleed d66-oprichter, oud-minister van Buitenlandse Zaken en minister van staat Hans van Mierlo. Dat verlegde de aandacht.
Maar nog voordat over Hans van Mierlo alle necrologieën goed en wel in de kolommen stonden of waren besproken in radio- en televisieprogramma’s, deelde Wouter Bos totaal onverwacht mee dat hij het pvda-leiderschap aan de wilgen hangt. Om bijna dezelfde reden als Eurlings: om meer tijd te kunnen besteden aan het reeds door hem gestichte gezin. Of dit Bos’ werkelijke reden was, werd uiteraard ook nu her en der in twijfel getrokken. Maar omdat twee mannelijke politici binnen 24 uur dezelfde motivatie gaven, was het ook aanleiding voor een stroom aan stukken, gesprekken en grappen over mannen, zorgtaken, de zwaarte van het ministerschap en de vraag of tijd voor het gezin als reden voor vertrek van vrouwelijke politici gepikt zou worden.
Maar dat was niet het enige wat veel aandacht wegtrok voor een terugblik op de twaalfjarige politieke carrière van Wouter Bos. De als control freak bekend staande Bos noemde ook meteen de naam van zijn beoogde opvolger, waardoor hij zijn eigen vertrek overschaduwde met het nieuwste nieuwtje, dat Job Cohen, de man die de laatste negen jaar burgemeester was van Amsterdam, de pvda gaat leiden. Democratie is mooi, maar dan wel graag een geleide democratie, moet Bos hebben gedacht.

Bij de sp moeten ze vorige week vrijdag even hebben geslikt. Niet omdat Mark Rutte die dag welhaast stilletjes de officiële lijsttrekker werd van de vvd, dat paste juist in het straatje van de sp. Ze waren er bij die partij zo van overtuigd met hun nieuwe man, Emile Roemer, een troef te hebben tussen al die oude, bekende en vaak ook al beschadigde lijsttrekkers. Maar ze hebben met de komst van Cohen naar Den Haag nog geen volle week van dat idee kunnen genieten.
Daar staat wel iets tegenover. Roemer zei een kleine twee weken geleden, op zijn eerste persconferentie als de toen nog beoogd lijsttrekker van de sp, dat zijn deur wagenwijd open zal staan voor de leiders van de pvda en GroenLinks. Cohen is die deur inmiddels al binnengelopen. Zijn uitspraak ‘hoe progressiever, hoe liever’ kan immers moeilijk worden uitgelegd als een voorkeur voor regeren met de huidige vvd die ook na de economische crisis nog de lof van de markt zingt. Of met het cda, ook al heeft Cohen eveneens gezegd ook die partij niet uit te sluiten. Dat laatste klinkt uit zijn mond aannemelijker dan wanneer Bos dat zou opperen na alles wat er de afgelopen jaren tussen hem en het cda is gebeurd. Neem het woord 'draaikont’ in de mond en Bos zal weer kwaad worden. Er was inmiddels geen sprake meer van alleen politieke meningsverschillen tussen pvda en cda, maar van persoonlijke animositeit.
Dat is dan meteen een goede reden waarom een partijleider die het beste voor heeft met zijn partij en haar gedachtegoed zou kunnen besluiten op te stappen, naast dat gezin natuurlijk: om de toekomst van zijn partij niet te belasten met zijn 'persoonlijke’ geschiedenis met anderen en andere partijen. Dat geldt bij Bos dan niet alleen voor zijn verhouding met het cda, maar ook voor die met de sp en GroenLinks.
Bij sp-leider Roemer de kamer binnenlopen om daar niet alleen een kopje thee te drinken, maar ook daadwerkelijk te praten over inhoudelijke samenwerking is voor Cohen makkelijker dan voor Bos. De laatste zal altijd met zich meedragen hoe onwillig hij vlak voor de verkiezingen van 2006 was om zelfs maar wat te drinken met toen nog Jan Marijnissen van de sp en Femke Halsema van GroenLinks. Laat staan dat die drie toen aan een echt gesprek toe kwamen, en dus al helemaal niet aan progressieve samenwerking.
Bij de christen-democraten kan het vorige week vrijdag niet bij slikken zijn gebleven. Daar moeten ze zich rot zijn geschrokken toen ze zagen wat er zich - en nog wel zo soepeltjes - bij de pvda voltrok. Hun Balkenende steekt ineens wel erg moe, bleek en gebutst af bij Job Cohen. Die is weliswaar geen jonkie maar hij oogt toch fris, hij heeft ook veel ervaring maar draagt geen beladen dossiers of persoonlijke animositeiten met andere Haagse hoofdrolspelers met zich mee.
Waar Bos zich waarschijnlijk niet alleen heeft gerealiseerd dat hij de kans liep zijn kinderen niet te zien opgroeien, maar ook dat hij zelf een sta in de weg was geworden voor zijn partij, heeft het bij Balkenende, én bij zijn partijbestuur aan dat laatste besef ontbroken. Vorige week maandag hadden ze nog de kans om hun fout te herstellen. Het zou pijnlijk zijn geweest voor zowel het partijbestuur als voor Balkenende persoonlijk, maar ze hadden het ook kunnen verklaren op grond van de slechte gemeenteraadsverkiezingen en het verlies aan vele raadszetels.
Maar het cda zegt te hebben gekozen voor stabiliteit. Het zijn echter alleen de christen-democraten die dat predikaat verbinden aan de persoon Balkenende. Daarbuiten zien ze bij die naam toch eerder een man die zijn kabinetten niet tot de eindstreep wist te leiden.
Mogelijk durfden ze het bij het cda ook niet aan om Balkenende te vervangen omdat een oude politieke regel zegt dat je zo kort voor verkiezingen niet moet wisselen van leider. Maar in deze tijden gelden die oude gewoonteregels niet meer. Ook de politieke wet dat wie een kabinet breekt daarvoor moet betalen lijkt gebroken. Het cda profiteerde immers niet van de val van het kabinet waarop de pvda had aangestuurd, maar die laatste wel.

Door al deze snel elkaar opvolgende ontwikkelingen is al weer bijna vergeten wat het laatste debat van minister van Financiën en vice-premier Bos in de Tweede Kamer was. Dat ging over Uruzgan, dat wil zeggen over de procedure die had moeten leiden tot een beslissing over de militaire missie in Uruzgan. Rita Verdonk van Trots op Nederland maakte Bos toen onparlementair uit voor leugenaar. Geert Wilders van de pvv duidde Bos die donderdagavond in februari voor de televisiekijkers aan met 'die rode vlek links onder in uw beeld’.
Nu mag Job Cohen het tegen hen en hun collega-lijsttrekkers gaan opnemen. Bos en Cohen hebben het goed voorbereid. Dat bleek ook uit Cohens speech toen hij zijn kandidatuur voor het lijsttrekkerschap bekend maakte. Niet kortweg 'ik ga ervoor’, maar al helemaal uitgedacht in de thema’s die hij voor zich ziet. Zijn strategie was ook in een keer duidelijk: sociaal-economisch modern links, sociaal-cultureel duidelijk anti-rechts-radicaal.
Zonder een concurrerende partij in zijn speech te noemen ging hij ze feitelijk wel bijna allemaal langs. Veiligheid is voor Cohen geen pvv- of vvd-thema, maar de kern van je thuis voelen. De hardwerkende Nederlanders, de leraren, verpleegkundigen en politieagenten laat hij niet over aan de vvd of de sp, maar houden ook als het aan hem ligt het land draaiende. Trots op Nederland zijn ze wat hem betreft niet alleen bij de partij van Rita Verdonk, maar in heel het land. Het nemen van pijnlijke beslissingen als gevolg van de economische recessie doen ze niet alleen bij cda, vvd of d66, maar juist bij zijn pvda, die zich afzet tegen het casinokapitalisme - om nog maar eens een sneer naar de vvd uit te delen. En ontplooiing, nieuwe technologieën en openstaan voor de wereld zijn voor hem geen speeltjes van d66 of GroenLinks.
Maar bovenal positioneerde Cohen zich tegenover Geert Wilders. Wederom ook zonder dat diens naam werd genoemd was duidelijk waarom Cohen zei dat hij had gezien wat het betekent als mensen geen werk hebben, wat het betekent als je twee banen nodig hebt om rond te komen, als kinderen de taal niet goed spreken, als je niet veilig over straat kunt, als er haat ontstaat zoals na de moord op Theo van Gogh.
Hij had het allemaal van dichtbij meegemaakt, als burgemeester van de grootste stad van Nederland, wilde hij maar zeggen. Hij had ervoor gezorgd dat in de roerige dagen na de moord op Van Gogh de vlam in Amsterdam niet in de pan sloeg, door te blijven geloven dat fatsoenlijk samenleven kan als je er samen de schouders onder zet.
Eigenlijk zei Cohen daarmee: en wat zet jij daar tegenover, Geert Wilders? Jij was de laatste twintig jaar op dat nu door jou zo vermaledijde, stoffige Binnenhof, terwijl ik de afgelopen negen jaar met mijn poten in de echte modder heb gestaan. Jij praat alleen en dan ook nog met oneliners over maatschappelijke problemen, terwijl ik in de praktijk van alledag aan de oplossing van die problemen heb gewerkt. Jij zet mensen met woorden tegen elkaar op, terwijl het mij is gelukt de mensen erbij te blijven betrekken. Jouw praten splijt de samenleving, terwijl mijn praten de boel vooralsnog bij elkaar heeft gehouden, ook al verwijt je mij mijn praten altijd.
Wilders reageerde met zijn overbekende opmerking: Cohen is een theedrinkende multicultiknuffelaar. Hij vindt Cohen, net als diens partijgenoot Jeltje van Nieuwenhoven waarmee Wilders sinds vorige week donderdag in de Haagse gemeenteraad zit, oude politiek. Het zijn afgezaagde scheldwoorden geworden waarmee Wilders doelbewust wantrouwen zaait.
In de eerste confrontatie tussen Wilders en Cohen zal moeten blijken of die laatste ook in de echte arena tegen de debatstijl van Wilders is opgewassen. Dan zullen we kunnen zien of de nieuwe leider van de pvda de rol als tegenstander van de pvv-voorman in de rechtstreekse confrontaties kan overnemen van d66-leider Alexander Pechtold. Want dat zit ook achter de stellingname van Cohen: de pvda wil d66 op dit punt de wind uit de zeilen nemen.
Dat is tegelijkertijd het grootste gevaar dat nu nog meer dreigt dan voor het vertrek van Wouter Bos. Dat de pvda met Cohen aan de leiding de collega-partijen waar de sociaal-democraten het na 9 juni van moeten hebben, sp, GroenLinks en d66, gaat beconcurreren. Met als mogelijke einduitkomst dat Cohens streven naar 'hoe progressiever, hoe liever’ dan alsnog niet te realiseren blijkt, ook al zou de pvda de grootste partij zijn geworden.

foto: Kees van de Veen/DVHN/HH