Norman Mailer (biografie)

Lof voor een rommelig leven

Norman Mailer schreef als een romancier over echte mensen, en was een van de wegbereiders van het ‘New Journalism’. Ook hield hij van fijne gevechten en mooie vrouwen.

Medium 105288054

In 1960 werkte Norman Mailer, toen 37 jaar oud, aan een essay over het jonge Congreslid John F. Kennedy, die op het punt stond een gooi te doen naar het presidentschap. Mailer was de schrijver van The Naked and the Dead (1948), een debuutroman die bij verschijning direct door critici werd opgepikt als het Grote Geniale Boek dat uit de Tweede Wereldoorlog moest voortkomen, en die hem geld, beroemdheid en een massapubliek had bezorgd. Daarnaast was hij de schlemiel die Barbary Shore (1951) en The Deer Park (1955) had geschreven, ‘politieke romans’ die datzelfde massapubliek unaniem links had laten liggen en die in de krantenkolommen compleet waren afgefakkeld. Hoewel hij in de late jaren zestig en vroege jaren zeventig voor vijf boeken op rij zou worden genomineerd voor de National Book Award zou de carrière van Mailer zich altijd tussen die twee uitersten afspelen, tussen totale mislukking en groots succes. Zijn Pulitzerprijs winnende non-fictieroman over de doodstraf van moordenaar Gary Gilmour, The Executioner’s Song (1979), werd opgevolgd door de volkomen bespotte roman over sodomiserende farao’s, Ancient Evenings (1983).

Dito voor zijn persoonlijke leven. Mailer kon zichzelf tot de Dostojevski van zijn tijd uitroepen en zijn daaropvolgende werk als een grondige mislukking zien. Hij kon hopeloos verliefd worden en binnen een jaar weer gescheiden zijn, hij kon de stem der rede zijn en daarna doorslaan in mystiek gebrabbel.

Vandaar dat het Kennedy-kamp het interview wat had afgehouden. Maar na enig aandringen van Esquire – dat vandaag de dag vooral foto’s van duur geprijsde schoenen en schaars geklede actrices publiceert, maar in die tijd essays van dertienduizend woorden plaatste – kreeg Mailer toestemming. Mailer vloog naar Hyannis Port, het buitenverblijf van de familie, waar iedereen in casual kleding rondliep en hij zwetend kwam opdraven in een pak met das. Jackie gaf Mailer een ice tea en daarna ontving de presidentskandidaat hem. Een van de eerste dingen die Kennedy tegen hem zei was dat hij heel erg hield van zijn boek… The Deer Park.

Small norman mailer 1

Sinds het verschijnen van zijn debuutroman was Mailer talloze keren aangesproken door mensen die zeiden heel erg van zijn boek te houden… The Naked and the Dead, waardoor Mailer elke keer het zout in zijn wonden voelde bijten van de mislukking van zijn verdere romans. De ene opmerking van Kennedy maakte misschien niet het verschil, hij had anders ook wel op hem gestemd, maar deed Mailer definitief iets ruimhartiger over zijn onderwerp denken.

Grappig genoeg was de opmerking van Kennedy ingestudeerd, schrijft J. Michael Lennon in Norman Mailer: A Double Life, de zesde (!) biografie die sinds het overlijden van Mailer in 2007 is verschenen. De Kennedy-clan zag Mailer op dat moment niet als ‘Mister Stability’ en dus hadden de pr-mensen deze aanpak bedacht. Zelfs hoe Kennedy het moest zeggen, met de korte pauze voorafgaand aan het noemen van The Deer Park, was besproken. Peter Maas, een journalist die voor Kennedy werkte, noteerde dat zijn baas de regel perfect timede. ‘Norman just melted.’

De anekdote zegt veel over Mailer, op verschillende niveaus. Allereerst dat zijn ego publiek bezit was, iedereen die zijn romans las, zijn essays over politiek en spiritualiteit, seks en feminisme, ‘witte negers’ en ‘ideologische hipsters’, of zijn woedende ingezonden brieven aan elke journalist die iets over hem te zeggen had, kon inschatten dat zijn monomane ambitie primair gedreven werd door een fundamentele onzekerheid. Waar hij geen complimenten kon krijgen zocht hij ruzie op, alsof hij in afwijzing een bevestiging vond van zijn eigen miskende genie – zoals hij in de oppositie tegen zijn antifeministische standpunten een bevestiging zag van zijn eigen mannelijkheid.

Mailer etaleerde permanent bewondering voor wie zich afzette tegen de mainstream

Daarnaast is de Kennedy-anekdote veelzeggend over wat die ambitie precies inhield: hoewel Mailer wel vermoedde dat het compliment wellicht van tevoren bedacht was, zag hij zich meteen al zitten in het Witte Huis als adviseur of vertrouweling van de president. In al zijn geschriften tot dan toe had hij het Witte Huis als het centrum van de corrumperende macht gezien, als bolwerk van bourgeoisie en conformisme, hij had zich nooit met een politieke partij willen afficheren – maar een schouderklopje van de president to be en hij zag al een kabinetspost voor hem weggelegd. Ook dat was het dubbele leven van Mailer, hij leed aan het ‘I want to bite the hand that feeds me’-syndroom, waarbij hij steeds de complimenten van de letterenwereld opzocht en deze boos van zich afschudde als hij ze eenmaal kreeg. Het was een inwendige tegenstrijdigheid die hem permanent actief hield, zichzelf nooit toeliet op zijn lauweren te rusten.

Uiteraard verprutste Mailer het contact met de Kennedy’s, door een veel te vrijpostige brief aan Jackie te sturen waarin hij zijn fascinatie voor markies De Sade uiteenzette. Maar die dertienduizend woorden die het opleverde over de partijconventie van de Democraten en de verkiezing van Kennedy als hun presidentskandidaat, Superman Comes to the Supermarket, sloegen in als een bom. Mailer schreef als een romancier over echte mensen, en filosofeerde over de verbeelding van politiek in het Amerikaanse leven. Het artikel zou een van de hoekstenen worden van het ‘New Journalism’, de gouden periode waarin tijdschriftjournalistiek werd bedreven door intellectuelen en romanschrijvers die nauwgezet schreven vanuit de tijdgeest. Uit Superman haalt Lennon het ‘double life’ uit zijn titel: sinds de Eerste Wereldoorlog zouden Amerikanen een dubbel leven leiden, schreef Mailer, en de Amerikaanse geschiedenis zou drijven op twee rivieren, een zichtbare en een ondergrondse. Er is de politieke geschiedenis die concreet, feitelijk, praktisch en ongelooflijk saai is ware het niet dat sommige van de politieke beslissingen enorme gevolgen hebben; en er is de ondergrondse rivier van ‘untapped, ferocious, lonely and romantic desires, that concentration of ecstasy and violence which is the dream life of the nation’.

Die twee rivieren kwamen samen in Kennedy, vond Mailer. Kennedy was de politieke actor die het kapitaal van zijn familie inzette en een ongekend slimme mediastrategie speelde, en tegelijkertijd was hij een oorlogsheld die eruitzag als het soort idool dat Amerika in de donkerste dagen van Depressie en oorlog had aanbeden. Wie ook maar iets van Mailer gelezen heeft weet dat hij zelf vooral geïnteresseerd was in die ondergrondse rivier – het geweld, de seks, het freudiaanse superego dat alle rationaliteit verdringt. Deze obsessies kleurden zijn persoonlijke leven, hij zoop te veel, daagde op cocktailparty’s aan de lopende band mannen uit met hem te vechten, maar ze kleurden vooral zijn werk, waarin hij permanent bewondering etaleerde voor wie zich afzette tegen de mainstream. Ook dat ging goed en fout: goed, bij zijn monumentale boek The Executioner’s Song over Gary Gilmore die in Utah twee mannen doodschoot en erop aandrong dat het doodvonnis ook werd uitgevoerd (er was in 1977, nu moeilijk voor te stellen, tien jaar geen doodstraf uitgevoerd in de VS) en fout, bij zijn contacten met Jack Abbott, een kleine crimineel met wie Mailer correspondeerde en die mede op Mailers voorspraak vervroegd vrijkwam (omdat zijn brieven zo literair waren). Binnen een paar weken stak Abbott een 22-jarige ober dood. Mailer was aangedaan, maar haalde tegenover de media zijn schouders op, en stelde in de onhandigste soundbite uit zijn leven: ‘Culture is worth a little risk.’ Het gevaar van deze combinatie werd al vroeg doorzien, schrijft Lennon, door Mailers tijdgenoot Gore Vidal, die misschien wel als geen ander de wezenlijke paradox van Mailer doorzag, al in 1960: ‘Hij lijkt gedreven op een religio-politieke manier. Hij is een Messias zonder echte hoop op een paradijs op aarde of in de hemel, en zonder precieze missie behalve dan zijn continu veranderende temperament.’ Vidal ging verder: ‘Ik weet niet zeker of hij überhaupt wel een romancier zou moeten zijn, of zelfs een schrijver, ondanks zijn formidabele talent.’ Het schrijverschap van Mailer was gevaarlijk, vond Vidal.

In negenhonderd bladzijden gaat Lennon door dit turbulente leven heen, hij behandelt alle boeken, alle grote vriend- en vijandschappen (van het een kwam meestal het ander), alle huwelijken (zes stuks) en kinderen (negen). Soms is hij heel gedetailleerd, soms schrijft hij met de grote greep, telkens krijg je een sprekend beeld van het literaire leven in Amerika in de tweede helft van de twintigste eeuw. Het maakt van Norman Mailer: A Double Life het schoolvoorbeeld van een biografie die zowel voor de Mailer-kenner als de ‘gewoon geïnteresseerde’ enorm veel inzichten bevat.

Natuurlijk kun je best wat kanttekeningen maken. Lennon was decennialang bevriend met Mailer en dat merk je soms; hij is wel erg geneigd de grandeur wat dikker aan te zetten, de lyrisch positieve of catastrofaal vijandige recensies te benadrukken boven de gematigde. Na afloop van het beroemde debat op het New Yorkse stadhuis waarin Mailer het in z’n eentje tegen een groep feministes opnam, zou Germaine Greer ‘als een premiejager’ achter hem aan hebben gezeten om hem het bed in te krijgen – iets wat Greer altijd heeft ontkend, maar dat vertelt Lennon er niet bij. Zo kan Lennon zich ook niet inhouden om zijn onderwerp neer te zetten als een groothartige fokhengst, met in elk stadje een ander schatje. Lennon beschrijft hoe Mailer en zijn laatste vrouw, Norris Church, heel ongemakkelijk zijn los-vaste minnares in Chicago tegen het lijf lopen, maar schrijft er niet bij (wat Norris in haar memoires wél deed) dat die minnares toen al op de pensioengerechtigde leeftijd was, een pruik droeg ‘en minstens 125 kilo woog’.

Norris vroeg later aan Mailer waarom hij nou met zo’n onappetijtelijke vrouw aanpapte. Soms, zei Mailer, moet ik de mooiste van de twee in een relatie zijn.


J. Michael Lennon. Norman Mailer: A Double Life
Simon Schuster, 947 blz., € 46,70

beeld: Norris Church and Norman Mailer in New York, oktober 1985. Ron Galella, Ltd. / Wireimage / Getty Images