Louis en ik

Louis en ik hebben een ding gemeen. We bekleden beiden een dictatoriale functie. Op ons werk zijn we de baas. We kunnen wel ruggespraak houden, maar wij beslissen, Louis en ik.

Medium sportzomer post

Bondscoach en filmregisseur zijn misschien wel de laatste twee dictatoriale functies. In ons werk doen we beiden eigenlijk niets. We staan langs de zijlijn. Hij letterlijk en ik sta naast de camera. Beiden bedenken we het verhaal en de aanpak. Hij de tactiek, ik schrijf het script. Hij kiest de spelers en ik kies de acteurs.

Net als Louis moet ik het overzicht behouden en het einddoel voor ogen hebben. Ik moet mensen motiveren en precies uitleggen wat ze moeten doen. Een enkele krijgt een vrije rol. De rest snoer ik wat meer in een keurslijf. Ook Louis moet dat allemaal doen. Hij moet net als ik een beetje psycholoog zijn. Niet een beetje, maar heel veel. De ene speler moet je stimuleren, de andere irriteren of uitdagen en sommigen moet je vooral met rust laten. Bij toneelspelers hetzelfde.

Het gaat zowel bij Louis’ vak als bij het mijne erom, om de talenten van derden te combineren.

Zelf kan ik niet veel. Althans, niet zo veel als de mensen die ik als pionnen gebruik. Ik kan leuk fotograferen, maar mijn cameraman weet veel meer dan ik van licht en lenzen. Volgens mijn acteurs kan ik best leuk tegenspel geven bij repetities en mederegisseurs hebben al een paar keer het risico genomen om mij voor een rol te vragen. Maar een Pierre Bokma zal ik nooit worden. Louis was ook ooit een gemiddelde profvoetballer en geen Van Persie. Niet eens een Veltman of Kongolo. In de verste verte niet.

Tjonge, dat waren een heleboel parallellen. Waar houden die vergelijkingen op?

Hier. Meer zijn er niet. Er zijn ook heel veel verschillen tussen Louis en mij. Los van het feit dat we beiden dictatoriale functies bekleden. Maar ik denk niet dat ik de beste ben van Amsterdam, van Rotterdam. Van Eindhoven. Laat staan van Beieren of Catalonië. Voor mijn film gaan meestal niet meer dan twintig-, dertigduizend man naar de bioscoop. Een enkele keer 160.000. Dat was een uitschieter. Als Louis bezig is kijken er miljoenen. Soms zelfs een miljard.

En ik denk nooit dat Louis op mijn regiestoel heeft willen zitten. Niet eens bij stilgestaan, denk ik. Nooit geambieerd. Dat weet ik voor 98,36 % zeker.

Ik daarentegen speel dolgraag bondscoachje. Mannenavonden aan de toog. Opstellingen maken voor Oranje. Op bierviltjes. Nooit voor mijn favoriete Ajax. Altijd Oranje. Ik leen een pen achter de bar en ik en mijn kroegvrienden zijn eventjes keuzeheer. Vroeger stonden op die viltjes namen als Wijnstekers of Simon Tahamata. Later Van Basten, Ronald de Boer of Van Nistelrooy.

Een paar maanden geleden was ik weer Louis aan het spelen. Ik bedacht een betonversie van Oranje. Met drie centrale verdedigers. Twee opkomende backs. Twee controleurs. Sneijdertje op tien en Robin en Robben voorin. Op hen was dat systeem afgestemd. Vijf-drie-twee.

Ik was gefascineerd door wat ik in een cynische bui daar op dat bierviltje had neergepend. Want het was vloeken in de kerk. En een Nederlandse trainer zou zoiets nooit doen. Zeker Van Gaal niet. Ik zette een fotootje van de opstelling op Twitter. Een aantal sportjournalisten stuurden het door. Retweeten heet dat. Voor de leek. En zo zag de vijf-drie-twee-variant het levenslicht.

Een paar weken voordat Louis met deze opstelling naar buiten kwam duwde ik het de assistent-bondscoach onder de neus. Ik ken hem. Ik ga wel eens met hem eten. Hij wordt ooit bondscoach. Hij wel. Ik niet.

Maar ik had een bierviltje. En dat liet ik hem zien. En? vroeg ik. Hij keek me aan en trok zijn wenkbrauwen op. ‘Niet ondenkbaar’, zei hij.

En aan zijn zorgvuldig verhulde glimlach zag ik dat ik er dichtbij zat.

Stiekem denk ik dan wel eens: zou Louis op Twitter zitten? Zat hij vast en brak mijn tweet zijn hoofd open. Of is het gewoon zo dat onze beroepen toch heel erg hetzelfde zijn. Dat we allebei met soortgelijke variabelen werken. Overzicht bewaren en naar een einddoel toe. Het combineren van talenten. Volgen van intuïtie. Toepassen van psychologie. Kwamen we niet via dezelfde stappen, met dezelfde logische methodiek, tot dezelfde conclusie.

Kortom, had hij niet gewoon mijn film Simon kunnen maken en had ik niet gewoon Oranje wereldkampioen kunnen maken. In mijn dromen kan dat allebei.