Groen

Louis le Roy

Mijn vader had ooit een Friese knecht in dienst. Toen die ermee ophield, verhuisde hij met vrouw en kinderen terug naar Friesland, naar Heerenveen. Heel raar vond ik dat hij elk voorjaar terugkwam om kievietseieren te zoeken, want dat was nou toch juist een typisch Friese aangelegenheid? Na hun verhuizing gingen wij wel eens die kant op. Ik heb geen enkel beeld van een huis of een straat in Heerenveen, waarin ik de knecht en zijn vrouw kan plaatsen. Wel herinner ik me een magisch wandelpad, dat in de buurt van het huis gelegen moet hebben. Dat was niet gewoon een recht pad van stoeptegels of asfalt met wat struikjes erlangs. Het was een slingerpad, met hoeken en gaten en rare grote brokken steen, trappen, half ingestorte muurtjes en bielzenwanden. De begroeiing had de vorm van een tunnel, overal berenklauwen en ander onkruid. Zoiets zag je in onze kale polder niet. Ik zal er misschien een keer of drie geweest zijn.
Nog nooit ben ik in de Ecokathedraal van Louis le Roy in Mildam (gemeente Heerenveen) geweest, maar ik ken het concept, heb afbeeldingen gezien, hoorde er tuinontwerpers over spreken. Stiekem droom ik ervan ook ooit zoiets te beginnen, op een stuk land dat van mij is, al stel ik me er, in tegenstelling tot Le Roy, wel degelijk zaag, snoeischaar en bosmaaier bij voor. Ik vind onder de duim houden toch iets belangrijker dan hij.
In het winternummer van Onze Eigen Tuin stond een artikel over Le Roy, en pas toen leerde ik dat het magische pad, in de middenberm van de Kennedylaan, een van de eerste Le Roy-projecten was. Zonder ooit van de man gehoord te hebben, vergaapte ik me als jochie al aan zijn visie. Dat zijn van die momenten waarop je beseft dat je niet zomaar dingen gaat doen, later in je leven. In 2005, bijna veertig jaar na aanvang van het ecokathedrale project, is een honderdjarig contract getekend tussen de gemeente Heerenveen en Le Roy. Dat is mooi, want tijd – of beter: ‘processen zonder einddoel’ – is in zijn visie van het allergrootste belang.