Film

Loutering

Film: A History of Violence van David Cronenberg

Dit is een van de beste films van het jaar: een hypnotiserende overpeinzing van echt en gespeeld geweld en een absurdistische kijk op de mythologie van de held in de populaire cultuur. David Cronenbergs nieuwste film, A History of Violence, neemt de vorm aan van een historiografische blik waarin de invloed van Straw Dogs (1971) van Sam Peckinpah en Cape Fear (1991) van Martin Scorsese voelbaar is. In de laatste scène gooit Stall zijn pistool in een meer, net als Dustin Hoffman in Marathon Man (1976) en Clint Eastwood in Dirty Harry (1972), die overigens niet zijn pistool weggooit, maar zijn politie-insigne, wat neerkomt op hetzelfde. Dat is ten diepste een ritueel van loutering – zodat je opnieuw kunt beginnen, met een schone lei. En dat kan in Amerika.

Bij gelegenheid zei Martin Scorsese over David Cronenberg: «Cronenberg ís de late twintigste eeuw. Over hem hebben we geen controle, in die zin dat we geen controle hebben over de onafwendbare vernietiging van onszelf. Dat is wat zo duidelijk aan zijn werk is. Zo angstwekkend. Zo verontrustend.»

Cronenbergs moderne sensibiliteit blijkt uit films als eXistenZ (1999), waarin de fatwa op Salman Rushdie dient als bron voor een donker sprookje over virtuele realiteit. Of Crash (1996), Cronenbergs verfilming van J.G. Ballards literaire sciencefictionroman.

A History of Violence opent met een mokerslag: twee gangsters vermoorden een kind. Wat volgt is angstwekkend vertrouwd, een soort horrorwestern met een complexe psychologische onderlaag. Stall loopt door de lege straten van een klein Amerikaans stadje om zijn restaurant te openen. Hij lijkt een held uit een western: de stille vreemdeling met een hart van goud en een donker verleden. De diner waar hij werkt lijkt op iets uit de Saturday Evening Post, iets wat is overgoten met de warme gloed van goed nabuurschap. Schijn bedriegt. Carl Fogarty, ge speeld door Ed Harris, een van de beste Amerikaanse acteurs, arriveert. Hij is een gangster en hij blijkt te denken dat Tom iemand anders is, iemand die Joey heet. En Joey is géén brave restauranteigenaar met vrouw en kinderen, Joey is een wise guy.

Dit is typisch Cronenberg: het idee van de gespleten persoonlijkheid, van de dualiteit van de menselijke ziel, dat uitmondt in vragen over wat echt en onecht is. In Cronenbergs beste film, The Fly (1986), zegt de wetenschapper Seth Brundle: «Ik ben een vlieg die droomde dat hij een man was. En dat verrukkelijk vond.»

Wat ook illustratief is voor Cronenberg is de connectie tussen seks en geweld en de erotische aantrekkingskracht van de identiteitscrisis. Stall is eigenlijk iemand anders, en dat vindt zijn vrouw Edie (Maria Bello) heimelijk erg opwindend. Ook zij houdt ervan van identiteit te wisselen. Dat doet zij aan het begin van de film; zij wordt een cheerleader, waarna een heftige vrijpartij volgt. Haar spelletje is een vooruitwijzing naar wat komen gaat.

De sfeer van A History of Violence is fatalistisch. Dat komt mooi naar voren in de muziekcomposities van Cronenbergs vaste partner, Howard Shore. Shore werkt af wisselend met thema’s van hoop en dapperheid, die zich vooral aan het begin van de film uitkristalliseren, en motieven van wanhoop, die nadrukkelijker aanwezig zijn naarmate duidelijk wordt dat Tom Stall niet zal ontkomen aan het noodlot.

Te zien vanaf 10 november