Love Me Do

Veel recensies van Ian McEwans On Chesil Beach begonnen met een verwijzing naar Philip Larkins vers Annus Mirabilis. Dat is dan ook bijzonder toepasselijk. McEwan beschrijft de huwelijksnacht in een hotelletje aan de kust van twee zeer Britse twintigers, Edward en Florence, en zijn eerste regel zet meteen koers naar de catastrofe die zich zal voltrekken: ‘They were young, educated, and both virgins on this, their wedding night, and they lived in a time when conversation about sexual difficulties was plainly impossible.’ Het is 1962, precies de tijd waarover Larkin zo bitter-geestig schreef: ‘Sexual intercourse began/ In nineteen sixty-three/ (which was rather late for me)/ Between the end of the Chatterley ban/ And the Beatles’ first LP’.
In 1962 bestond seks-voor-het-genoegen nog niet. Er bestond wel gesjacher, schrijft Larkin, en gedoe om een ring, maar seks bleef een onuitspreekbare vuiligheid: ‘A shame that started at sixteen/ And spread to everything’. On Chesil Beach beschrijft precies dat, die schaamte, die angst voor bevlekking, en hoe die liefde en idealisme infecteert.

Niet alleen het verlangen naar seks, dat Edward voelt, brengt de ramp teweeg. Maagdelijkheid, onschuld en de krampachtige bescherming van de eigen intimiteit zijn in dit boek net zo goed elementen met een vernietigend vermogen. Veel van McEwans boeken gaan, geloof ik, over de manier waarop onschuld wordt bedreigd en aangetast, maar vaker, en erger nog: over de manier waarop onschuld zelf kan verworden tot een corrumperende, verwoestende, zelfzuchtige kracht. Neem de jonge Briony Tallis in Atonement, die uit een misplaatst idee van zuiverheid twee mensen in het ongeluk stort.

In On Chesil Beach doen die twee mensen dat zelf. Edward en Florence’s eigen geschiedenis, hun angst en hun preutsheid, hun gebrek aan kennis en ervaring, de onmogelijkheid van spreken over seks, dat alles wordt hun ondergang, nog verergerd door dat gruwelijke Britse klassenbewustzijn en die verdomde protestantse doem van verbod en schuld. Wat zij aan jeugdig idealisme en oprechte affectie kunnen opbrengen, is er domweg niet tegen opgewassen. Ik heb bij dit boek zitten schreeuwen, letterlijk, alsof ik bij het arme tweetal in de kamer stond, achter een glazen plaat. Ze hoorden me niet. Ze keken niet op. Het vonnis voltrok zich, onafwendbaar, en ik kon er niets tegen doen. Die beklemming, die suspense, dat intense medelijden, dat maak ik zelden mee.

Ian McEwan
On Chesil Beach
Vintage, 176 blz., € 16,99 (vertaald door Rien Verhoef als Aan Chesil Beach, De Harmonie, 152 blz., € 16,90)