Politiek sonnet

LPF

«Slangen, verraders, en geen normbesef!»

Zo typeren leden hun LPF.

In de crèche van de partij van Pim

zijn de kinderen helaas niet erg slim.

Hun smerige luiers liggen op de straat.

En Pim wordt beticht van het grootste kwaad.

«Cocaïnegebruik! Pim was verslaafd.»

Aan alles wat Pim is, wordt nu geschaafd:

Ze kleineren zichzelf en de partij.

Beweren nu zelf: het is snel voorbij.

Wiegel, toch altijd in voor een ruzie,

is thans druk doende met een soort fusie.

Op Westerveld hoort men ’s nachts luid gegrom.

In een darkroom keert Pim zich nog eens om.