Verkiezingen in Brazilië

Lula’s modelstaat

Braziliës deelstaat Rio Grande do Sul wordt al veertien jaar geregeerd door de partij van Lula da Silva, de linkse favoriet in de presidentsverkiezingen van komende zondag. Lula damde de macht van internationale bedrijven in en deed de publieke sector opbloeien. Wordt zijn deelstaat het model waarnaar hij Brazilië zal hervormen?

Porto Alegre — Het zag rood op de parkeerplaats Larga de Epatur, zondagavond drie weken geleden in het Braziliaanse Porto Alegre. Mannen, vrouwen en kinderen die geen rood T-shirt aan hadden of een rode sjaal om hun hoofd met de ster van de Partido dos Trabalhadores (PT), hadden een speldje opgeprikt, een sticker met de naam van «hun» presidentskandidaat Lula da Silva opgeplakt en een rode vlag in de hand. Het aanvankelijke bericht vlak na het sluiten van de stemlokalen voor de eerste ronde van de presidentsverkiezingen dat Lula met stip de absolute meerderheid van de stemmen had gehaald en in één keer president was geworden, bleek al niet meer te kloppen. De PT-kandidaat voor tegelijk gehouden verkiezingen om het gouverneurschap van de staat Rio Grande do Sul had zelfs minder stemmen gehaald dan de neoliberale tegenkandidaat.

Toch kon het feest niet stuk. De voorsprong van Lula op zijn drie tegenkandidaten in de komende zondag te houden tweede stemronde is groot. «Wij, Gaúchos, bewoners van dit deel van Brazilië, hebben ervoor gezorgd dat Rio Grande do Sul nooit meer hetzelfde wordt. Wij, Braziliaanse kiezers, zullen ervoor zorgen dat Brazilië nooit meer hetzelfde wordt!» schreeuwt een presentatrice vanaf een podium. «Het kan niet anders, Lula wordt onze president!»

«Dat zou eens tijd worden», mompelt een grote man voor zich uit. Zijn triomfantelijke stille glimlach en stralende ogen verraden een ander gevoel dan de klank van zijn woorden. «Twintig jaar hebben we hiervoor gestreden. Vroeger moest je tegen de politie vechten, want die staat altijd aan de kant van de mensen met geld en macht. Nu krijgen we iemand zoals wij als president. De strijd is dus niet voor niets geweest.» De tengere Wilson reageert praktischer. Amper veertig is hij, maar zijn donkere gezicht vertoont diepe lijnen. «Dit betekent dat mijn kinderen naar school kunnen blijven gaan. Ik vertel ze elke dag hoe het was toen ik zo jong was als zij. Ik moest werken. Pas een paar jaar geleden kon ik voor het eerst naar school.»

Braziliës zuidelijkste deelstaat Rio Grande do Sul is altijd eigenwijs geweest. In 1835 scheidde hij zich af van het Braziliaanse keizerrijk en riep hij zichzelf uit tot Republiek van Piratini. In 1930 begon hier de revolutie en in de jaren zeventig «kraakte» de landlozenbeweging MST hier voor het eerst een stuk ongebruikt land. Linkse politieke partijen hebben hier altijd meer aanhang gehad dan in de rest van het land. De Partido dos Trabalhadores van de man die zondag hoogstwaarschijnlijk tot nieuwe president van Brazilië wordt gekozen, Luiz Inácio Lula da Silva, oftewel Lula, regeert al veertien jaar in hoofdstad Porto Alegre en voert bijna even lang de boventoon in een groot deel van Rio Grande do Sul.

Porto Alegre is een van de weinige Braziliaanse steden waar Lula’s arbeiderspartij al veertien jaar onafgebroken aan de macht is, en de stad die erkend is als de stad met de beste kwaliteit van leven in Brazilië. De staat Rio Grande do Sul is weliswaar van de drie regeringsperiodes na het einde van de dictatuur een keer in handen geweest van de sociaal-democratische PSDB van de huidige president Fernando Henrique Cardoso, maar is tegelijk een van de staten waar de PT de meeste aanhang heeft.

De afgelopen veertien jaar hebben gemeenten en de staat hier alles gedaan waar de internationale financiële markten zo bang voor zijn. Ze vrezen dat Luiz Inácio Lula da Silva dat beleid landelijk zal doorzetten mocht hij tot president worden gekozen: belastingvoordelen voor grote (buitenlandse) bedrijven zijn opgeheven in alle gemeenten waar de PT regeert; gemeenten hebben quota ingesteld voor een minimum aantal personeelsleden uit minderhedengroepen en de milieueisen zijn Europees streng. De huidige regering van Rio Grande do Sul heeft op de valreep weten te voorkomen dat de staatsbank werd geprivatiseerd. Nu verleent die bank, bijna zonder eisen te stellen, kredieten aan kleine ondernemers, boeren en landloze boeren. En in de afgelopen twee jaar alleen al hebben meer dan zesduizend gezinnen van landloze boeren een stukje land gekregen. Anders dan critici bij voorbaat zeiden, is de staat er in Rio Grande do Sul niet slechter op geworden, ook economisch niet. In de afgelopen jaren is het aantal kinderen dat naar school gaat toegenomen. De kindersterfte is er met vijftien op de duizend geboorten minder dan de helft van het landelijke cijfer; het analfabetisme is met 7,19 procent lager dan waar ook in het land; het gemiddelde inkomen per persoon ligt hoger en de werkloosheid lager dan in andere stedelijke regio’s. Porto Alegre is de enige Braziliaanse hoofdstad waar zo goed als elk huishouden stromend drinkwater heeft.

Maar ook aan Rio Grande do Sul gaat de economische crisis die de hele regio treft niet voorbij. Het aantal mensen dat geen huis heeft neemt toe, net als de werkloosheid. En dat is koren op de molen van de oppositiepartijen. Het feit dat de regionale radio- en televisieomroepen allemaal in handen zijn van aanhangers van de oppositiepartijen en zij onafgebroken kritiek op de regering hebben afgevuurd, verklaart de populariteit van de kandidaat van PSDB voor het gouverneurschap in de eerste ronde van de verkiezingen. De oppositie verwijt de PT-bestuurders werkloosheid in de hand te werken omdat ze met hun belastingpolitiek investeerders wegjagen. De vorige regering had met Ford afspraken gemaakt over vestiging. De PT-regering draaide die afspraken terug. Ford besloot zich daarop in een andere staat te vestigen.

«Die afspraken waren onmogelijk na te komen», zegt Raul Pont, ex-burgemeester van Porto Alegre. Hij zit achter een gammel houten tafeltje in de kleine loods van waaruit hij campagne voert om een plaatsje te bemachtigen in de nationale volksvertegenwoordiging. Ponts burgemeesterschap is beroemd geworden doordat Pont het stelstel van begrotingsparticipatie instelde: de gemeentelijke begroting is volledig openbaar en op bijeenkomsten kan elke bewoner van Porto Alegre meepraten en meebeslissen over de besteding van die begroting. «Het was voor het eerst dat een linkse partij zoveel macht kreeg, en we wilden laten zien dat we echt een andere politiek voorstonden, voor én door de mensen. Laat de mensen voor wie wij, bestuurders, gekozen zijn, maar bepalen wat de prioriteiten van het beleid moeten zijn.»

Het is onmiskenbaar dat dat andere zijn dan de internationale markt wenselijk vindt. Pont: «Toen duidelijk werd dat Ford zich hier zou vestigen, bleek dat het bedrijf bijna geen belasting zou betalen en de overheid moest zorgen voor financiering van infrastructuur die het bedrijf beter bereikbaar zou maken, tegen minimale rente en met volledige compensatie bij inflatie. Het zou erop neergekomen zijn dat wij vijftien jaar lang al onze belastinginkomsten aan dat bedrijf zouden besteden. Hoe kan welke overheid dan ook dat accepteren?» Het is juist díe vraag die volgens de oud-burgemeester in Latijns-Amerika zelden wordt gesteld. «Bij gebrek aan een economische politiek legt de federale overheid buitenlandse investeerders in de watten, in de hoop dat ze voor nieuwe banen zorgen. Maar wat heb je daaraan als die ten koste gaan van banen in de publieke sector en als je geen geld overhoudt om te doen wat het hardst nodig is: zorgen voor huisvesting, gezondheidszorg, drinkwater, onderwijs?»

In plaats van belastingvoordelen te geven, vragen de overheden in Rio Grande do Sul juist om compensaties. «Zonde hè», knikt economisch specialist Sergio Gonzales van de gemeente Porto Alegre, terwijl hij met de auto het nieuwste deel van de rondweg opdraait. We rijden het on-Latijns-Amerikaans schone en groene centrum van de stad uit, waar duidelijk te zien is dat ook de Groenen hier al jaren een vinger in de pap hebben. Afval wordt gescheiden verzameld en gloednieuwe bussen rijden op busbanen. Onder aan de weg ligt de grote lege vlakte waar Gonzales op doelt. «Dit stuk land is dertig jaar geleden door speculanten opgekocht. Wij hadden er huizen kunnen bouwen of een park aanleggen, maar zij deden er niets mee omdat ze wisten dat het veel meer zou gaan opleveren als deze weg af was. Nu hebben ze inderdaad een bouwplan voor chique woontorens en een winkelcentrum ingediend. En ons verzocht toegangswegen en parkeerplaatsen aan te leggen. Dat zullen we niet doen. Zij hebben geld zat en wij kunnen het belastinggeld wel beter besteden. Ze zullen ook moeten aantonen hoe ze gaan voorkomen dat hun plannen kleine bedrijven in de buurt de kop zullen kosten. Ze zouden een aantal van de bedrijven uit de omgeving in het winkelcentrum op kunnen nemen. Daar beslissen ze niet in hun eentje over. Ze zullen samen de desbetreffende bedrijven en de bevolking moeten raadplegen.»

Oud-burgemeester Pont hoopt dat Lula president van Brazilië zal worden. Of de verdiensten van de PT-regeringen in Porto Alegre en in Rio Grande do Sul ook landelijk effect zullen hebben, weet hij niet. «Het land is zo ontzettend groot en elk deel is zo verschillend. Ook de partij is overal anders. Waar we het over eens zijn is dat de prioriteiten die het neoliberalisme stelt, omgedraaid moeten worden: eerst kijken wat de belangrijkste problemen zijn en dan kijken hoe we de markt kunnen gebruiken om die op te lossen. Het mag nooit zo zijn dat onze economie draait om de internationale markt en de internationale schuldeisers.»