M'n witz terug

  1. ‘Stefan Felsenthal wil, desgevraagd, geen commentaar geven’. Deze regel stond in het artikel ‘Eerst m'n witz terug’ in De Groene van 2 september. Dat ligt iets anders. Ik heb via de secretaresse van het Nederlands Fonds voor de Film de journalist van De Groene laten weten dat hij bij het bestuur dan wel de directie van het Fonds moest zijn aangezien ik destijds slechts adviseur was.
  1. De diverse afwijzingen van het Potasch en Perlemoer- (later in Marx en Rosenblatt- omgedoopte) project door de besturen van respectievelijk het Nederlandse Fonds voor de Film en het Stimuleringsfonds voor Nederlandse Culturele Omroepproducties waren gebaseerd op adviezen van een drie-, respectievelijk zeskoppige commissie.
  2. Dat het koppel Beukenkamp-Verhage zich in het ‘joodse gedachtengoed’ heeft verdiept, blijkt wel uit het feit dat het een zondebok nodig heeft. Ik sta voor die rol niet ter beschikking.
  3. De door uw verslaggevers opgevangen dan wel weergegeven beweringen of vermoedens van Beukenkamp & Verhage komen volstrekt voor hun aller rekening. Ze stroken in elk geval nergens met de werkelijkheid van de even veelzijdige als langdurige procedures die tot het niet-toekennen van de gewenste subsidies hebben geleid.
  4. Tenslotte: het onderwerp, de terugkeer van Nederlanders uit Duitse én Jappenkampen in een land dat zijn energie vrijwel uitsluitend besteedde aan materiële opbouw en spirituele verdringing, vind ik persoonlijk van het grootste belang.