Macedonië aan de rand van de afgrond door nationalisten

Skopje – Als je vanaf het Alexander de Grote-vliegveld de Alexander de Grote-snelweg naar Skopje neemt, kom je via de Alexander de Grote-boulevard en het Alexander de Grote-plein bij een enorm standbeeld van Alexander. Daar vlakbij staat het toppunt van Balkan-kitsch: vier standbeelden van, jawel, Alexanders moeder. Alexander in de buik, aan de borst, in de armen en op schoot. Om zich te onderscheiden van haar buurlanden heeft Macedonië de marketing op de oude veroveraar gegooid. Tot ongenoegen van de Bulgaren en vooral de Grieken, die het land al jaren uit de EU proberen te houden. En tot ongenoegen van de Albanezen, die een kwart van de bevolking uitmaken maar zich tweederangsburgers voelen.

Intussen is de politiek verworden tot een soap. Nadat de regering van de rechtse vmro-dpmne was gevallen, door een groot corruptie- en afluisterschandaal, sloten de sociaal-democraten in december een coalitieakkoord met de Albanese partijen. Ze beloofden meer rechten voor het Albanees als taal. Dat nooit, zei de (rechtse) president, en sprak zijn veto uit. Dat nooit, zeiden ook de vmro-parlementariërs, die een filibuster begonnen om de vorming van een nieuw kabinet te blokkeren. Het lukte het parlement pas twee weken geleden een voorzitter te kiezen, waarop honderden vmro-aanhangers het parlement bestormden. Honderd mensen raakten gewond.

Wantrouwen tegenover Albanezen is echt niet altijd ongegrond. Maar de leiders zijn het nationalisme nu wel heel cynisch aan het opstoken. Iedereen weet dat ze vooral willen ontsnappen aan strafvervolging na de corruptieschandalen. Macedonië is een ‘captured state’ geworden, vertelt Samuel Žbogar, de EU-ambassadeur in Macedonië, mismoedig. ‘De staatsinstellingen en de rechtspraak zijn in de greep van politici.’

Het is zo dom, zegt Naser Selmani, een vooraanstaande Albanese journalist. ‘Wij Albanezen voelen ons deel van Macedonië. Maar als de staat instort, hebben we altijd Albanië nog. Wat hebben de anderhalf miljoen Macedoniërs? Die hebben niemand die hen gaat steunen.’

De duizenden demonstranten die elke dag voor het parlement bijeenkomen om te protesteren tegen de nieuwe meerderheid zijn daar niet bang voor. Macedonië is groot, zeggen ze, we laten de Albanezen niet ons land inpikken! De nationalistische demon van de Balkan krijgt vleugels als uit de speakers een lied klinkt dat de in rood-geel uitgedoste menigte in vervoering brengt. Een lied over de grootsheid van Macedonië en haar illustere krijger Alexander de Grote.