Machtiger dan iedere god

In de dagen voorafgaande aan de herdenking van 9/11 heeft de angst voor de islamisering in het Westen nieuwe hoogtepunten bereikt. Een van de oorzaken is het plan om een moskee annex ontmoetingscentrum te bouwen in de buurt van Ground Zero. De publicatie van het boek Duitsland heft zich op van de Duitse bankier Thilo Sarrazin heeft er flink aan bijgedragen. Een paar dagen na verschijnen is het een bestseller. Islamisering, onze nieuwe nachtmerrie. Maar hoe moeten we ons dat proces voorstellen? Hordes van fanatieke gelovigen die bij nacht en ontij onze grenzen oversteken, onderdak vinden bij hun geestverwanten, stiekem hun moskeeën bouwen, buurten, stadsdelen overnemen, het krimpend territorium verder terroriseren, tot ze Den Haag in handen hebben en eindelijk de sharia kunnen invoeren? Is er iemand die goed bij zijn hoofd is en serieus denkt dat het zo ver zou kunnen komen?
Iedere samenleving verweert zich tegen vreemde invloeden. Daarvoor bestaan allerlei methoden die we ook hier gebruiken: toelatingsbeleid, inburgeringscursussen, onderwijs en als het niet anders kan: geweld. Ruim voordat zo'n nachtmerrie van de islamisering ook maar bij benadering werkelijkheid zou kunnen worden, zouden de moslims al een vervolgde minderheid zijn geworden. Zo ver begint het trouwens nu al te komen. Of een moslim fanatiek, gematigd, twijfelend is, dat maakt voor een groeiend deel van de publieke opinie al geen verschil meer. Ze worden niet meer als individu beoordeeld, maar getroffen door een collectief oordeel, zoals nog niet zo lang geleden ‘de’ joden en 'de’ zwarten.
Een jaar of zestig geleden waren veel Nederlanders bang dat we hier gekatholiseerd zouden worden. In 1951 verscheen de roman van W.F. Hermans Ik heb altijd gelijk, waarin de held, Lodewijk Stegman, lucht geeft aan zijn vrees. Hij is een veteraan, terugkerend uit Indonesië. Het troepenschip nadert het vaderland, de mannen zien de lichtjes aan wal. Lodewijk krijgt een woordenwisseling met een kameraad en daaruit ontwikkelt zich de meeslepende toespraak waarin hij het katholieke volksdeel beledigt. Ik heb het boek niet bij de hand, ik citeer uit mijn hoofd. 'Daar liggen ze weer kinderen te maken! De roomsen, met puisten op hun wangen en rotte kiezen van het ouwels vreten! Over een paar generaties is heel Nederland katholiek!’ De schrijver werd aangeklaagd en vrijgesproken omdat niet hij maar een romanfiguur aan het woord was. Over de vrijheid van meningsuiting werd toen ook nog voorzichtiger gedacht.
Met de katholisering is het geweldig meegevallen. Alle vormen van christelijke godsdienst hebben het steeds moeilijker gekregen, kerken werden afgebroken, jeugdverenigingen verkommerden, politieke partijen op religieuze grondslag brokkelen verder af. Wat is daarvan de oorzaak? De ontkerkelijking is begonnen in de jaren zestig. Het was de tijd van de totale emancipatie, het baas in eigen buik, de provo’s, de popmuziek, en in het algemeen het aan je laars lappen van iedere autoriteit. De generaties die in de eerste jaren na de oorlog de restauratie voor hun rekening hadden genomen, verantwoordelijk waren voor de oorlog in Indonesië, het bestel van de jaren dertig weer op poten hadden gezet, waren verbruikt. Dat bestel was ook in de kerken geworteld. De periode was aangebroken waarin alle vormen van gezag hun vanzelfsprekend overwicht voorgoed verloren.
Daarna is het consumentisme gekomen. De algemene welvaart steeg, de productie van lekkere dingen bereikte massaal de nieuwe supermarkten, schaarste was verdwenen, zoveel mogelijk genieten werd de nieuwe levensopdracht. De generaties die na omstreeks 1950 geboren zijn, weten niet beter. Dat geldt voor het hele Westen. Een van de oorzaken waardoor het communistisch wereldrijk ten onder is gegaan, is dat de leiders niet hebben begrepen dat in het laatste kwart van de vorige eeuw dit genieten tot een levensnoodzaak was geworden. Als de Russische dichter Joseph Brodski voor het eerst in Wenen is, bewondert hij in een winkelstraat de etalages. Ja, dat hebben ze bij ons vergeten, schrijft hij later. Die mooie, die lekkere dingen die een mens nodig heeft voor zijn fatsoenlijk bestaan.
Overmatig consumentisme is intussen geworden tot een ziekte, een vloek voor de westerse samenleving. Maar het blijft ook een van haar grootste krachten. Door armoede gedwongen komen moslims naar onze vetpotten. Natuurlijk heeft de eerste generatie, hier horend tot de onderklasse en gehoorzamend aan een strenge god, de grootste moeite zich aan te passen. Maar zoals de praktijk bewijst: veel immigranten slagen min of meer. Ze krijgen kinderen die weer andere problemen hebben. Een nieuwe vorm van onaangepastheid die voortkomt uit een verkeerd begrepen consumentisme. Het is jammer, maar stelen en roven horen daar ook bij, en natuurlijk moet er dan worden gestraft. Daar is niemand tegen. Maar hier gaat het om de verleidingen, de kracht van het consumentisme. Daar is geen god tegen opgewassen. Tegen het moderne genieten delft op den duur ieder religieus fanatisme het onderspit. Dat is iets anders dan islamisering.