Klimaatmars in Parijs op 9 mei © Isa Harsin / SIPA / ANP

Parijs, zondagmiddag 9 mei. La Marche d’Après heeft tienduizenden demonstranten op de been gebracht: linkse politieke partijen, milieuorganisaties en actiegroepen lopen zingend en wavend over de boulevards uit protest tegen de Klimaatwet. De Assemblée nationale, de Tweede Kamer, heeft het pakket voorstellen van de Convention Citoyenne pour le Climat, het Franse Burgerberaad, dusdanig afgezwakt dat de klimaatdoelen van Parijs niet zullen worden gehaald. Het wetsvoorstel wordt nu behandeld door de Senaat, maar de rechts-conservatieve Eerste Kamer geniet duidelijk niet het vertrouwen van de luid scanderende manifestanten: ‘Het klimaat raakt oververhit, wij ook’, ‘Wet voor het klimaat, leugen van de staat!’

Een dame met bloemenkrans om het hoofd houdt een kartonnen bord omhoog: ‘Red de aarde, eet een rijkaard op’. Ook een reusachtige Macron van papier-maché vertolkt de onvrede: ‘Macron, koning van de blabla’. De politie blijft voor de verandering op afstand en er breken vandaag geen rellen uit. Op de Place de la Bastille, symbool van de Franse Revolutie en eindpunt van de mars, worden de betogers opgewacht door Cyril Dion. De charismatische klimaatactivist, aanjager en boegbeeld van het Franse publieke klimaatdebat, overtuigde president Macron ruim twee jaar geleden van de noodzaak van de Burgerconventie voor het Klimaat. De organisatie hiervan was in handen van Mathilde Imer die samen met hem de pers te woord staat.

De verklaring die ochtend van president Macron dat de Senaat niet akkoord zal gaan met het door hem toegezegde referendum over de vraag of écocide, het vernietigen van de natuur, een misdaad is en strafbaar moet worden gesteld, voelt als ‘een mes in de rug’, zegt ze. ‘Macron heeft ons verraden.’ Dion, zwarte krullen, spijkeroverhemd en hipsterbaardje, springt het podium op en spreekt, bevlogen als altijd, de menigte moed in: ‘De Klimaatwet is uitgekleed, het beloofde referendum zal mogelijk worden geannuleerd, we staan nog steeds aan het begin! Maar wij hebben de afgelopen jaren het klimaat nationaal én internationaal op de kaart gezet. De VS willen in 2050 klimaatneutraal zijn, Europa ook, Frankrijk voldoet niet aan zijn klimaatverplichtingen en is door de Raad van State gesommeerd op te schieten. Het beweegt! Er moet een cultuuromslag komen, een structurele verandering in de economische en politieke infrastructuur. We moeten en zullen doorgaan!’

Drie dagen later lijkt de strijdlust van klimaatactivist Cyril Dion (43) plaats te hebben gemaakt voor teleurstelling. In het wegens corona lege restaurant kijkt hij me tijdens ons gesprek sceptisch aan: ‘Wat denkt u dan? Met al die tegenwerking vanuit de politiek zijn die 64.000 manifestanten tijdens de Marche d’Après lang niet genoeg.’

Dion kreeg bekendheid als coregisseur van de gelauwerde documentaire Demain (2015) die in Frankrijk meer dan een miljoen bezoekers trok en aan dertig landen werd verkocht. In Tomorrow, de titel waaronder de film in Nederland werd uitgebracht, trekt hij de wereld over en praat met economen, biologen, landbouwingenieurs, ecologen en onderwijsexperts die experimenteren met tal van oplossingen om de bedreigde mensheid op onze nagenoeg uitgeputte planeet te doen overleven. Onder het motto van een ecologische en solidaire samenleving organiseerde hij milieudebatten en popconcerten en zijn handboek Petit manuel de résistance contemporaine (2018) bevat vele praktische antwoorden om samen op een duurzame manier de wereld te veranderen.

Het idee voor de Burgerconventie voor het Klimaat vindt zijn oorsprong in de hevige bosbranden tijdens de hete zomer van 2018, vertelt Dion. ‘De klimaatverandering gaf hiermee een signaal af. Samen met een aantal milieuorganisaties hebben we in september 2018 een grote klimaatmars georganiseerd. Een maand later bezetten de gele hesjes de rotondes uit protest tegen de belastingverhoging op de diesel die niet de grootste vervuilers trof maar wél de laagste inkomensgroepen. Toen ik eens midden in de nacht zelf op een blokkade stuitte, legde ik de bezetters uit dat de klimaatverandering hen nog veel meer in hun portemonnee zou raken.’

De volgende landelijke klimaatmars, in december 2018, bracht honderdduizenden mensen op de been waaronder veel gele hesjes. ‘Het tij zat mee’, zegt Dion. ‘Tegelijkertijd kwam Greta Thunberg met haar jongerenbeweging op stoom. Met mijn filmpje op YouTube waarin de Franse geëngageerde filmsterren Juliette Binoche en Marion Cotillard de klimaatzaak onderschreven, kregen we binnen een week ruim twee miljoen steunbetuigingen.’ In januari 2019 volgde een open brief aan Emmanuel Macron met het plan voor een Burgerparlement voor het Klimaat dat via loting zou worden samengesteld. ‘Dat was de eis van de gele hesjes en dat bood een oplossing om uit de uitzichtloze crises te komen en de kloof tussen burger en overheid te dichten.’

Toen Dion en Cotillard, actief Greenpeace-lid en internationaal bekend sinds haar vertolking van Edith Piaf in La môme (2007), hun onvrede uitten op radio France Inter, stuurde Emmanuel Macron een sms-bericht aan Cotillard. ‘U beseft niet dat we heel mooie dingen doen. Laten we elkaar ontmoeten zodat ik u dat kan uitleggen.’ Cotillard werd uitgenodigd op het Élysée en vroeg Dion met haar mee te gaan. ‘Na die klimaatmarsen en handtekeningen moest Macron wel de dialoog aangaan met het Franse volk, maar hij wilde vast ook goede sier maken met het bezoek van de actrice. We wilden geen media-aandacht, toch liet het Élysée een kwartier voor onze komst weten dat de pers zou worden ingelicht. We hebben de afspraak afgezegd.’ Met een triomfantelijke glimlach herhaalt hij het prompte antwoord van het Élysée. ‘De ontmoeting zou informeel zijn en besloten.’

Eenmaal binnen vertelde president Macron uitvoerig over zijn plannen. Dion kreeg ook de gelegenheid zijn verhaal te vertellen. ‘Zonder interruptie heeft hij drie kwartier geluisterd naar mijn argumenten voor de mijns inziens enige oplossing: laat de Fransen meedenken en zelf bepalen tot hoe ver ze willen gaan om de klimaatverandering aan te pakken. Ze moesten zelf de ernst van de situatie inzien en oplossingen vinden. Macron zou als president, om electorale redenen en vanwege druk vanuit de economische wereld, immers nooit de noodzakelijke maatregelen kunnen nemen. Na mijn betoog was zijn antwoord kort: “Ik heb geen beter idee. Geef me een week en ik zal zien wat ik kan doen.”’

Het duurde twee maanden, maar toen kwam het overleg met het Élysée op gang. ‘We kregen de vrije hand. 150 Fransen uit alle hoeken van het land en uit alle lagen van de bevolking, die zich nooit met het klimaat hadden beziggehouden, kregen de opdracht voorstellen voor de Klimaatwet te formuleren om de broeikasuitstoot vóór 2030 met veertig procent te verminderen. De plannen dienden sociaal rechtvaardig te zijn, dus ook haalbaar voor de laagste inkomens.’

Dion en Marion Cotillard tijdens een interview in Parijs. Juni 2020 © Guy Kulitza

Dion vond zijn inspiratie voor de participatieve democratie in het manifest Tegen verkiezingen (2013) van David Van Reybrouck. De Belgische cultuurhistoricus en schrijver bestempelt hierin het huidige verkiezingssysteem als verouderd en wil met een besluitvorming op basis van weloverwogen argumenten door gelote burgerraden nieuw elan geven aan onze huidige democratie. Van Reybrouck, inmiddels ‘een goede vriend’ van Dion, vertelt in diens documentaire Tomorrow over het wijdverbreide wantrouwen jegens de politieke macht. Hij geeft voorbeelden van het Ierse burgerberaad dat zich met succes boog over de homo- en abortuswetgeving en de financiële crisis in IJsland van 2009 die daar tot een vertrouwensbreuk met de bevolking en de val van de regering leidde. 25 door loting gekozen burgers hebben vervolgens beslist over een nieuwe, rechtvaardige grondwet.

Ook in Nederland klinkt de roep om de burger mee te laten beslissen over grote politieke besluiten steeds luider. Vier op de tien Nederlanders voelen zich onvoldoende betrokken bij de totstandkoming van het klimaatbeleid, zo constateerde het Sociaal en Cultureel Planbureau onlangs. De commissie-Brenninkmeijer adviseerde de Nederlandse regering eerder dit jaar een burgerforum voor het klimaat in te stellen om te profiteren van de kennis en ervaring in de samenleving. De Nijmeegse hoogleraar klimaatwetenschappen Heleen de Coninck ziet eveneens mogelijkheden in burgerparticipatie, mede om het nodige draagvlak te creëren voor de duurzaamheidstransitie.

Schrijver en cultuurhistoricus Eva Rovers, medeoprichter van Bureau Burgerberaad, presenteerde onlangs haar plan aan demissionair premier Mark Rutte om een nationale Klimaatconventie op te nemen in het regeerakkoord. De uitstoot per hoofd van de bevolking ligt in ons land een derde hoger dan gemiddeld in de EU, aldus de recente conclusie van het Planbureau voor de Leefomgeving, en de Nederlandse staat slaagt er niet in hier iets aan te doen, ondanks het eerdere vonnis van de rechter om vóór 2020 de broeikasgasuitstoot met 25 procent te verminderen ten opzichte van 1990. De duurzaamheidsorganisatie Urgenda zag zich gedwongen opnieuw naar de rechter te stappen. Eind mei werd ook Shell door de rechter gesommeerd zijn CO2 -uitstoot drastisch te verminderen. De aandeelhouders mochten voor vergroening kiezen, de oliemaatschappij gaat in beroep tegen het vonnis. Maar nu ook de Europese Centrale Bank heeft besloten haar financiële beleid te vergroenen, wordt het de grote vervuilers steeds lastiger gemaakt de klimaatopwarming te negeren.

Negentien drukken kende het manifest van Van Reybrouck, er zijn klimaattafels georganiseerd, de gemeente Amsterdam experimenteert met burgerparticipatie, maar politieke invloed is in Nederland vooralsnog uitgebleven. Cyril Dion is dat in Frankrijk wél gelukt. Hij lacht, niet zonder trots. ‘Van Reybrouck is diep onder de indruk van wat ik heb bereikt in Frankrijk.’

‘Alle chemische bestrijdingsmiddelen moeten worden verboden, vind ik, maar we hebben de voedselproductie van de boer nodig’

President Macron was op zijn beurt onder de indruk van het resultaat van het Burgerberaad, vervolgt Dion, zelf verantwoordelijk voor het onafhankelijk oordeel van het Burgerforum. ‘De 149 voorstellen waren veel ambitieuzer dan de regering had voorzien.’ De politiek, die hard nodig is om oplossingen in gang te zetten, staat die oplossingen niet zelden in de weg, moest hij constateren. ‘Macron heeft zijn belofte niet gehouden. Het bedrijfsleven heeft gedicteerd.’ Dion noemt het niet, maar hij heeft een lintje, de Orde van Verdienste, geweigerd.

Guy Kulitza haalt me op van het station in Limoges met zijn benzineauto – ‘de diesel heb ik ingeruild’ – en wijst me even later op de glooiende velden. ‘Hier groeit alleen nog mais voor de Limousine-koeien, we moeten weer gevarieerder voedsel verbouwen.’ Kulitza (61), een gepensioneerde IT’er, is geboren en getogen in Parijs en verhuisde twintig jaar geleden naar Limoges, vertelt hij als we in zijn vrijstaande huis aan de verantwoorde koffie uit Honduras zitten met geitenmelk ‘zonder giftige toevoegingen’. Het leven van het voormalig lid van het Franse Burgerberaad voor het Klimaat is ‘totaal veranderd’ na het eerste sms-bericht van 13 september 2019 dat hij heeft bewaard op zijn telefoon. ‘Bonjour, uw telefoonnummer is te voorschijn gekomen na loting voor deelname aan het Burgerparlement voor het Klimaat. Heeft u belangstelling om hieraan mee te doen? Antwoord met Ja of Nee.’

Voor het eerst werd Kulitza om een bijdrage aan de politieke besluitvorming gevraagd. Na wat heen en weer sms’en, waarbij hij zijn woonplaats, geslacht, leeftijd en diploma’s ‘die ik niet heb’ moest doorgeven, kreeg hij bericht dat de eerste bijeenkomst op 4 oktober 2019 in Parijs zou zijn. Reis- en verblijfkosten werden vergoed en er gold een dagvergoeding van 85 euro, overeenkomstig het honorarium van een burgerjury bij een rechtszaak. De eerste van de zeven sessies begon met lezingen over de klimaatopwarming. Vakbondsleiders vertelden over de mogelijke gevolgen voor de werkgelegenheid, de directeur van vliegveld Orly gaf zijn visie op de toekomst van de luchtvaart en Greenpeace schetste de consequenties voor het milieu. De gevolgen van het uitblijven van maatregelen tegen nog meer opwarming van de aarde brachten een ware schok teweeg bij Kulitza. ‘Een gemiddelde Chinees stoot jaarlijks zesenhalve ton CO2 uit, een Fransman liefst tien ton. Maar twee ton is het maximum bij een temperatuurstijging van anderhalve graad – conform het Verdrag van Parijs – en die zouden we al in 2025 overstijgen. Alleen al de auto stoot twee ton uit. Bij een opwarming van meer dan vier graden wordt het leven op aarde zelfs ernstig bedreigd. We begrepen dat Total en Shell in hun businessplan rekening houden met een opwarming van vijf graden.’

Na die eerste sessie kwam Kulitza zwaar gedeprimeerd thuis. ‘Waren vakspecialisten en wetenschappers niet beter in staat om zwaarwegende voorstellen te doen? Waarom werden wij gevraagd om oplossingen te zoeken?’ Het antwoord kreeg hij gaandeweg. ‘Een technocraat zal vertellen hoe we het moeten aanpakken, maar weet niet of de gewone burger in staat is dit ook uit te voeren. In hoeverre was ik bereid vergaande, ingrijpende oplossingen te accepteren?’

Guy Kulitza tijdens het Burgerberaad voor het Klimaat. Parijs, juli 2020 © Guy Kulitza

De 150 leden van het Burgerparlement kwamen door loting terecht in een van de vijf werkgroepen die elk een van de vijf grote bronnen van CO2-uitstoot vertegenwoordigden: transport, industrie, wonen, consumptiegedrag en voeding inclusief landbouw. Kulitza werd de werkgroep voeding toegewezen. ‘Daar wist ik totaal niets van’, glimlacht hij. ‘Achteraf gezien was het goed. Vanuit een blanco uitgangspunt kun je onbevangen voorstellen doen.’

Eenmaal met dertig mensen om een ronde tafel werd gevraagd in één woord samen te vatten wat ‘zich voeden’ voor ieder betekende. ‘Mijn ouders hebben honger geleden tijdens de Tweede Wereldoorlog, dus ik noteerde: “Levensbelang”. Het meisje naast me, zeventien jaar, koos tot mijn verwondering “Plezier”. Voor haar was voeding vanzelfsprekend beschikbaar en eten een genot.’ En zo gingen er meer werelden open voor Kulitza. ‘Voedsel is van levensbelang, maar kan door chemische toevoegingen ook je dood betekenen. Anderzijds kunnen we zonder grootschalige voedselproductie niet in leven blijven. Het is niet het een of het ander. Alle chemische bestrijdingsmiddelen moeten worden verboden, vind ik, maar we hebben de voedselproductie van de boer nodig. Geef hem dus de middelen om de ecologische transitie te maken.’

De sessies vonden plaats met tussenpozen van enkele weken. Kulitza las de toegestuurde verslagen en ging praten met boeren, vakbondsmensen en milieuorganisaties. ‘Mijn buurman wilde in aanmerking komen voor het milieukeurmerk hve, Haute Valeur Environnementale, en plantte klaver om de hoeveelheid pesticiden en kunstmest met de helft te verminderen. Klaver, een natuurlijke kunstmest, kun je alleen in de herfst in de grond stoppen. Pesticiden doden weliswaar insecten, maar doen de gewassen al na twee weken opkomen en blijven dus noodzakelijk. Mijn buurman is jong maar conventioneel opgeleid en durft een volledige transitie naar de agro-ecologie niet aan. Het subsidiesysteem is immers ingesteld op de conventionele boer; als je wilt bioboeren, moet je het zelf uitzoeken.’

Inmiddels is de financiële EU-steun tijdens de laatste landbouwtop in juni voor een kwart afhankelijk gemaakt van het bioboeren. Te weinig om de boer de overstap te laten maken en de CO2-uitstoot voldoende terug te brengen, daar zijn de experts het over eens. Kulitza begreep dit al na eigen onderzoek en bracht zijn opgedane kennis mee terug naar het Burgerberaad.

Experts met kennis van zaken stonden de werkgroepen met raad en daad bij. ‘Mensen die niet zo makkelijk praatten, werden gestimuleerd het woord te nemen, anderen werden afgeremd’, vertelt Kulitza. ‘Alles werd samengevat en uitgewerkt tot een coherent verhaal, echter nooit zonder onze instemming met de definitieve tekst.’ Ook de uitvoerbaarheid van de ideeën en de financiële haalbaarheid kwamen ter tafel. ‘De grote bedrijven, de grote vervuilers zijn ons inziens verantwoordelijk voor de financiering van de plannen. Daarnaast kwamen we uit op zes miljard euro overheidsgeld, een bescheiden bedrag gezien de dertig miljard die de staat nu met het coronaherstelplan uittrekt voor de klimaatmaatregelen.’ De werkgroep was samengesteld uit kringen van de gele hesjes tot conservatief en extreem-rechts. Toch koos de meerderheid voor een sociaal beleid. ‘Het hoorde tot onze opdracht’, erkent hij. ‘Ik denk dat de Fransen als het erop aankomt solidair zijn.’

Een van de belangrijkste voorstellen van het Burgerberaad was ecocide tot misdaad te bestempelen en op te laten nemen in de grondwet, legt Kulitza uit. ‘De president veegde deze ecocide-maatregel met twee andere veto’s, de zogenaamde jokers die hij zichzelf had toegeëigend, direct van tafel. Hij zegde later wel een referendum toe over ecocide, maar dat vereist overeenstemming tussen de Eerste en Tweede Kamer.’ Die kwam er niet. Kulitza pakt de definitieve tekst van het grondwetsartikel erbij. ‘De Republiek “beschermt” in plaats van het door ons voorgestelde “garandeert” het milieu en de biodiversiteit en “neemt maatregelen ten behoeve van” in plaats van “bindt de strijd aan met” de klimaatopwarming.’ Kulitza zucht: ‘Onze formulering houdt een verplichting in en die is volledig afgezwakt.’ Ook de snelheidslimiet op de snelweg tot 110 kilometer per uur om benzine te besparen en minder schade aan de natuur toe te brengen, heeft Macron direct afgeschoten.

Kulitza vervolgt: ‘De media zagen hierin de zoveelste maatregel om de Fransman in zijn rechten te beknotten. We werden weggezet als een stel gekken en Macron haakte daar gretig op in.’ Tot slot verwierp Macron de vier procent dividendbelasting voor grote bedrijven. ‘Een puur politiek besluit. Wat stelt vier procent nu voor? Als Macron de maatregel had geaccepteerd was hij tijdens de pandemie geprezen om zijn vooruitziende blik. De grootste techbedrijven en farmaceuten hebben de meeste winst behaald tijdens de coronacrisis en dividend uitgekeerd terwijl ze staatssteun wegens de coronacrisis hebben ontvangen.’ Toch zullen Kulitza en het Burgerberaad iets van het voorstel terugzien. Begin juli spraken de oeso, de denktank van industrielanden en de G20, het voornemen uit een winstbelasting te heffen van minimaal vijftien procent in het land waar multinationals zaken doen.

Op zijn drie veto’s na beloofde president Macron de andere 146 doorgerekende voorstellen ‘ongefilterd’ naar de Tweede Kamer te sturen. Het pakte anders uit. Uiteindelijk zijn er slechts achttien voorstellen integraal overgenomen, zoals de btw-verlaging op een treinkaartje en het verbod op korte vluchten als er een treinverbinding bestaat van tweeënhalf uur of korter. Ook het verbod op de uitbreiding van vliegvelden en bedrijventerreinen werd geaccepteerd en het verbod op de verhuur van slecht geïsoleerde woningen per 2028. Het parlement heeft voorts 78 plannen afgezwakt, 23 plannen weggestemd en de rest zou al in behandeling zijn dan wel uitgevoerd. Dat laatste gold bijvoorbeeld voor de transitie naar de agro-ecologie via het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid, een EU-programma. De Franse hve-subsidie waar de buurman-boer van Kulitza aanspraak op maakte zou voldoende zijn en op de EU had men geen invloed.

‘We moeten onze republiek een nieuwe ecologische, sociale en democratischefase in laten gaan’

Het terugkerend argument was dat de regering vertrouwde op de zelfregulering van de boeren. Ook de belasting op het overmatig gebruik van nitraat dat zou terugvloeien in de schatkist ter stimulering van de ecologische transitie werd om die reden niet aangenomen. Het verbod op pesticiden in 2040 heeft de wet evenmin gehaald. Net als de vermelding van de CO2-uitstootwaarde à la de verplichte voedingswaarde op producten en de bio-voedselcheques voor de laagste inkomens, beide bedacht om de transitie naar de biologische landbouw te bevorderen. Tot slot heeft ook het voorstel om reclame afhankelijk te maken van de mate van uitstoot, dus in het voordeel van eco-producten, het niet gehaald. ‘Macron wilde niet verder gaan dan een verbod op reclame voor fossiele brandstoffen, maar daar wordt helemaal geen reclame voor gemaakt’, aldus Kulitza.

Hij bladert door het vijfhonderd pagina’s tellende rapport van het Burgerparlement vol met handgeschreven aantekeningen in de kantlijn. ‘Onze regering is niet bereid het contact tussen de burger en de overheid te herstellen.’ Kulitza zet zich sinds zijn deelname aan het Burgerforum in om de Rhône tot rechtspersoon te maken en is actief voor een lokale groene partij in zijn regio. Toch vreest hij dat de linkse en groene partijen volgend jaar niet de krachten zullen bundelen om met één kandidaat de verkiezingen in te gaan, en dus kansloos zijn. ‘Ik zet liever in op Mathilde Imer die met haar nieuwe beweging met een linkse kandidaat, gekozen door het volk, de presidentsverkiezingen wil winnen.’

Mathilde Imer over de ‘kandidaat van het volk’: ‘Als we met twee miljoen zijn, móeten de politici wel naar ons luisteren.’ Parijs, 12 juni © Thomas Doebele

De publieke omroep France 2 herdacht op 11 mei de verkiezingen van mei 1981, toen de socialist François Mitterrand tot president werd gekozen nadat hij links Frankrijk inclusief de communisten had weten te verenigen. Even waaide er een sociaal-democratische wind door Frankrijk. Tijdens een rondetafelgesprek in de studio na afloop moesten de verzamelde socialisten van het eerste uur erkennen dat hun huidige partijleider op niet meer dan zes procent van het Franse electoraat kon rekenen. Overigens, zo werd zwakjes opgemerkt, had politiek rechts ook grote moeite een geschikte leider te vinden voor de presidentsverkiezingen van volgend jaar. Wat te doen om het tij te keren?

De redactie had de vraag voorbereid. Het liep tegen middernacht toen een stralende Mathilde Imer (31) via Zoom in de studio verscheen, gekleed in een eenvoudig streeptruitje en zonder make-up, zo anders dan de modieuze, volledig geschminkte dames die doorgaans op het Franse scherm verschijnen. De medeorganisator van de Burgerconventie voor het Klimaat hield een kort en krachtig betoog over haar juist opgerichte beweging, ‘geen politieke partij!’, de primaire populaire, de kandidaat van het volk. Onder het motto ‘2022 of nooit’ wil Imer hoop bieden aan het linkse electoraat dat tijdens de presidentsverkiezingen volgend jaar buiten Macron en Le Pen – een duel tussen het neoliberalisme en de vreemdelingenhaat – nergens terecht kan. ‘Links slaagt er niet in zich te verenigen, wij gaan dat voor ze doen’, zei ze. ‘Ons tienpuntenplan, gebaseerd op de overeenkomsten tussen links en groen, zal vanuit de burgermaatschappij een enorme beweging creëren en een lijsstrekker kiezen uit linkse of groene hoek die zich graag zal losmaken van zijn partij om zich voor ons verkiesbaar te stellen als presidentskandidaat.’ Zo snel als Imer virtueel was binnengekomen, zo snel was ze weer verdwenen, een tafelgezelschap achterlatend dat meer dan aangenaam verrast, zelfs opgelucht reageerde. De geesten leken rijp voor deze politieke frisse wind.

Even voor het tijdstip van onze afspraak op een terras in Montparnasse stuurt ze verschillende sms-berichten: ‘Het wordt een half uurtje later’, ‘Ik zit nog in de metro’ en ‘Ik heb de verkeerde metro-uitgang genomen, maar kom er zo aan’. En dan verschijnt ze met een rood hoofd en excuseert zich. ‘Het is druk, het is nu of nooit.’ Haar gedrevenheid vertaalt zich in een snelle, heldere woordenstroom die ze met haar handen nu eens op de tafel roffelend en dan weer in de lucht veelvuldig kracht bij zet. Imer heeft een pijlsnelle carrière in de klimaatproblematiek achter zich. Na de studies biologie, politicologie en internationale betrekkingen begon ze ‘met vrienden’ een klimaatorganisatie en raakte betrokken bij de internationale onderhandelingen over het Verdrag van Parijs uit 2015. ‘De moeizame totstandkoming hiervan deed me inzien dat onze democratie in Frankrijk, maar ook in de rest van Europa, onvoldoende is toegerust om lange-termijnproblemen als milieuvraagstukken en klimaatopwarming op te lossen. Politici zijn gebonden aan een partijprogramma en zitten elkaar in de weg in plaats van de klimaatcrisis aan te pakken. Ze worden gekozen voor vijf jaar, het op lange termijn denken is niet opportuun.’

Tijdens het Burgerberaad voor het Klimaat was Imer medeverantwoordelijk voor de samenstelling van de deelnemers via een lotingsysteem. Ze moesten een representatieve afspiegeling zijn van de Franse samenleving. Hoogopgeleide mannen wilden graag meedoen, de categorie vrouw, ongeschoold en met een minimum inkomen was het lastigst in te vullen, zegt Imer. ‘Ze waren onzeker en moesten eerst overleggen met hun echtgenoot of werkgever. Er zijn duizenden telefoontjes gepleegd om ze te vinden.’

Ook was Imer verantwoordelijk voor het programma en de keuze van een uiteenlopend gezelschap bedrijfsdirecteuren, milieudeskundigen en specialisten die de deelnemers voorlichting zouden geven over de klimaatproblematiek. Ze wantrouwde president Macron vanaf het prille begin. ‘Het Élysée wilde de leiding nemen, waarop we hebben laten vastleggen dat we die zouden delen. Bovendien eisten we het lotingsysteem en de toezegging van Macron dat hij zich zou verbinden aan de voorstellen.’ De president ging akkoord, bevestigt ze schamper. ‘Het was een mooi project naar buiten toe om te laten zien dat hij aan democratie en klimaat wilde doen.’

Afspraak na afspraak bracht Imer consequent onder de aandacht van de pers, ‘zodat de regering ons niet te pakken kon nemen’. Uiteindelijk is dat tot haar grote spijt toch gebeurd. ‘We hebben bewezen dat door het lot gekozen burgers geëngageerd kunnen raken en ambitieuze en sociaal verantwoorde wetsvoorstellen kunnen samenstellen voor de complexe klimaatkwestie. Macron heeft al dat werk tot de grond toe afgebroken. De huidige ontwerpwet is nul, een slechte grap.’ Ze heeft het er niet bij laten zitten. De primaire populaire, de lijsttrekker gekozen door het volk, moet het Franse electoraat dat teleurgesteld is in de regering-Macron en alle aanhangers van de linkse partijen die niet in staat zijn gezamenlijk op te treden nieuwe kansen bieden. Uit onderzoek blijkt dat de burger linkse samenwerking gewenst acht en aangezien links dat weigert, moet de burger politici hiertoe dwingen, stelt Imer. ‘We hebben een tienpuntenplan waarin de participatieve democratie is opgenomen, een versnelde ecologische transitie en een fikse winstbelasting voor de grote bedrijven om de sociale ongelijkheid in onze samenleving op te heffen.’

Cyril Dion en tal van intellectuelen, kunstenaars, economen, invloedrijke Fransen en milieuorganisaties hebben al toegezegd hun netwerken te activeren en via de website kan de kiezer zelf een gewenste kandidaat voorstellen, vervolgt Imer opgewekt. ‘Zodra er driehonderdduizend steunbetuigingen binnen zijn, zetten we op onze site alle presidentskandidaten die het best onze voorstellen ten uitvoer kunnen brengen.’

Tot de mogelijke kandidaten horen volgens Imer de socialistische burgemeester van Parijs Anne Hidalgo, voorman van de linkse partij La France insoumise Jean-Luc Mélenchon, en Yannick Jadot, europarlementariër voor Europe Écologie-Les Verts. ‘Vóór oktober moet er met meerderheid van stemmen – online en fysiek – één lijsttrekker worden gekozen. In plaats van één persoon te kiezen uit de huidige twaalf kandidaten, vragen we een waardering die kan variëren van slecht tot uitstekend met alle nuances daartussen. Op basis van een gemiddelde waardering komen we tot de meest bevredigende kandidaat voor zoveel mogelijk mensen. Meestal kiezen mensen voor de minst slechte, bij ons voor de beste. Als we met twee miljoen zijn, móeten de politici wel naar ons luisteren.’ Jean-Luc Mélenchon heeft vooralsnog geweigerd, de anderen hebben zich nog niet uitgesproken, erkent Imer. Toch is ze zeker van haar zaak. ‘Als zoveel mensen druk op de gekozen kandidaat uitoefenen, kan deze de kandidatuur niet weigeren.’

Mathilde Imer ambieert geen politieke rol voor zichzelf. ‘Mijn rol is onderzoeken en vernieuwen zoals het Burgerberaad voor het Klimaat of nu de primaire populaire. Ik wil liever processen voorstellen die de democratie nieuw leven inblazen en burgers die nu ver van de politiek afstaan weer zin geven hieraan deel te nemen.’ Ze lacht vol vertrouwen en klapt in haar handen: ‘Zodra in oktober de beste vertegenwoordiger van onze ideeën is gekozen en zich officieel als presidentskandidaat heeft gemeld, ben ik klaar. Dan ga ik naar het platteland en thuis lekker in mijn eigen bed slapen.’

Tijdens de regionale verkiezingen eind juni bracht slechts één op de drie Franse kiesgerechtigden zijn stem uit en ging de partij van president Macron La République En Marche net als het Rassemblement National van Marine Le Pen onderuit. Cyril Dion reageerde samen met mede-initiator van de gele hesjes, Priscillia Ludosky, en enkele juristen, economen en klimaatwetenschappers onmiddellijk met een opiniestuk in Le Monde. ‘Het huidige politieke aanbod staat ver af van de verwachtingen van de overgrote meerderheid van de bevolking.’ Een primaire populaire, een lijsttrekker gekozen door het volk, biedt de oplossing. ‘We moeten onze republiek een nieuwe ecologische, sociale en democratische fase in laten gaan.’ De teller van de primaire populaire nadert inmiddels de 65.000.

De Franse Raad van State bekrachtigde op 1 juli het vonnis dat de Franse regering faalt in de bescherming van haar bevolking en op straffe van boetes vóór 22 maart 2022, één maand voor de presidentsverkiezingen, adequate maatregelen moet nemen om de klimaatdoelen te halen. De rigoureuze plannen van de EU voor een reductie van 55 procent CO2-uitstoot in 2030 – ambitieuzer dan de Franse veertig procent – en een zelfs klimaatneutraal Europa in 2050 gingen daar nog eens overheen.

Vrijwel tegelijkertijd bereikten de Franse Eerste en Tweede Kamer een akkoord over de Klimaatwet. Doorstond het wetsvoorstel in de Tweede Kamer al niet de toets van de klimaatdoelen van Parijs, na behandeling door de Senaat zijn de voorstellen van het Burgerparlement nog verder afgezwakt. Toen vorig jaar de Amazone brandde, verklaarde president Macron nog dat de crime d’écocide opgenomen moest worden in het internationaal recht zodat het Internationaal Strafhof regeringsleiders verantwoordelijk kan stellen. In eigen land is in de nieuwe Klimaatwet het toebrengen van schade aan het milieu gereduceerd van ‘misdaad’ tot ‘overtreding’.

Achteraf gezien bleek het een één-tweetje tussen president Macron en de Eerste Kamer. Als de ecocide-maatregel in de grondwet was aangenomen, had de president zich aan het door hem toegezegde referendum over de ecocide moeten houden. Het mogelijke ja-woord van het Franse volk had voor Macron en zijn ultra-liberale achterban, met de presidentsverkiezingen van 2022 in zicht, politieke zelfmoord kunnen betekenen. Dat was ook de vrees van de senatoren en hun rechts-conservatieve achterban. Hoewel de president beide Kamers al had ingedekt: procedureel was het niet haalbaar geweest de volksraadpleging vóór het einde van zijn mandaat, volgend jaar april, te laten plaatsvinden.

En zo werd op 20 juli de tot aan de Raad van State toe bekritiseerde Klimaatwet door de Franse regering met een ruime meerderheid aangenomen. Het Internationaal Energieagentschap waarschuwde diezelfde dag dat de wereldwijde CO2-uitstoot in 2023 een nieuw recordniveau zal bereiken.


Deze publicatie kwam tot stand met steun van het Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten.