Buitenland

Macrons Europa

‘Wat zegt u nu?’ Dat was de reactie van de Franse president François Mitterrand op een uiteenzetting van Hans van den Broek in de zomer van 1991. De Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken had net een exposé gegeven over de toekomst van de Europese integratie. Hij had uitgelegd dat Nederland er een groot voorstander van was om de ‘gemeenschapsinstituties’, de Europese Commissie en het Europees Parlement, danig te versterken. Europa bevond zich in de aanloop naar de onderhandelingen over het Verdrag van Maastricht, en Nederland vervulde het halfjaarlijkse voorzitterschap van de EG.

Van den Broek was op zoek naar Franse steun voor de Nederlandse pro-Europese agenda. De reactie van de Franse president daarop werd echter nog verrassender. Mitterrand vervolgde met de woorden: ‘De Commissie is nul, het Parlement is nul, en nul plus nul is nul.’ Mocht de stijlfiguur van de retorische vraag een stapje subtiliteit te ver zijn voor zijn Hollandse gast, dan was het gevaar van misverstand nu uit de weg. Dat was buiten de Hollandse plaat voor het hoofd gerekend als het gaat om Franse ideeën, maar dit terzijde.

Cruciaal was Mitterrands dedain over het supranationale Europa. Voor een Franse president is Brussel nu eenmaal op z’n best een banlieue van Parijs. Emmanuel Macron plaatst zijn Europese politiek nadrukkelijk in de traditie van Mitterrand: pro-Europees, gericht op de Frans-Duitse as en een muntunie rond die as. Maar net als Mitterrand stelt ook Macron zijn pro-Europese politiek in het licht van het gaullistische concept van het ‘Europa van staten’. Dit betekent dat de echte politiek in Europa voorbehouden moet blijven aan de lidstaten, Frankrijk en Duitsland voorop.

Macron geeft deze Franse visie nu een extra dimensie. Er is geen regeringsleider zo pro-Europees als hij. Macron won de Franse verkiezingen op de tonen van de Negende symfonie van Beethoven. Maar hij heeft tegelijkertijd de ambitie om een heel traditionele president zijn, verantwoordelijk voor verbeelding, ideeënstrijd, mission civilisatrice en mythes, als een briljante zoon en patriarch van la grande Nation ineen. In zijn Europese politiek betekent dit dat hij ervoor past om zijn En Marche! te verbinden aan de dominante krachten in het Europees Parlement en de Europese Commissie.

Macron kan de Brusselse instituties maken of breken

Allemaal zijn ze al bij Macron langs geweest, de politieke families uit het midden van het Europees Parlement, en meer dan eens om om zijn hand te vragen. Alles proberen ze, van heldere klaroenstoten in de internationale media om hem te verwelkomen in de familie (zoals alde-voorman Guy Verhofstadt bluffend deed) tot bedelende stille diplomatie (waarvan de voormannen van de christen-democraten achter de schermen een hele serie maken). Alle avances krijgen echter dezelfde reactie van de Europese prima donna: een koude schouder. Dit hakt erin.

Macrons Europese ongenaakbaarheid tast de geloofwaardigheid van het Europees Parlement aan, terwijl deze door de lage opkomstcijfers al hoogst problematisch is. En zij maakt het nieuwbakken systeem van Spitzenkandidaten belachelijk. Via dat systeem claimt de ‘lijsttrekker’ van de winnende partij in de EP-verkiezingen het voorzitterschap van de Europese Commissie. In 2014 parachuteerde dit systeem de destijds net uitgerangeerde christen-democraat Jean-Claude Juncker, de Europese gevestigde orde bij uitstek, in de stoel van Commissie-voorzitter. Dat zegt veel.

Voor de uitvoering van 2019 staan mastodonten als Michel Barnier in de coulissen. Maar als Macron geen van de Spitzenkandidaten gaat steunen, is zowel Commissie als Parlement al voor de aanvang van hun nieuwe termijn vleugellam. De Franse president heeft op dit moment immers geen concurrentie als het gaat om de rol van Europese Hoffnungsträger, of het moet een Nederlander zonder Hollandse plaat voor het hoofd zijn.

Macron kan de Brusselse instituties maken of breken. In het licht van de hulpeloze positie van zijn voorganger is dat een Houdini-act. Door hun eigen uitvinding van Spitzenkandidaten hebben Parlement en Commissie hun lot in handen gelegd van de Franse president. Die kan hen redden, maar alleen op zijn voorwaarden. Hij kan hen ook laten spartelen in toenemende politieke irrelevantie, en ook dat past prima in zijn Europese politiek. Het is aan hen. Macron ligt op koers. In het Europa van de instituties komt de genade weer uit Parijs. Nu de euro nog.