Madonna (1)

In hun boek Madonna: De vele gezichten van een popster beweren Hannah Bosma en Patricia Pisters grosso modo hetzelfde - over Madonna’s vermenging van ‘lage’ en ‘hoge’ cultuur, over de seksuele rolverwis selingen in haar clips, over het feministi sche gehalte van haar imago en videoclips - als wat ik in 1991 en 1993 in Vrij Nederland en in 1995 in Het Parool heb geschreven.

Dat kan gebeuren. Bosma en Pisters kunnen ervoor hebben gekozen om hun boek op te bouwen rond dezelfde thema’s als ik deed in mijn artikelen. Maar ik keek op toen ik ook op zinsniveau beweringen, indukken en conclusies terugzag die wel heel erg leken op de mijne. Ik laat daar niet het p-woord op los, maar een luie manier van schrijven is het wel. Wonderlijk genoeg namen de schrijfsters achter in hun boek een bibliografie op met daarin vrijwel alles wat er in de jaren negentig over Madonna is geschreven, echter met uitsluiting van mijn drie artikelen. Gezien de wel heel makkelijk op te sporen parafraseringen uit mijn artikelen is dat een wat knullige poging om te verhullen uit welke vijver ze hebben gevist. Bij monde van hun redacteur ontkenden Bosma en Pisters dat zij die artikelen van mij ooit hadden gelezen. Later meldde dezelfde redacteur dat de schrijfsters die artikelen alsnog hadden opgezocht en gele zen. Hun reactie: indien ze hadden geweten van het bestaan ervan, hadden ze er in hun boek zeker melding van gemaakt. Dat was drie weken geleden. Maar hé, in hun brief aan De Groene Amsterdammer van 16 juni beweren Pis ters en Bosma dat ik in mijn artikel van 1991 ‘blijkbaar’ zou hebben gerept over Madonna’s idool, Jezus Christus. Hoezo, 'blijkbaar’? Ze hadden die artikelen nu toch wél gelezen? Of is het nu hun redac teur die daarover liegt? Nu zij in hun brief aan De Groene met kennelijk gemak voorwenden dat ze mijn artikelen nog steeds niet onder ogen heb ben gehad, terwijl hun redacteur inmiddels het tegendeel heeft beweerd, wekken Bos ma en Pisters sterker dan voorheen de indruk dat zij met datzelfde gemak en dezelfde leugenachtigheid te werk zijn gegaan bij het maken van hun boek.