Mallotig

Gelukkig gebeuren er ‘s zomers ook mallotige dingen, zodat ik niet in angst hoef te zitten over een tekort aan onderwerpen om me over op te winden. Neem nu de voorstellen die eraan komen ten aanzien van het vissen met een hengel. In de toekomst mag er niet meer met levend aas gevist worden. Goed zo, denk ik dan. Maar nee, er mag niet meer met levende aasvisjes gevist worden. Die komen daardoor namelijk - het stond er echt zo - in de stress.

Er mag dus nog wel met wormen, met van die witte friemelende klonten, hoe heten ze nou ook al weer, gevist worden. Ik zweer u dat iemand me uit zal gaan leggen dat wetenschappelijk onderzoek heeft uitgewezen dat aasvisjes wel last hebben van stress, maar wormen niet. Bespottelijk. En wat te denken van vissen in het algemeen? Hebben karpers geen last van stress als er op ze gevist wordt? En al die andere stakkers? Met vreselijke wonden teruggegooid, is dat leuk? Opgegeten worden, is dat aardig? Maar duizenden vissen per dag voeren aan dolfijnen, dierentuin-penguins en wie eet er nog meer vis, dat mag wel.
Vissen moet verboden worden. Dan ontdekt op een gegeven moment een kind dat je een stukje brood aan een haakje kunt doen en dat je dan afwisselend een oude schoen en een visje ophaalt. Dat visje neem je dan trots mee naar je moeder, die het voor je bakt. Dan eet je het zelf op en je ontdekt dat het smerig smaakt, zoals de meeste vissen. Zo ben ik ook begonnen als kind. Ik had de zegen van een ouder broertje die mij leerde om dat brood aan dat haakje te doen, net zoals hij mij leerde om een kristalontvangertje te maken, in ruil waarvoor ik hem heb leren breien.
Stiekem onder de dekens met een kristalradiootje en een zaklantaarntje en dan ook nog lezen, heerlijk. Net zo heerlijk als kersen op sap bij je grootmoeder op zondagmiddag.