Video van de Week

Man van ijzer

Het is nogal narcistisch om jezelf te citeren, maar vorige week schreef ik in het artikel De dood van Captain America over de culturele waarde van striphelden: “In de academische discussie over cultureel imperialisme zijn film- en striphelden stukjes van wat politicoloog Joseph Nye ‘Soft Power’ noemt, hapklare brokken consumptiecultuur, wiens impliciete boodschap stilletjes de fragiele kinderziel overwint, en zo onze cultuur verovert. Het sluit aan op de bekende theorie van de sociale wetenschapper Geert Hofstede: we moeten cultuur zien als een ui, een kern met schillen er omheen. In de kern zitten onze onveranderbare waarden, maar de drie schillen – symbolen, rituelen en helden – kunnen wel degelijk beïnvloed worden. En dat gebeurt, zeker als het om helden gaat. Serveert Hollywood ons niet elke keer dat we naar de bioscoop gaan voorverpakte, doelgroepgeteste hoofdpersonen, die keurig de normen en waarden van de samenleving representeren? Strijden de striphelden niet altijd voor hetzelfde Amerikaanse ideaal?

Comics zijn te interpreteren als graadmeter van de manier waarop Amerikanen naar zichzelf kijken, en de superhelden zijn daarvan de ideële exponent.”

Neem in dit kader Tony Stark. Hij is de belichaming van de American Dream: hij heeft met zijn eigen handen een industrieel miljardenbedrijf opgezet. Hij is cool, gevat, ironisch, maar onder die postmoderne schil schuilt een oprechte good guy die besluit zijn eigen middelen aan te wenden om de dreiging van het kwade te lijf te gaan. Hij meet zichzelf een ultramodern metalen kostuum aan en de vigilante is geboren: Iron Man. Wat is de parallel? Zit er in de ideële Amerikaan genoeg zelfbewustzijn om over het sarcastische hedonisme heen te stappen en zich in te zetten voor de goede zaak? Tony Start geeft het goede voorbeeld.

Woensdag gaat de nieuwste stripverfilming, Iron Man, in wereldpremière in Den Haag. Bij deze de trailer.