Marcus bakker

Volgens Marcus Bakker (in De Groene van 5 mei) ben ik iemand die ‘nog smeriger’ is dan de ‘smeerlapperij’ van de BVD omdat ik in mijn geschiedschrijving van de CPN ‘de conclusies uit BVD-rapporten’ tot de mijne zou maken. Dit is een kwaadaardige maar bovenal een domme opmerking. Een heel domme zelfs, en dat om meer dan één reden.

Voor zover mijn publicaties Dwars, duivels en dromend: De geschiedenis van de CPN 1938-1991 (Balans, 1995) en De CPN en de Raad van Verzet (Riod, 1996) conclusies bevatten over de CPN-historie, zal men die nu juist niet vinden in rapporten die historici bij de BVD kunnen inzien (maar volgens Bakker blijkbaar niet zouden moeten lezen of bij voorbaat als smeerlapperij moeten afwijzen). Mijn boek is gebaseerd op gegevens en niet op conclusies van anderen. En niet BVD-rapporten waren mijn voornaamste bronnen, maar de vele interviews met bestuurders en oud-bestuurders van de CPN, en de archieven van de CPN, de communistische partijen van de Sovjetunie en de DDR, de Nederlandse vakbeweging en dergelijke. Bij de voorbereiding van mijn boek heb ik een aantal gesprekken gehad met Marcus Bakker over de periode waarin hij een belangrijke rol in de leiding van de partij heeft gespeeld. Alle passages in het boek waarin hij zelf voorkomt of waar hij een bron van mijn kennis is, heb ik hem toegezonden voor ik het manuscript naar de uitgever bracht. Hij kreeg alle gelegenheid kritisch commentaar te leveren, maar ging zonder kritiek akkoord met de teksten. Op de dag van verschijnen heeft Bakker meteen een aantal exemplaren gekocht. Vier jaar later meent hij zijn vertrek uit GroenLinks te moeten vieren met ouderwetse verdachtmakingen. Het zal wel geen zin meer hebben te verwachten dat Bakker ooit nog eens uitlegt wat hij bij zichzelf en bij anderen wel en niet onder smeerlapperij belieft te verstaan. Amsterdam, GER VERRIPS