María Amelia Lopez23 december 1911 – 20 mei 2009

Ze zat niet, zoals zoveel leeftijdgenoten deden, achter de clavelitos te wachten op haar dood. Ze was het liefst op internet. Even was María Amelia Lopez de oudste blogger ter wereld.

VAN MEXICO TOT JAPAN, van China tot de Verenigde Staten, van Rusland tot de Arabische Emiraten – wereldwijd haalde de dood van María Amelia Lopez televisie en krant. María Amelia Lopez was een doodgewone Spaanse dame, in 1911 geboren in het kustplaatsje Muxía, in de provincie Galicië, waar ze haar hele leven is blijven wonen. Ze maakte de Spaanse burgeroorlog mee, was tegen Franco en voorstander van het socialisme. Ze woonde met haar kleinzoon van 35. ‘Ik ben een gewone vrouw, niks speciaals’, zei ze in 2007 in een tv-interview voor de internationale nieuwsleverancier Reuters.
En toch was ze bijzonder, want na de dood van de 108-jarige Australische betovergrootmoeder Olive Riley in juni 2008 was ze de oudste blogger ter wereld. Op haar 95ste verjaardag, op 23 december 2006, kreeg ze als cadeautje van kleinzoon Daniel een website en maakte ze haar debuut in cyberspace. Ze bereikte in een paar maanden waar miljoenen jongeren van dromen: ze trok duizenden bezoekers; al in 2007 werd haar site door een Duitse televisiezender uitgeroepen tot beste Spaanse blog. Na verloop van tijd bezochten maandelijks meer dan vijftigduizend mensen haar weblog. En in het spoor daarvan werd ze door interviewers van over de hele wereld bezocht.
Vorig jaar probeerde Sarah Boxer, samensteller van het boek Ultimate Blogs: Masterworks from the Wild Web, in The New York Review of Books, het geheim voor een succesvol blog te ontrafelen. Volgens haar, conservatieve, schatting bestaan er meer dan honderd miljoen blogs (sommige internetoptimisten komen op bijna het dubbele aantal uit), waarvan vijftien miljoen actief. Op internet valt te vinden dat er dagelijks ruim honderdduizend nieuwe blogs worden begonnen; per dag worden zo’n anderhalf miljoen berichten gepost, per uur ongeveer zestigduizend. Elke sport, elke hobby, elke orkaan, elke oorlog brengt, aldus Boxer, een roedel bloggers op de been. Het internet heet het meest democratische medium te zijn dat er bestaat, het is ook het grootste massagraf. Wie niet wordt opgemerkt, bestaat niet in deze democratie. En dus wordt alles ingezet – de meest flagrante zelfonthulling, de vuigste roddel, de pikantste seks – om maar niet onopgemerkt te blijven.
Het wonderlijke is dat hiervan niets is terug te vinden bij María Amelia Lopez. Haar berichten waren charmant, wijs, geestig, levendig. Misschien is lief zelfs het beste woord ervoor; haar lezers noemden haar niet voor niets liefkozend ‘omaatje’. Aan één van Sarah Boxers wetten voor internetsucces voldeed haar blog wel: het had een losse, associatieve praattoon. Kijk maar hoe ze haar blog begon: ‘Amigos de Internet, hoy cumplo 95 años. Me llamo María Amelia y nací en Muxía (A Coruña) el 23 de Diciembre de 1911.’ ‘Internetvrienden. Ik ben 95. Ik heet María Amelia en ben geboren in Muxía…’ Ze dicteerde haar berichten dan ook aan haar kleinzoon. ‘Het is’, vertelde ze, ‘alsof je een gesprek hebt, en de mensen die lezen wat ik zeg worden mijn vrienden.’
María Amelia Lopez praatte tegen haar ‘vrienden’ over haar jeugd en over leven in de dictatuur van Franco. Ze herinnerde zich de verschrikkingen van de burgeroorlog, hoe haar broer op zijn zestiende naar het front werd gestuurd en met een been minder terugkwam. Ze praatte over oud zijn, pijntjes, duizelingen en doktersbezoek. Maar ook over politiek, rechten voor ouderen en minirokjes (‘Een minirok met een mooi paar benen – daar hou ik van. Maar je moet er wel de goede benen voor hebben’). Ze had het over de nucleaire ambities van Iran en sprak de Spaanse premier Zapatero bemoedigend toe over zijn gevecht met de ETA: ‘U deed wat u kon, maar het is heel ingewikkeld.’ Zapatero schreef ook naar haar site en nodigde haar uit.
Ze was, liet ze meermaals weten, ‘verslaafd aan internet’. Haar liefde voor het wereldwijde web is een van de ontroerendste aspecten van haar blog. Terwijl de wereld voor oude mensen steeds kleiner wordt, werd haar wereld dankzij internet alleen maar groter. Ze was mordicus tegen bejaardentehuizen (‘Ik verwijt de kinderen dat ze hun oude ouders niet willen helpen’), omdat ze de ouden van dagen volgens een ‘doe-niets en wacht-tot-je-sterft’-filosofie tegenover de televisie hun laatste tijd laten verdutten. Bejaardentehuizen zouden al hun cliënten in plaats daarvan internet moeten geven, opdat ze geïnformeerd blijven. ‘We moeten leven’, vond ze. ‘Niet in een leunstoel op de dood wachten.’ Het internet had haar, verklaarde ze, in ieder geval twintig jaar jonger gemaakt.
Toen Peter Merholz in 1999 voor de grap varieerde op het woord weblog met we blog werd niet alleen de afkorting ‘blog’ geboren, het was ook een uitspraak met voorspellende waarde. Ik blog, jij blogt, wij bloggen, iedereen blogt. Of zoals een zomerhitje op YouTube luidde: To blog or not to blog, that’s the question. Internet is een medium dat opgetrokken lijkt rond het eigen ego.
Die egomanie kan knap irritant zijn. Vaak wordt gememoreerd dat internet een schatkamer van kennis is, maar dat het in het persoonlijk gebruik het slechtste in mensen naar boven haalt. Het web is het paradijs voor exhibitionisten. Het is er, voor de mensen die de remmen eens goed los willen laten, tegelijkertijd permanent gemaskerd bal. Anoniem kunnen ze de meest vunzige haatberichten rondslingeren.
Maar ook als het om die persoonlijke kant gaat, is internet meer dan een open riool. Naast H.J.A. Hoflands ‘briesende huismussen’, die vanachter hun computer hun verwensingen de wereld in sturen, zijn er op het net ook mensen op zoek naar oprechte huiselijkheid. Dat bewijst het succes van María Amelia Lopez, ideale oma voor iedereen. Zoals zijzelf in een van haar laatste berichten opmerkte: ‘Als ik op het internet ben, vergeet ik mijn ziekte. Het maakt het hoofd wakker en geeft grote kracht. Omdat het me minder eenzaam maakt, alsof ik aan het praten ben met een vriend.’
(Voor de website van María Amelia Lopez zie: www.amis95.blogspot.com)