Raymond van den Boogaard, Mijn lieve ouders (Prometheus).

Bijna uit. Mooie recapitulatie van een huwelijk en een gezinsleven. Ik begon het te lezen omdat ik de titel zo intrigerend vond; ik hou ervan als iemand zijn ouders lief vindt. Maar ik had natuurlijk kunnen weten dat die titel ironie is. De auteur schrijft heel sec over de ontsnappingsroutes die zijn ouders bewandelden om aan elkaar te ontkomen. In het begin merkt hij op dat het zo'n geheim is hoe je ouders waren voor jij geboren werd. Ik vind het juist zo'n geheim hoe ze waren toen je er was.

Lydia Davis, Bezoek aan haar man en andere verhalen. (uitgeverij Atlas, vertaald door Peter Bergsma)

‘Echt iets voor jou’, zei iemand tegen me. Waarschijnlijk ook om me over een drempel heen te helpen. Verhalen? En dan ook nog eens ultrakorte? Het eerste verhaal, ‘Verhaal’ getiteld, is echter meteen in de roos. Geweldige beginzin, waarin alles onmiddellijk op scherp wordt gezet: ‘Ik kom thuis van mijn werk en er is een boodschap van hem: dat hij niet komt, dat hij het druk heeft.’ Geen vrouwelijk slachtofferproza dat hierop volgt, maar een griezelig precieze vivisectie op het gedraai, de leugentjes en de wanhoop van een aflopende relatie. Toch jammer dat het na drie bladzijden ophoudt. Wel een handige omvang voor het slapen gaan.

Bernhard Schlink, Zomerleugens (uitgeverij Cossee, vertaald door Nelleke van Maaren)

Ligt al heel lang naast mijn bed, tot ik aan Lydia Davis begon las ik er trouw iedere avond in. Wat langere verhalen, over leugenaars die zich steeds dieper in de nesten werken. Ik houd wel van Schlinks droefgeestige manier van vertellen, al zou je zijn bedaagde vertellers ook af en toe een schop willen geven.

Matthijs Kleyn, Vita. (Prometheus) Net uit. Het begon heel goed, zozeer dat ik dacht er wel een bespreking aan te kunnen wijden, maar de tweede helft viel tegen. Het gaat over een jong stel, waarvan het meisje dood wil. De jongen houdt zoveel van haar dat hij haar helpt te sterven. De verliefdheid, het tastende begin van een nieuwe relatie, wordt heel mooi en aanlokkelijk beschreven. Maar het meisje wordt al snel oervervelend. Dan gaat het ook irriteren dat die jongen de hele tijd maar met haar meeleeft. Why?? En wat is er eigenlijk met haar aan de hand, behalve dat haar lichaam kennelijk nooit volgroeid is? De schrijfstijl is te vlak om het verhaal uit de drek te trekken.