Marja Pruis leest…

…altijd meer dan ze kan of wil bespreken. Op de website van De Groene doet ze verslag van haar bevindingen en overwegingen bij de boeken die ze leest.

Medium 1

Gijs Groenteman, Ischa. Verhalen van verwanten, vrienden en vrouwen. Prometheus 2005

Dat is het voordeel van een Openbare Bibliotheek. Je zoekt iets, en stuit op iets anders. Ik kom zo'n twee keer per week in de bibliotheek, die pal naast Broese ligt aan de Oude Gracht. Vroeger nog vaker, met de kinderen. Het is er altijd heel druk. Mensen lezen de krant, drinken er koffie, zitten te internetten, lopen er rond. Eigenlijk de hotste spot van Utrecht, laagdrempelig bovendien. Wel een stomme ontwikkeling: dat er nu speciale afdelingen ‘romantiek’ en 'thrillers’ zijn gemaakt bij de romans. Wat is de restcategorie? 'Zonder clou of happy end’? Ik zocht een memoir van A.M. Homes en stuitte op Ischa, een oral history bij wijze van biografisch portret. De vorm interesseerde me, omdat ik zelf ook bezig ben een soort biografisch portret te schrijven, en veel gebruik maak van persoonlijke getuigenissen. Hoe verwerk je die? Gijs Groenteman heeft het op de meest secce manier gedaan : alleen maar quotes, ingedeeld naar periode. Alle citaten zijn te herleiden tot de persoon die ze uitspreekt, achterin is een verklarende personenlijst opgenomen. Maar veel mensen 'ken’ je gewoon wel: Connie Palmen, Jenny Arean, Adriaan van Dis, Olga Zuiderhoek. O ja, en Matthijs van Nieuwkerk, nog vóór z'n DWDD-bekendheid. Het boek is tenslotte alweer zeven jaar oud. Ik vond het fascinerend. Heb keihard gelachen, en was ook van tijd tot tijd oprecht ontroerd. Voor iemand die zo'n 'gecompartimentaliseerd bestaan’ (probeer dat maar ’s hardop te zeggen) leidde als Ischa Meijer, zoals een van zijn beste vrienden Arend Jan Heerma van Voss het definieert, lijkt deze bonte mengeling van elkaar soms tegensprekende observaties de perfecte manier om zijn gestalte in ieder geval te benáderen. Zou iemand nog wel ’s zin hebben een 'echte’ biografie van hem te schrijven? Het hoeft denk ik niet. Ik heb het idee dat ik na dit boek wel al heel veel weet. Misschien mis ik nog een beetje de blik van de buitenstaander. Alle bronnen die in dit boek aan het woord komen zijn belanghebbenden. Ze hadden een liefdesrelatie met hem, waren bevriend, collega, zoon, broer. Iedereen reageert vanuit zijn eigen straatje. Het levert in ieder geval de prachtigste verhalen op. En uiteindelijk ook wel een consistent beeld. Van een man die beschadigd werd door zijn ouders. Die op hun beurt beschadigd werden door de oorlog. Het meest analytisch over hem is Connie Palmen: 'Hij zocht in verhoudingen het verbod, om zijn schaamte te kunnen voelen. Dat is, denk ik, een heftig gevoel, dat inwisselbaar is voor liefde, vriendschap of geilheid.’ Het meest liefdevol-missend is Arend Jan Heerma van Voss: 'Tempo, rusteloosheid, niet blijven hangen. Tegen de tijd dat hij weg ging had je zoveel meegemaakt, dat je er met andere visites tot half een mee bezig zou zijn.’ Het meest genadeloos is Jeroen Meijer, de zoon: 'De eindeloze rij vrouwen die Ischa heeft gehad en zijn mateloze leven kun je met een romantische blik bekijken, maar ik heb het altijd nogal slap gevonden.’ Wat mij ervan bij blijft: een man die drie keer per dag onder de douche ging, maar toch de hele dag dacht dat hij stonk. Een pestkop, maar ook iemand met/om wie je heel erg kon lachen. Een interviewer die meteen wist waar de zwakke plek bij zijn gesprekspartner huisde, en ook zijn eigen zwakke plek had ('Hoe was ik? Hoe was ik?’). Een interviewer die wist dat je je niet teveel moet voorbereiden, maar vooral goed moet luisteren. En al die verhalen van al die vrouwen! Wat ze allemaal van hem pikten! Lag hij na zijn eerste hartaanval in het ziekenhuis, zat er alweer een nieuwe vrouw aan zijn bed, en kon zijn officiële vriendin huilend het veld ruimen. Hij moet wel echt erg leuk zijn geweest. Krijg zin om interviews van hem opnieuw te gaan beluisteren/zien.