Marja Pruis leest…

…altijd meer dan ze kan of wil bespreken. Op de website van De Groene doet ze verslag van haar bevindingen en overwegingen bij de boeken die ze leest.

Medium vertrek van station atocha ben lerner

Ben Lerner , Vertrek van station Atocha. Vertaald door Ronald Vlek. Atlas Contact 2012 (oorspronkelijke titel: Leaving the Atocha Station)

Een attente redacteur die had gelezen hoezeer ik gecharmeerd was van een verhaal in de Paris Review van de mij onbekende Amerikaanse schrijver Ben Lerner stuurde me diens debuutroman toe, die vorig jaar in vertaling bij zijn uitgeverij was verschenen. ‘Een vage bel?!’ schreef hij op het begeleidende kaartje. Ik had het moeten weten inderdaad, want nota bene onze eigen Lynn Berger had het al in de Groene besproken toen het in Amerika bij verschijnen (2011) een jubelgang doormaakte. Ik ben niet minder blij dat ik het nu zelf ook heb gelezen, want wat een ontdekking, deze auteur. Klinkt misschien vreemd, maar ik moest denken aan Herman Koch bij het lezen, de vroege Koch zeg maar, de meer compromisloze. Zal ook wel komen omdat de roman in Spanje gesitueerd is, vooral in Madrid, maar ook in Barcelona. Ik herinner me Koch’s Eten met Emma, maar ook zijn Denken aan Bruce Kennedy, als bitterzoete, ironische romans waarin de verteller voortdurend bijna ten onder gaat aan zelfreflectie, onzekerheid en rancune, dit alles in spraakverwarring met zijn omgeving onder de bikkelharde Spaanse zon. Maar goed, Vertrek van station Atocha is ook wel weer heel andere kost, ik kan me alleen niet aan de dwanggedachte onttrekken - en dan houd ik erover op - dat Herman Koch een boek als dit had kúnnen schrijven. Of zou kunnen schrijven, beter nog. Goed, Lerner dus. Hij schrijft het verhaal, de litanie eigenlijk, van de jonge Amerikaanse dichter Adam Gordon die dankzij een prestigieuze beurs een jaarlang in Madrid onderdak krijgt om aan een groot gedicht te werken waarin hij de Spaanse recente geschiedenis geacht wordt te verwerken. Verlamming verzekerd, want Gordon is de eerste om kunst in het algemeen, poëzie in het bijzonder, zijn eigen poëzie nog meer in het bijzonder, ten diepste te wantrouwen. Om zijn opdracht te lijf te kunnen, noemt hij het een onderzoeksproject dat in verschillende fasen opgedeeld kan worden. De eerste fase is dan bijvoorbeeld wakker worden, koffie zetten en een joint draaien. Vooral het roken is een essentieel onderdeel van deze fase, maar ook van de latere fases. Waar Adam verder voornamelijk mee bezig is, is de poëtische ruimte tussen wat hij denkt, zegt en bedoelt zo groot mogelijk te houden. Spaans spreekt hij niet, niet echt, hij verstaat het ook niet, niet echt, zijn nieuwe Spaanse vrienden spreken slecht Engels, of verstaan dat ook niet, en in dat voortdurende gissen over en weer probeert hij zo'n beetje te floreren. Zo samengevat klinkt het wezenloos, maar Lerner’s stijl, cerebraal en slim, is overweldigend, en de manier waarop hij zijn verteller zich werkelijk krankzinnig leugenachtig laat bewegen in de kunstzinnige kringen van Madrid is meesterlijk. In zijn charlatannerie levert Adam spottend en relativerend commentaar op de graagte waarmee kunstkenners en andere types betekenis toekennen aan wat ze zien, ondertussen zich afsluitend voor wat er om de hoek gebeurt. Eigenlijk is dit een soort schelmenroman, ware het niet dat ik dan altijd aan Don Quichot moet denken, of Tijl Uilenspiegel, niet echt mijn helden. Adam Gordon vermaakt, ontroert en is zo buitengewoon grappig. In tijden heb ik niet zo vaak keihard moeten lachen bij het lezen van een boek. Het is verleidelijk om hele stukken voor te lezen, of te citeren. Maar lees het gewoon zelf maar.