Marja Pruis leest

..altijd meer dan ze kan of wil bespreken. Op de website van De Groene doet ze verslag van haar bevindingen en overwegingen bij de boeken die ze leest.

Medium wat heet hoope st aubyn 9789029079655 4 1 image

Edward St Aubyn, Wat heet hoop. Trilogie. Vertaald uit het Engels door Anja van den Tempel en Nicolette Hoekmeijer (Meulenhoff, 2007)

Ik heb het tweede deel van deze trilogie bijna uit, stoom op naar het derde, en dan wacht het separaat verschenen Moedermelk nog op me. Totaal aan verslingerd, aan dit gruwelijke, prachtige proza. In het eerste deel, Laat maar, leren we de vijfjarige Patrick kennen, zijn demonische vader en zijn treurige wrak van een moeder. Instinctief weet Patrick dat hij zich op niemand kan verlaten, maar hij is ook nog te klein om echt dekking te kunnen zoeken. Zijn vader tilt hem aan zijn oren op, om hem weerbaar te maken. En doet ergere dingen met hem. Zijn moeder, op haar manier ook het slachtoffer, vlucht in de alcohol. Is het dan naargeestigheid troef? Dat is het betoverende van het schrijven van St Aubyn. Iedere zin is geladen, maar vaak ook heel geestig. Ik schiet hardop in de lach als ik dit boek lees. Zo vilein en precies als de personages worden beschreven, zo'n gemene binnenwereld heeft iedereen. St Aubyn heeft een heel typische manier om van vertelperspectief te wisselen, eigenlijk denk ik dat hij iets doet wat niet hoort, maar wat het ook is, het werkt.

In het tweede deel, Slecht nieuws, is Patrick een twintiger en een junk. Hij heeft twee missies: scoren en het lijk van zijn vader ophalen in New York. Uiteindelijk loopt hij met een kistje met diens as erin, probeert het kistje wel eens kapot te trappen, maar het hout blijkt best stevig. Het lezen van dit deel is een fysieke ervaring. Dacht ik dat er nooit perverser over het verlangen naar heroïne geschreven/gezongen zou kunnen worden dan door Lou Reed destijds, dit slaat alles. Patrick zuipt, snuift, slikt maar spuit vooral. Eén citaat dan, waarin een door mij nooit vermoede naaldenverslaving zodanig wordt beschreven dat ik het zelf bijna kan navoelen: ‘Was er een betere manier om tegelijkertijd degene te zijn die naait en die wordt genaaid, subject en object, wetenschapper en experiment, in een poging de geest te bevrijden door het lichaam te onderwerpen? Geen enkele andere vorm van zelf-splitsing kon expressiever zijn dan de androgyne koestering van de injectie, de ene arm die de naald in de andere steekt, om de pijn in dienst te stellen van het genot en het genot met geweld weer in dienst van de pijn.’

Moedermelk stond op de shortlist van de Bookerprize, lees ik op de achterflap van deze trilogie. Wat een ontdekking, deze schrijver. Het goede nieuws is dat hij net een nieuwe roman uit heeft in Engeland, die in juli of augustus ook in Nederlandse vertaling uit zal komen. Ik verheug me.