Marja Pruis leest

..altijd meer dan ze kan of wil bespreken. Op de website van De Groene doet ze verslag van haar bevindingen en overwegingen bij de boeken die ze leest.

Medium slaapsters

Yasunari Kawabata, De schone slaapsters. 1961. Van Gennep/Meulenhoff, vertaald door C. Ouwehand

Jammer, in een interview in de Volkskrant geeft de Australische schrijfster/regisseuse Julia Leigh al toe dat haar debuutfilm Sleeping Beauty deels terug te voeren is op De schone slaapsters van Yasunari Kawabata; ik dacht volgende week in het zomernummer van De Groene met onthullende parallellen te komen tussen boek en film. Niet getreurd, ik ga dat evengoed wel doen, want er valt een hoop te zeggen over het eeuwige thema van de slapende schone met wie ‘alles’ gedaan mag worden in haar slaap, behalve gepenetreerd. Bij Kawabata wordt verteld vanuit het perspectief van de oude man, die niets liever wil dan de eenzame hulpeloosheid van zijn oude dag voor één nacht te vergeten door die door te brengen in de nabijheid van een slapende maagd. Ik heb het idee dat die fantasie haar gelijke vindt in een oerfantasie van vrouwen, namelijk om zich in passiviteit te laten nemen. Om er bij wijze van spreken niet helemaal ‘bij’ te zijn. Bij Kawabata, overigens de favoriete schrijver van Patricia de Martelaere, en om die reden al langere tijd object van mijn aandacht, gaat het om de verering van de jonge vrouw als maagd, als symbool van het onaanraakbaar zuivere, reine, en daarom in boeddhistische zin ook verlossing schenkend. Wat ik tot nog toe van de film heb gezien - ik laat ‘m in kleine doses tot mij komen - is Leigh’s interpretatie behoorlijk pervers. Volgende week meer, in het zomernummer dus, dat geheel gewijd zal zijn aan 'het lichaam’.