Marja Pruis leest..

..altijd meer dan ze kan of wil bespreken. Op de website van De Groene doet ze verslag van haar bevindingen en overwegingen bij de boeken die ze leest.

Medium 12778 4f6b27035da51 12778

Marie Darrieussecq, Solange. Uit het Frans vertaald door Mirjam de Veth. Meulenhoff 2012

Marie Darrieussecq is de schrijfster van tamelijk opzienbarende romans als Zeugzoenen, over een vrouw die langzaam in een varken verandert, en De baby, een onorthodoxe fenomenologie van de baby. Tom is dood, haar laatste, veroorzaakte opschudding omdat het over zoiets delicaats als een dood kind ging, terwijl de schrijfster ‘geen recht van spreken had’, misschien zelfs psychisch plagiaat had gepleegd. Ze werd toentertijd, vier jaar geleden, geïnterviewd voor De Groene door Jann Ruyters. Darrieussecq kondigde hierin aan dat haar volgende project ‘iets heel seksueels’ zou zijn, iets dat haar familie maar beter niet kon lezen. Ik verheugde me erop, nog niet vermoedende dat tegen de tijd dat die seksuele roman van haar er was, Solange, ik iedere dag zo'n drie heel seksuele romans van vrouwen op m'n deurmat zou vinden. Was ik niet met verlof geweest, dan had ik er een groter stuk over geschreven, nu werk ik ze dan maar keurig één voor één af. Misschien is het in januari nog actueel om er alsnog beschouwender over te schrijven.

Solange is het klassieke rite de passage-verhaal van het meisje dat geïnitieerd word in de volwassen wereld. De hoofdstuktitels zijn veelzeggend: Het worden; Het doen; Het overdoen. De 15-jarige Solange, opgroeiend in het dorpje Clèves, probeert zich staande te houden op school, in zo'n typisch gemene meiden-groepje waarin klasse, uiterlijk en ‘voorlijkheid’ alles zijn. Ze denkt dat haar vader piloot is, maar wordt uit de droom geholpen door een van die meiden die hem bezig heeft gezien als kruier. Haar moeder werkt in een winkel. Haar omgeving wordt steeds meer seksueel beladen, alles wat ze denkt te zien en te horen vult ze seksueel in, haar borsten groeien, haar lichaam snakt zonder dat ze weet waarnaar.

De kracht van deze roman is dat Darrieussecq heel precies de schimmige, broeierige en afstotende wereld oproept waar je als puber in terecht komt. Seksueel ontwaken gaat met pijn gepaard, bloed en schaamte. Met onmacht, en tegelijkertijd met onverwachte macht.

‘De stompzinnigheid van dit leven, de stompzinnige behoeften van dit lijf, de heisa die het allemaal geeft. Ze stopt haar gezicht in de kom van haar handen, het ruikt naar koude rots en ijzer, het water loopt tussen haar borsten, met die belachelijke vorm. Haar rok is zwaar van het water en plakt tegen haar dijen, en haar schaamheuvel tekent een omgekeerde Y - die dringende aanwezigheid, leeg en tegelijkertijd vol, gulzig en verstopt - is zij de enige die daar zo mee bezig is?’

De eerste keer dat Solange alleen in een slaapkamer is met een jongen, dwingt hij haar hem te pijpen, een scène die bij Darrieussecq grotesk uitpakt, extreem pijnlijk en wranggeestig tegelijkertijd. En dan toch erna wachten tot hij haar belt.

Eerlijk gezegd had ik bij het aangekondigde ‘heel seksuele’ op iets anders gehoopt van Darrieussecq, al weet ik niet zo goed wat. Meer het verhaal van een volwassen vrouw in ieder geval, en niet zo'n toch min of meer bekend coming-of-age-verhaal. De nadrukkelijk literaire vorm waarin de schrijfster dit verhaal heeft gegoten, met witregels tussen zo'n beetje iedere zin, heeft iets van een truc. Iedere mededeling telt. Dat had het toch wel gedaan, daarvoor is Darrieussecq precies en vreemd genoeg. De ambivalentie van Solange, laverend tussen gelatenheid en afgrijzen, wordt erg goed getroffen, net als de manier waarop ze uiteindelijk ‘het heft’ in eigen handen neemt.